De Inlandsche beweging

In document I. TEKST VAN HET VERSLAG VAN BESTUUR EN STAAT VAN NEDERLANDSCH-INDIË OVER (pagina 25-29)

B. DE INWENDIGE POLITIEKE TOESTAND

3. De Inlandsche beweging

Algemeen beeld. I n het jaar 1931 gaf de Inlandsche beweging, in het bij-zonder in hare politieke actie, eene groote verscheidenheid van vormen t e zien. Op de jaarvergaderingen van de vereenigingen Boedi Oetomo en Pasoendan werd de totstandkoming van eene fusie van politieke nationalistische vereenigingen be-pleit, terwijl Pasoendan zich uitsprak voor eene gezamenlijke en krachtige actie op politiek gebied binnen het federatief verband van de P . P . P . K . I . , m a a r er overigens de voorkeur aan gaf als zelfstandige vereeniging t e blijven voortbestaan.

De oprichting van de P a r t a i E a ' j a t Indonesia ( P . E . I . ) op het beginsel van parlementaire samenwerking, de omzetting van de Soerabajasche studieclub in de Persatoean Bangsa Indonesia ( P . B . I . ) , m e t als leider B . Dr. Soetomo, en de oprichting van de P a r t a i Indonesia ( P . I . ) door B . M. Mr. Sartono vielen niet in goede aarde, o m d a t een en ander geschiedde op h e t tijdstip waarop de Partai Nasional Indonesia ( P . N . I . ) hare actie had moeten opschorten, of juist n a d a t zij ontbonden was verklaard.

De P . B . I . ondervond vooral van de zijde der Inlandsche studenten tegen-werking. De beweging in Oost-Java tegen de P . B . I . vond steun in de van Jogja uit gevoerde actie van Islamietische zijde, vooral van de zijde der P a r t a i Sarekat I s l a m Indonesia ( P . S . I . L ) . Deze actie vond onder meer haar oorzaak in een in het vorig Verslag vermeld, voor den I s l a m beleedigend geacht pers-artikel, en werd versterkt door de afwijzende houding van de Soerabajasche groep tegenover de onder leiding van de P . S . L I . ingezette al-Islam actie, waarmede de rehabilitatie van dezen godsdienst en van den Profeet M o h a m m a d of wel de verdediging zijner beleiders tegen onrechtvaardig geachte bejegening werd beoogd.

De P . P . P . K . I . handhaafde zich en wijzigde haar n a a m Permoefakatan (over-leg) in Persatoean (eenheid), terwijl m e n den eisch, dat beslissingen alleen m e t algemeene s t e m m e n k u n n e n "worden genomen, liet vallen en in beginsel a a n n a m , dat beslissingen worden genomen bij meerderheid van s t e m m e n en volgens even-redig stemrecht. Na afloop van het in de eerste dagen van J a n u a r i 1932 gehouden Indonesia Baja-congres, waar een krachtig beroep werd gedaan om de strijdende partijen tot eenheid t e brengen, hebben de tegenstellingen, vooral tusschen de P a r t a i Indonesia en de Golongan Merdika, haar scherp karakter verloren.

E e n gevolg van het P.N.I.-proces kan de, actie worden genoemd, welke zich uitte in het beleggen van protestvergaderingen over geheel J a v a in opdracht van den uitvoerenden raad van de P . P . P . K . I .

Alles t e z a m e n genomen heeft de Inlandsche politieke beweging zich in den loop van het verslagjaar meer naar links georiënteerd. Slechts eene enkele vereeniging, het Moluksche Politiek Verbond, streeft in tegenstelling m e t de bovengenoemde vereenigingen naar eene gelijkwaardige positie voor Nederlandsch-Indië binnen het aanvaard verband der Bijkseenheid.

22 DE STAATKUNDIGE TOESTAND.

De jeugdbeweging geeft, voprzoover — bijv. onder de studenten — haar poli-tiek karakter tot uiting kan komen, in grootere m a t e dan de vrouwenbeweging hetzelfde aspect t e zien als de links georiënteerde groepen uit de politieke ver-eenigingen.

Islamietische actie. Volgens haar beginselprogram is de P a r t a i Sarekat I s l a m Indonesia ( P . S . I . I . ) eene politieke vereeniging, die zich t e n doel stelt den Islam in den meest uitgebreiden zin en zoo volledig mogelijk in toepassing te brengen.

Desondanks vinden Islamietische onderwerpen sedert tal van jaren behandeling in afzonderlijke organisaties, die, op instigatie van de P . S . L I . ontstaan, in veel ruimer kring werken, o m d a t er zich vereenigingen bij aansluiten wier leden op geheel ander gebied werkzaam zijn. Onder die organisaties k u n n e n genoemd worden de M o e ' t a m a r al-Alam al-Islami far'al H i n d asj-Sjarkijjah en de oor-spronkelijk vrij van de Sarekat I s l a m gedachte Madjelis Oelama, een later daarbij ingelijfd college van advies in zaken van Moslimsen recht.

Uitingen van eenige leiders van nationalistische vereenigingen, die krenkend voor den I s l a m of voor zijne beleiders werden geacht, en een in de pers verschenen artikel gaven aanleiding tot de vorming te Soerabaja van een „ B a l a i Persatoean Permoesjawaratan O e m m a t I s l a m " , een fusie-lichaam, dat wegens de in de wereld van den I s l a m verspreide berichten o m t r e n t h e t gebeurde in Tripolitanië, werd omgezet in een „ C e n t r a a l Comité a l - I s l a m " , onder leiding van de P . S . L I . , waarin tal van Islamietische vereenigingen zich lieten vertegenwoordigen. H e t comité stelt zich ten doel een band te vormen tusschen de Moslims in Neder-landsch-Indië ; voorts actie t e voeren wegens de propaganda van sommige natio-nalistische partijen tegen bedevaart en polygamie, het optreden van de Zending en de houding van het Christendom, zoomede tegen aanvallen op den I s l a m in het buitenland (Palestijnsche quaestie, het optreden tegen de Berbers, de actie in Tripolis). Op verschillende plaatsen zijn protestvergaderingen gehouden naar aanleiding van de laatstgenoemde gebeurtenissen.

I n den loop van 1931 vermeerderde ook daardoor de belangstelling voor de P . S . L I . H e t aantal harer afdeelingen n a m toe m e t 27, het ledental steeg van 19 000 tot 23 000.

De sinds vele jaren door deze vereeniging nagestreefde rechtstreeksche aan-raking m e t Moslimsche gemeenschappen in het buitenland is voor een deel tot stand gekomen. Zij heeft vertegenwoordigers in Cairo, Palestina, Genève en Berlijn. De aan de Azhar-universiteit te Cairo studeerende uit Nederlandsch-Indië afkomstige jongelieden vormen de schakel m e t politiek-Islamietische groepen ginds. Ter jaarvergadering van de vereeniging Nahdatoe'l-Oelama werd o. a. het al of niet geoorloofd zijn van de m ü t p u n c t i e (bij pest-diagnose) behandeld en tot het laatste geconcludeerd, hetgeen in Oost-Priangan, waar de bevolking reeds geruimen tijd bezwaren had tegen de miltpunctie en t h a n s door die uitspraak in haar verzet werd aangemoedigd, eenige moeilijkheden veroorzaakte. I n andere deelen van Priangan is een dergelijk verzet, dat zich voornamelijk uit in clandestien begraven, tot uiting gekomen. Ook door verspreiding van schriftgeleerde uit-spraken uit E g y p t e , waar de miltpunctie reeds geruimen tijd zonder verzet wordt toegepast, t r a c h t de Overheid de bevolking tot andere gedachten te brengen.

De godsdienstige vereeniging Moehammadijah verloor ter S u m a t r a ' s W e s t k u s t aan belangstelling. Sedert is in hare plaats getreden de Persatoean Moeslimin Indonesia ( P . M . I . ), eene godsdienstige vereeniging m e t uitgesproken nationalis-tisch streven, welke, hoewel zij zich in theorie niet als een politieke partij be-schouwd wenscht te zien, nauwelijks minder strijdlustig is dan de eveneens in dit gewest werkzame P . S . L I . , m e t wie zij op enkele plaatsen eenige bestuursleden gemeen heeft.

Gelijk eenige jaren geleden op J a v a sommige padvindersvereenigingen redenen tot klagen gaven, is dit nu m e t eenige padvinderijen ter S u m a t r a ' s W e s t k u s t het geval, o. m . tot voor kort m e t H i z b o e ' l - W a t a n , de bij Moehammadijah be-hoorende padvindersvereeniging. Alleen op de groote plaatsen vindt m e n afdeelingen van „Indonesia M o e d a " en de daarbij behoorende padvinderij, de „ K e p a n -doean Bangsa I n d o n e s i a " , wier hoofdbestuur op J a v a is gevestigd. Overigens zijn

DB I N W E N D I G E POLITIEKE TOESTAND. 23

het echter de bij de Minangkabausche godsdienstscholen of bij de politieke ver-eenigingen behoorende organisaties, die de jeugd tot zich trekken. Zoo telt de vereeniging van leerlingen dezer godsdienstscholen 30 af deelingen en 2000 leden, die een eigen padvinderij hebben, Kepandoean Indonesia Moeslim ( K . I . M . ) ge-n a a m d .

Actie buiten den Islam. Naar aanleiding van de in overweging genomen be-zuinigingen op onderwijsgebied werd onder meer te B a t a v i a in de m a a n d December 1931 eene protestvergadering belegd, onder leiding van den onderwijzersbond, de Perserikatan Goeroe Hindia B e l a n d a ( P . G . H . B . ) , waaraan door tal van op coöpe-ratieven grondslag staande vereenigingen werd deelgenomen. Vertegenwoordigd waren o. a. Boedi Oetomo, Pasoendan. Sarekat Soematera, Sarekat Ambon, Kaoem Betawi, Perserikatan Celebes en Moehammadijah. Na uitvoerige gedachten-wisseling besloot de vergadering t e protesteeren tegen het voornemen van de Eegeering om de onderwijsbegrooting te verlagen.

Niet alleen onder de non-coöperatieve leiders, maar ook in de kringen der hier-boven genoemde vereenigingen werden s t e m m e n vernomen om zelf het onderwijs ter h a n d te n e m e n . I n Soerabaja stelde de vereeniging P . B . I . eene afzonderlijke commissie in voor het nationaal onderwijs, terwijl zeer onlangs^ besloten werd tot de oprichting van een lichaam „Pergoeroean B a ' j a t P . B . I . " , volksonderwns-instituut P . B . I . genaamd. N a a s t de behoefte aan onderwijs heeft eemge wrijving tusschen de vereenigingen P . B . I . en T a m a n Siswo aanleiding gegeven tot het ontstaan van de nieuwe onderwijsorganisatie. H e t aantal afdeelmgen van het T a m a n Siswo-instituut is van een 40-tal in 1929 t o t ongeveer 135 gestegen.

E e n voorbeeld van de belangstelling voor het lot van het onderwijs aan inheemsche kinderen is de vorming van een federatief lichaam te Solo, waartoe tal van vereenigingen zijn toegetreden, dat zich ten doel stelt de onderwrjs-belangen van het kind in bescherming te n e m e n .

De bezuinigingsvoorstellen bij den Pandhuisdienst gaven aanleiding tot eene protest-actie tegen het voorgenomen ontslag van ruim 800 b e a m b t e n bij dien dienst, waarbij de overcomplete b e a m b t e n eerst nog op h u n n e geschiktheid zouden worden onderzocht ter vaststelling van de voor h u n ontslag geldende qualrficatie.

Ook op het einde 1931 gehouden congres der P . S . L I . werd dit onderwerp in handeling genomen. Door de Begeering werd t e n deele aan de voorgebrachte be-zwaren tegemoetgekomen.

E e n onderwerp, d a t belangstelling trok zoowel in de I n h e e m s c h e pers, ais m de politieke vereenigingen van alle richtingen, was de ter sprake gebrachte toe-kenning van rechten op grondbezit aan Indo-Europeanen.

Behandeling vond dit onderwerp op het congres van de vereeniging Pasoendan, in de m a a n d Mei 1931 gehouden. E e n drieledige motie werd aangenomen, strek-kende om geen gelijkheid van rechten op den grond te geven, zoolang de econo-mische toestand van de inheemsche bevolking nog zoo zwak is; voorts, om onwet-tige grondoccupatie tegen te gaan en vluggere behandeling van ontginnmgs-aanvragen van de inheemsche bevolking t e bevorderen.

Hoewel de Swadeshi-beweging nog in eerste opkomst is, verdient zij hier ver-melding door de algemeene belangstelling, die de vereenigingen er voor toonen.

Zoo is in Jogjakarta eene sterke opleving van de weefindustrie aan den dag ge-treden. De vraag naar duizenden toestellen overtreft verre het aanbod. E e m g e bedrijven m e t een aantal groote door het D e p a r t e m e n t van Landbouw, H a n d e l en Nijverheid ingevoerde weeftoestellen zijn reeds in werking. Op een congres van de P . S . L I . werd eene demonstratie m e t het spinnewiel gegeven en propaganda onder de bevolking voor het planten van katoen aangekondigd.

Aangaande de op den voorgrond tredende politieke vereenigingen valt nog, na het hooger vermelde, het volgende op t e merken.

De Persatoean Bangsa Indonesia, m e t Soerabaja als zetel van het hoofd-bestuur, heeft t h a n s afdeelingen voor algemeene zaken, coöperatie _ en arbeids-aangelegenheden, waaronder ook de organisatie van transmigratie uit Soerabaja

24 DE STAATKUNDIGE TOESTAND.

naar beschikbare gronden in Zuid-Banjoewangi behoort, voor boedel- en handels-zaken (nationale b a n k ) , voor armenzorg en voor nationaal onderwijs. De ver-eeniging telt ongeveer 26 afdeelingen.

S o e d i Oetomo, welks hoofdbestuur te Jogjakarta is gevestigd, heeft gedurende 1931 in woord en in geschrift geageerd tegen de benoeming van Yolksraadleden.

Tevens keerde zij zich tegen de in I. S. 1930 n°. 31 opgenomen bepalingen tot bestrijding van révolutionnaire woelingen, de ordonnantie tegen ongewenschte periodiek verschijnende drukwerken ( I . S. 1931 n°. 394) en het ontwerp door den Volksraad in behandeling genomen o m t r e n t ontoelaatbare geldinzamelingen. De beide laatste onderwerpen werden door een afgevaardigde der vereeniging op het Indonesia Raja Congres behandeld. Volgens de laatste gegevens heeft de ver-eeniging B . O . 37 afdeelingen.

Pasoenclan, wier hoofdbestuur te Batavia is gevestigd, heeft afzonderlijke commissies uit haar hoofdbestuur gevormd voor politieke actie, onderwijs, econo-mie, sociale zorg en reclasseering, financiën en redactie. De organisatie heeft onder haar beheer 20 scholen, gesubsidieerde en andere, waaronder 1 Mulo, 5 H . I . S . en 2 schakelscholen. De vereeniging omvat 3950 leden, 31 afdeelingen en 10 kringen.

De t e B a t a v i a gevestigde Partai Indonesia heeft 5 commissies ingesteld, t. w.

voor opleiding van leiders, voor nationaal onderwijs, coöperatie, vakbeweging en pers. Voor de bestrijding van den handel in vrouwen werkt de vereeniging samen m e t het daartegen ingesteld regeeringsbureau. I n October 1931 telde zij te B a t a v i a reeds + 1700 leden en had daar buiten 11 afdeelingen.

De t e Jogjakarta gevestigde Partai Sarèkat Islam Indonesia heef t als besturend lichaam een tweeledigen r a a d : een wetgevenden en een uitvoerenden raad. De laatstgenoemde is samengesteld uit een aantal leiders van d e p a r t e m e n t e n , t. w.

voor algemeene zaken, geldmiddelen, arbeid en landbouw, jeugdbeweging, gods-dienst en regelingen van godsgods-dienstigen aard, alsmede voor onderwijs en opvoe-ding. Deze leiders hebben ook zitting in den wetgevenden raad, t e z a m e n m e t de afgevaardigden der afdeeling. Alleen bij congressen k o m t deze raad bijeen, voor het overige wordt het dagelijksch bestuur gevormd door de „ D e w â n " van de Partij, uit zijn midden gekozen.

Gedurende 1931 werd de actie in E a n a u (Zuid-Palembang) in verband m e t het terugverkrijgen van gronden door de bevolking gestaakt, na eene gunstige Piegeeringsbeslissing ter zake. Verdere onderwerpen, waarvoor de vereeniging actie voerde, w a r e n : verandering der bepalingen op de woningverbetering, verbod van de miltpunctie, vermindering van de landrente, afschaffing van ronde- en heeren-diensten en organisatie van de vakbeweging.

De Inheemsche Vrouwenbeweging. Op het van 13—18 December 1930 te Soerabaja gehouden „derde Indonesisch vrouwencongres", waaraan door een 30-tai inheemsche organisaties werd deelgenomen, werd o. m . in beginsel vastgesteld, dat de „Indonesische vrouwenbeweging'deel u i t m a a k t van de Indonesisch-nationale beweging". Meer en meer wint dan ook de overtuiging veld, dat de moderne inheemsche vrouw, n a a s t hare actie op sociaal terrein, zich heeft te begeven op politiek gebied om m e t den m a n samen te werken aan de emancipatie van land en volk.

Gedurende het verslagjaar besteedden- de leidsters der vrouwenbeweging den tijd aan den opbouw en de uitbreiding van hare organisaties.

Vooral Isteri Sedar betoonde zich zeer actief in nationalistische richting. Op het congres, d a t deze op neutralen grondslag georganiseerde vrouwenvereeniging van 4—7 J u n i 1931 t e B a t a v i a hield, werd nog weer eens nadrukkelijk mede-gedeeld, dat de vereeniging als zoodanig zich buiten de politiek wenschte te h o u d e n ; wel werden de leden aangemoedigd deel t e n e m e n aan het politiek leven.

De omstandigheid, dat op dit congres geen debat werd toegestaan over poli-tieke vraagstukken, noch over die betreffende den I s l a m , zoodat ook over de polygamie — het t w i s t p u n t tusschen de Islamietische en de nationalistische vrouwenvereenigingen — niet van gedachten zou k u n n e n worden gewisseld, was voor de Islamietische vrouwenvereeniging Sarekat Istri J a k a t r a aanleiding om een

DE I N W E N D I G E POLITIEKE TOESTAND. àO

week later t e z d f d e r plaatse een bijeenkomst te houden, waai' uitsluitend over de polygamie en andere Moslimselie instellingen werd gesproken.

De federatie van inheemsche v r o u w e n v e r e n i g i n g e n Perikatan Perhimpoenan Istri Indonesia ( P . P . I . I . ) , waartoe 25 organisaties zijn toegetreden, bleef, ten einde op maatschappelijk en economisch terrein te k u n n e n samenwerken, zich zooveel mogelijk houden buiten godsdienstige en politieke vraagstukken, welke de verschillende aangesloten groepeeringen verdeeld houden. De groep van neutrale v r o u w e n v e r e n i g i n g e n in de federatie streefde naar de totstandkoming van eene fusie, welke eerst medio 1932 haar beslag kreeg.

De Inheemsche Jeugdbeweging. I n het verslagjaar werd van verdere uit-breiding der samenwerking van jeugdvereenigingen van verschillende richting niet vernomen. W e l bestaan op verschillende plaatsen zoogenaamde „ c o n t a c t l i c h a m e n " , ook „ b a d a n p e r m o e f a k a t a n " genoemd, voor de bevordering van de_ onderlinge aanrakingen van de verschillende vereenigingen. Zoo bestaat te Jogjakarta een dergelijk lichaam voor de vereenigingen Indonesia Moeda, J o n g Islamieten Bond, P o n d van Oud-Taman Siswo-leerlingen, Sangkoro Moeda (bond van jeugdige pangerans) en Moedo Katholiek Djawi. Te Solo hebben de Islamietische pad-vindersvereenigingen eene federatie gevormd onder den n a a m Persatoean Pandoe I s l a m , waarbij zich hebben aangesloten H i z b o e ' l - W a t a n , Natipij en Siap, de pad-vinderijen van Moehammadijah, den Jong-Islamieten Bond en Sarekat I s l a m .

De vereeniging Indonesia Moeda heeft als beginsel aanvaard dat noch de ver-eeniging, noch de leden afzonderlijk deelnemen aan de politieke beweging, m a a r dat de vereeniging op den grondslag van een nationaal-indonesische eenheid streeft naar het tot stand komen van Indonesia Baja, Groot-Indonesia.

Indonesia Moeda telt 2400 leden en 25 afdeelingen, de J o n g Islamieten Bond heeft 34 afdeelingen en 5 groepen, de padvindersorganisatie Kepandoean Bangsa Indonesia 57 afdeelingen.

Sedert kort is te Jogjakarta eene jeugdvereeniging tot stand gekomen, genaamd Soeloeh Pemoeda Indonesia, die zal streven naar vrijheid, gelijkheid, broeder-schap en nationalistische idealen. Zij stelt zich voor op radicale wijze en op democratischen grondslag actie te voeren. I n denzelfden tijd werd t e Solo de grondslag gelegd voor de oprichting van een Kepandoean B a ' j a t Indonesia, eene padvindersvereeniging voor de jeugd onder het volk. Beide vereenigingen zijn onder leiding van de Golongan Merdika ontstaan.

In document I. TEKST VAN HET VERSLAG VAN BESTUUR EN STAAT VAN NEDERLANDSCH-INDIË OVER (pagina 25-29)