Opvolging door de dienst Voogdij en vrederechter

In document BOEK 7 Rechten van de niet-begeleide minderjarigen (pagina 29-32)

› In het eindverslag, dat uiterlijk 15 dagen na beëindiging van de voogdij bezorgd wordt, geeft de voogd een stand van zaken bij het einde van de voogdij.

Het kan zijn dat je volmacht op de rekening van je pupil vervalt op het moment dat de jongere 18 wordt. Zorg dus zeker dat je hierop anticipeert en een overzicht van de rekeningstanden voor het eindverslag opvraagt voor de officiële meerderjarigheid van je pupil.

Tip van voogden

Wanneer de voogd het verslag opstuurt naar de dienst Voogdij en het vredege-recht, moet deze ook de rekeninguittreksels van de minderjarige bezorgen ter staving van de saldi die vermeld werden in het rekening overzicht. Het is echter niet nodig om de rekeninguittreksels van alle in- en uitgaven die de minderjarige deed aan de vrederechter en de dienst voogdij te bezorgen. Een screenshot of een pdf-uittreksel uit of van de bank-app dat het saldo aantoont op de datum van het voogdijverslag volstaat.

De voogd kan het voogdijverslag gebruiken om in gesprek te gaan met de min-derjarige. Op die manier wordt het rapport een tool die kan helpen om met de minderjarige te spreken over zijn of haar geld. De voogd kan de minderjarige even-tueel ook vragen om te helpen om zijn of haar budgetbeheer te rapporteren. Voor sommige jongeren kan het nuttig zijn om zelf bij te houden welke uitgaven er deze maand gedaan werden.

Opvolging door de dienst Voogdij en vrederechter

4

4.1. Opvolging door de dienst Voogdij

In kader van de dagelijkse opvolging van voogden, bekijkt de referentiepersoon of het budgetbeheer dat de voogd uitvoert naar behoren verloopt. Dat doet hij of zij in eerste instantie via het hierboven vermelde voogdijverslag.

In het verslag moeten volgende basisprincipes duidelijk beschreven en gestaafd worden:

› Beheerde de voogd het vermogen van de minderjarige als ‘voorzichtig en redelijk persoon’?

› Ging de voogd in gesprek met de minderjarige, de opvangvoorziening, pleegfamilie en/of familie over geldbesteding?

› Opende de voogd ten gepaste tijden een zicht- en spaarrekening op naam van de minderjarige?

› Beheerde de voogd geen vermogen van de minderjarige op eigen persoonlijke rekeningen?

› Stelde de voogd limieten in voor geldopnames?

Wanneer de referentiepersoon merkt dat de voogd extra ondersteuning kan gebruiken inzake budgetbeheer zal hij of zij de voogd voorstellen om hierover extra opleidingen of coaching te volgen. De voogd kan met vragen over budget-beheer ook steeds terecht bij zijn of haar referentiepersoon.

4.2. Opvolging door de vrederechter

Ook de vrederechter controleert het budgetbeheer dat door de voogd wordt gerapporteerd. De vrederechter gaat daarbij na of de rekeningstanden kloppen en of de uitgaven in verhouding zijn met de behoeften van de minderjarige.

De voogdijwet beschrijft bijkomend dat de vrederechter aan het einde van de voogdij ‘décharge verleent’ aan de voogd. De vrederechter maakt daarvoor een proces-verbaal op van de rekening en verantwoording, van de goedkeuring er-van en er-van de aan de voogd verleende décharge.

Ten slotte zal de vrederechter oordelen over eventuele geschillen of twistpun-ten tussen de minderjarige en de voogd.60 Het is dus noodzakelijk dat de

vre-derechter de voogdijverslagen systematisch en consequent ontvangt om een goede beoordeling van de situatie te kunnen maken. In geval van conflict zal de vrederechter de voogd en de minderjarige uitnodigen voor een zitting en hun standpunten horen. Nadien zal de vrederechter een uitspraak doen.

Referentielijst

1 Art. 9, §3 Voogdijwet.

2 Art. 669 Ger.W.; art. 2 KB 18 december 2003 tot vaststelling van de voorwaarden van de volledige of gedeeltelijke kosteloosheid van de juridische tweedelijnsbijstand en de rechtsbi-jstand, BS 24 december 2003.

3 Artikel 508/13/1, §4 Ger.W.

4 Artikel 508/7 - 508/9 e.v. Ger.W.

5 Art. 508/10 Ger.W.

6 http://oca.ligeca.be/nl/.

7 Zie voor meer informatie https://www.advocaat.be/een-advocaat-raadplegen/proble-men-met-uw-advocaat

8 Art. 508/8 Ger.W.

9 . KRUGER en J.VERHELLEN, Internationaal Privaatrecht. De essentie, Brugge, die Keure, 2021, p. 6 e.v.; Droit International Privé. L’Essentiel, Brugge, die Keure, 2020, p. 6 e.s.

10 Art. 145 en 148 BW

19 Decr. Vl. 3 juli 2015 houdende regeling van de binnenlandse adoptie van kinderen en hou-dende wijziging van het decreet van 20 januari 2012 houhou-dende regeling van de interlandeli-jke adoptie van kinderen, BS 7 augustus 2015.

20 Art. 10, §2 Voogdijwet.

21 Art. 36, lid 2 juncto art. 3, §3 WIPR.

22 Art. 370/3, § 2, BW.

23 Art. 370/9 BW.

24 Art. 74/7 Vreemdelingenwet.

25 Art. 37 Wet op politieambt van 5 augustus 1992 (verder: WPA).

26 Omz. COL 20/2010 van 19 oktober 2012 van het College van procureurs-generaal bij de hoven van beroep betreffende Driedelige gerechtelijke identificatie.

27 Art. 37bis WPA.

28 Art. 27-29 WPA.

29 Art. 44quinquies Wetboek van Strafvordering van 17 november 1808 (verder: Sv.).

30 Art. 8 EVRM; art. 15 Gerechtelijk Wetboek.

31 Art. 26 en 27 WPA.

32 Afdeling 4, wet op politieambt.

33 Art. 74/7 vreemdelingenwet.

34 Art. 1 en 2 Wet betreffende de voorlopige hechtenis van 20 juli 1990 (verder: WVH).

35 Art. 48bis Jeugdbeschermingswet.

36 Art.1, 1° WVH; 1 Cass. 15 mei 2002, AR P.02.0507.F.

37 Art. 55 Jeugdbeschermingswet 38 Art. 21bis en 61ter Sv.

39 Omz. COL 11/2018 van het College van Procureurs-generaal bij de hoven van

be-roep-addendum 2 aan de omzendbrief COL 8/2011 betreffende de organisatie van recht op toegang tot een advocaat- situatie van de minderjarigen en de personen die ervan verdacht worden voor de leeftijd van 18 jaar een als misdrijf omschreven feit te hebben gepleegd, 11-12.

47 Wet betreffende de deontologische code van de politie.

48 Art. 28quinquies, §2, Sv

49 Art. 9 paragraaf 1 en 2 Voogdijwet.

50 Art. 14 Voogdijwet.

51 Art. 47bis Sv.

52 Art. 14 wet 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties.

53 Koninklijk Besluit van 20 juli 2001 betreffende de werking en het personeel van de Algeme-ne Inspectie van de federale politie en van de lokale politie.

54 Art. 12. Voogdijwet.

55 Art. 12. § 1 Voogdijwet. Deze machtigingen worden opgesomd in Artikel 410 van het Burger-lijk Wetboek.

Bijlage Bijlage

In document BOEK 7 Rechten van de niet-begeleide minderjarigen (pagina 29-32)