• No results found

Verpleegkundige verslaglegging

N/A
N/A
Protected

Academic year: 2021

Share "Verpleegkundige verslaglegging"

Copied!
2
0
0

Bezig met laden.... (Bekijk nu de volledige tekst)

Hele tekst

(1)

40 | tvz | 2017 nr. 03

Figuur 1. Percentage verpleegkundigen en verzorgenden dat zich in hoge mate of volledig competent voelt om genoemde taken uit te voeren.

Panel V&V

Hbo’ers meest positief

Verpleegkundige verslaglegging

Bijna alle verpleegkundigen en verzorgenden werken met

dos-siers die aansluiten bij (delen van) het verpleegkundig proces. Hoe hoger het opleidingsniveau, hoe positiever ze zijn over die verslaglegging. Ook over het gebruik van classificatiesystemen en gestructureerde zorgplannen zijn hbo-opgeleide verpleegkun-digen positiever dan hun mbo-opgeleide collega’s. Dat blijkt uit onderzoek onder het NIVEL Panel Verpleging & Verzorging.

Kim de Groot, Anke de Veer, Wolter Paans & Anneke Francke

Goede verslaglegging is nodig voor de kwaliteit en continuïteit van de zorg. Om verpleegkundigen en verzorgenden bij de verslaglegging te ondersteunen werd in 2011 de landelijke richtlijn

Verpleegkundi-ge en verzorVerpleegkundi-gende verslaglegging uitVerpleegkundi-ge-

uitge-bracht (V&VN, 2011). Inmiddels is deze richtlijn gedateerd door allerlei ontwikke-lingen, zoals de digitalisering van de dos-siers. Een herziening is dus nodig. En daarvoor is het belangrijk om te weten wat de huidige ervaringen van verpleeg-kundigen en verzorgenden zijn met ver-slaglegging. In hoeverre sluit de huidige verslaglegging aan op het verpleegkundig proces? Wat zijn de ervaringen met de huidige manier van verslaglegging? We vroegen het aan de deelnemers van het landelijke NIVEL Panel Verpleging & Ver-zorging.

Het verpleegkundig proces Verpleegkundigen en verzorgenden leg-gen gegevens over de zorg die zij verlenen aan hun cliënten vast in digitale of papie-ren dossiers. Volgens de huidige beroeps-profielen is dat een taak die zowel verzor-genden, mbo- als hbo-opgeleide verpleeg- kundigen zelfstandig horen uit te voeren (Stuurgroep over de beroepsprofielen en de

overgangsregeling, 2015). De huidige

richtlijn over verpleegkundige en verzor-gende verslaglegging voegt daaraan toe dat de verslaglegging aan moet sluiten bij de fasen van het verpleegkundig proces: gegevensverzameling, vaststellen van ver-pleegkundige diagnoses, opstellen van een zorgplan, uitvoering van de zorg, evaluatie en overdracht (V&VN, 2011). Het zorgplan omvat daarbij de verpleeg-kundige diagnoses, interventies, beoogde resultaten, beoogde uitvoerders en de

ter-mijn om de resultaten te behalen (V&VN,

2011).

Vrijwel alle verpleegkundigen en verzor-genden (94%) werken met een dossier dat het verpleegkundig proces (gedeeltelijk) omvat. Acht op de tien gebruikt een dos-sier dat alle onderdelen van het verpleeg-kundig proces omvat, ruim één op de tien een dossier dat delen van het ver-pleegkundig proces omvat. Maar dat be-tekent nog niet dat zij zich ook altijd competent voelen voor deze taak (zie

fi-guur 1).

Classificatiesystemen

In de dossiers gebruiken verpleegkundi-gen en verzorverpleegkundi-genden verschillende clas-sificatiesystemen en/of ordeningen om gegevens te structureren. De paneldeel-nemers noemen Gordon (19%), Omaha System (16%), Normen van Verantwoor-de zorg (11%) en NANDA-NIC-NOC 34% 62% 46% 47% 70% 72% 75% 85% 85% 0 % 10 % 20 % 30 % 40 % 50 % 60 % 70 % 80 % 90 % 100 % Werken met een classificaesysteem

Werken met gestructureerde zorgplannen Verslaglegging in aansluing bij

verpleegkundig proces

Voelt zich competent voor ...

hbo/hbo+-opgeleide verpleegkundigen mbo-opgeleide verpleegkundigen verzorgenden

Dit artikel is met toestemming van de redactie overgenomen uit TvZ: Tijdschrift voor verpleegkundigen 2017, nr. 3. www.nursing.nl/Verpleegkundig-Experts/

(2)

| 41 tvz | 2017 nr. 03

WAT IS VERSLAGLEGGING?

Onder verslaglegging wordt verstaan: het proces van het vastleggen van gegevens over de zorg door verpleegkundigen of verzorgenden en het resultaat van dat proces (de vastgelegde gegevens). Overdracht is ook een onderdeel van verslaglegging, aangezien de overdracht een schriftelijke eindevaluatie van het zorgproces bij overplaatsing van een zorgvrager omvat (V&VN, 2011).

(8%) het vaakst. Daarbij zijn er verschil-len tussen sectoren zichtbaar. Zo noe-men verpleegkundigen en verzorgenden in ziekenhuizen, de GGZ en huisartsen-praktijken Gordon het vaakst. In de thuiszorg is dit het Omaha System en in de intramurale ouderenzorg de Normen van Verantwoorde Zorg.

Ervaring met huidige werkwijze

Hoe ervaren verpleegkundigen en ver-zorgenden het werken met hun classifi-catiesysteem of ordening? Vier op de tien (41%) blijkt het systeem waarmee ze wer-ken een (erg) prettige werkwijze te vin-den, twee op de tien (20%) vindt het juist geen of maar een enigszins prettige werkwijze. De ervaring van verpleegkun-digen en verzorgenden lijkt niet afhanke-lijk te zijn van het classificatiesysteem of de ordening die zij gebruiken, maar het opleidingsniveau van de verpleegkundi-gen en verzorverpleegkundi-genden geeft wel verschil. Zo geven hbo-opgeleide verpleegkundi-gen (49%) vaker aan hun classificatiesys-teem of de ordening een (erg) prettige werkwijze te vinden dan verzorgenden (33%).

Ervaren competentie

Bij de ervaren competenties zijn er ook verschillen tussen de opleidingsniveaus. Hbo-opgeleide verpleegkundigen voelen zich vaker dan mbo’ers competent om in

de verslaglegging aan te sluiten bij het ge-hele verpleegkundig proces (zie figuur 1). Ook in het werken met gestructureerde zorgplannen zijn verschillen in ervaren competentie (zie figuur 1). Hbo-opgeleide verpleegkundigen voelen zich ook daarin vaker competent dan mbo-opgeleide ver-pleegkundigen en verzorgenden.

Bij het werken met classificatiesystemen is een vergelijkbaar verschil zichtbaar: driekwart van de hbo-opgeleide verpleeg-kundigen voelt zich in hoge mate of vol-ledig competent, terwijl ongeveer de helft van de mbo-opgeleide verpleegkundigen (47%) en drie op de tien verzorgenden (34%) dat vindt.

De herziene richtlijn

Uit dit onderzoek blijkt dat de meeste ver-pleegkundigen en verzorgenden in hun verslaglegging aansluiten bij (delen van) het verpleegkundig proces. Bij de herziene richtlijn zal het verpleegkundig proces dan ook veel aandacht krijgen. De richt-lijn is bedoeld voor verpleegkundigen en verzorgenden van alle opleidingsniveaus, maar het blijkt dat vooral verzorgenden zich niet altijd competent voelen voor ver-slaglegging die aansluit op het verpleeg-kundig proces. Verder blijkt dat hbo-op-geleiden vaker dan mbo’ers positief zijn over het gebruik van classificatiesystemen of ordeningen binnen hun verslaglegging. Dit lijkt niet afhankelijk te zijn van de specifieke classificatiesystemen of

orde-ningen waarmee men werkt. In aanslui-ting daarop zullen we in de herziene richtlijn niet kiezen voor één specifiek classificatiesysteem of ordening. Wel zul-len we het belang benadrukken van een-heid van taal en van een duidelijke orde-ning om gegevens te structureren. ■

Noot

Dit artikel is gebaseerd op onderzoek onder het NIVEL Panel Verpleging & Verzorging. De vragen-lijst is ingevuld door 908 deelnemers (respons 42%). Zie: Groot, K. de, Veer, A.J.E. de, Paans, W. & Francke, A.L. Hbo-verpleegkundigen het meest positief over hun competenties bij verslag-legging: tabellen. Utrecht: NIVEL, 2017. Dit onderzoek is uitgevoerd in het kader van de herziening van de richtlijn Verpleegkundige en verzorgende verslaglegging, met subsidie van ZonMw – Ontwikkeling van Kwaliteitsstandaarden.

Referenties

Stuurgroep over de beroepsprofielen en de overgangsregeling (2015).

Toekomstbestendige beroepen in de verpleging en verzorging. BOZ, NU’91, LOOV, MBO Raad, V&VN

Verpleegkundigen & Verzorgenden Nederland (V&VN) (2011). Richtlijn Verpleegkundige en verzorgende verslaglegging. Utrecht: V&VN

Over de auteurs

Kim de Groot, onderzoeker bij het NIVEL in Utrecht en verpleegkundige bij Thebe Wijkverpleging.

Anke de Veer, senior onderzoeker bij het NIVEL in Utrecht.

Wolter Paans, lector Verpleegkundige Diagnostiek bij de Hanzehogeschool in Groningen.

Anneke Francke, programmaleider bij het NIVEL en bijzonder hoogleraar Verpleging en verzorging in de laatste levensfase bij Amsterdam Public Health onderzoeks-instituut, VU medisch centrum, Amsterdam.

Referenties

GERELATEERDE DOCUMENTEN

In hoofdstuk drie (paragraaf 3.3.4) schreven we kort over de aanpassingen die in de gebieden aan beide zijden van de verbindingszone gedaan moeten worden om te waarborgen dat

It is not permitted to download or to forward/distribute the text or part of it without the consent of the author(s) and/or copyright holder(s), other than for strictly

Collectieve Overeenkomst Overeenkomst tussen een organisatie en V&VN waarin de rechten en plichten van beide partijen zijn vastgelegd ten aanzien van het lidmaatschap

Op basis van deze criteria worden de volgende meetinstrumenten aanbevolen om te gebruiken: Caregiver Strain Index (CSI), Ervaren Druk door Informele Zorg (EDIZ), EDIZ-plus

Naast de patiëntproblemen, is ook gekeken op welke domeinen van het Raamwerk Essentiële Zorg de actuele kwaliteitsstandaarden (verschenen in 2015 of latere jaren) vooral

Vrijwel iedereen (92%, figuur 4) geeft aan zich in hoge mate of volledig vrij te voelen om die zorg te indiceren die zij nodig achten, hbo-opgeleide verpleegkundigen vinden dat

verzorgenden de inhoud beter kennen, zien zij het Kwaliteitskader vaker als geschikte leidraad die bijdraagt aan de kwaliteit van zorg.. De meeste verpleegkundigen en

- Een reserve moet een wettelijk basis hebben waar individuele rechten en verplichtingen van de vrijwilligers goed moet zijn ingeregeld. - Bij het opbouwen van capaciteit kunnen