: F14/14/152. : G.G. Boeve. : mr. J. Blokland :2010: 4.570, : ,-- : n.v.t. : 0,-- : NL49KASA

Hele tekst

(1)

84289

FAILLISSEMENTSVERSLAG Nummer: 6 Datum: 1 september 201 5

Gegevens onderneming : Stichting Verkeerseducatiecentrum Den Helder e.o., Kruiszwin 4535, 1788 RP julianadorp

Nummer faillissement : F14/14/152 Datum uitspraak : 6 mei 2014

Curator : G.G. Boeve

Rechter-commissaris : mr. J. Blokland

Activiteiten onderneming Omzetgegevens

Personeel gemiddeld aantal Saldo einde verslagperiode

Verslagperiode

Kasbankrekening:

: Educate verkeersveiligheid 70+

:2010: € 4.570,-- 2011: € 15.455,-- : n.v.t.

: € 0,--

: 6 (22 mei 201 5 - 1 september 2015)

: NL49KASA0223243973

Opmerkingen vooraf:

In dit verslag wordt gerapporteerd over de afgelopen periode, over de door de curator verrichte werkzaamheden en over de stand van de boedel. Dit verslag berust op informatie die de curator uit verschillende bronnen heeft verkregen en die voor een groot gedeelte nog niet op juistheid is gecontroleerd. Omtrent de juistheid en de volledigheid van de opgenomen gegevens kan hierbij dan ook geen uitspraken worden gedaan. In een later stadium kan blijken, dat cijfers of andere gegevens moeten worden aangepast.

1. Inventarisatie

1.1 Directie en organisatie

De stichting is opgericht bij akte d.d. 3 juli 2007. De stichting heeft ten doel het gegeven van educatie, zowel in theorie als in praktijk op het gebied van

verkeersregels, verkeersveiligheid en verkeerstraining, en voorts al hetgeen

SCHENKEVELD.,

(2)

SCHENKEVELD. 'cluocaten

2 Faillissementsverslag rechtspersoon

daarmee verband houdt. De stichting is opgericht door de heer C.B. Langereis en de heer R.N. Offerman. De heer Offerman is sinds medio 2012 niet meer bij de

stichting betrokken.

Bestuurders van de stichting zijn de heer C:W. Langereis voornoemd, de heer R.

Meuleman en mevrouwJ.NJ. Langereis- Van Brederoode. De heer Langereis treedt op als voorzitter van de stichting. De bestuurders zijn gezamenlijk met de andere bestuurders bevoegd de stichting te vertegenwoordigen. Over de boekjaren 2010 en 2011 ontving de stichting een subsidie van de provincie Noord-Holland om de doelstelling van de stichting te verwezenlijken. In totaal bedroeg de subsidie

€ 34.000,--.

1.2 Winst en verlies

Uit de meest recente conceptjaarstukken, betreffende het jaarverslag 2011 d.d. 19 december 2012, volgt dat de stichting over 2010 een negatief resultaat voor belasting van € 13.633,-- heeft gerealiseerd en over 2011 een positief resultaat voor belasting van € 275,--.

1.3 Balanstotaal 2010: € 27.208,-- 2011: € 19.765,--

1.4 Lopende procedures Niet bekend.

1.5 Verzekeringen

Reeds door de stichting beeindigd voor uitspraak faillissement.

1.6 Huur

De stichting huurt kantoorruimte aan het Willemsoord 39 te Den Helder van Willemsoord B.V. Per kalendermaand bedraagt de huur € 567,98.

(3)

3 Fai lliss em en tsvers lag rechtspersoon

Verslagperiode 2

De huurovereenkomst is opgezegd bij brief van 20 mei 2014 tegen uiterlijk 20 augustus 2014.

1.7 Oorzaak faillissement

De voorzitter van het bestuur licht de oorzaak van het faillissement als volgt toe.

Door de stichting is in het verleden een rijsimulator voor een bedrag van omstreeks

€ 32.000,-- aangekocht. Deze zou worden gebruikt om het doel van de stichting te kunnen verwezenlijken. Met de rijsimulator verwachtte de stichting beter te kunnen concurreren met de overige rijschoolhouders uit de omgeving. Echter, door

tegenvallende aanmeldingen en steeds voortdurende vaste lasten bleek de te genereren en reeds gegenereerde omzet te laag. Nadat de leverancier van de rijsimulator de stichting had aangesproken tot nakoming van verplichtingen uit hoofde van het onderhoudscontract, heeft de stichting in reconventie terugname en terugbetaling van de rijsimulator gevorderd. De vordering in conventie is

toegewezen en de vordering in reconventie is afgewezen. De stichting had gehoopt na toewijzing van de reconventionele vordering schuldeisers te kunnen betalen. Dat is niet gelukt waardoor de stichting te weinig liquide middelen genereerde om aan haar lopende verplichtingen te kunnen voldoen. Vervolgens is de rijsimulator aan een rijschool verkocht en is na enige tijd eigen aangifte tot faillietverklaring van de stichting gedaan.

De curator onderzoekt de toelichting van de bestuurders.

2. Personeel

2.1 Aantal ten tijde van faill. : geen.

2.2 Aantal in jaar voor faill. : geen.

2.3 Datum ontslagaanzegging : n.v.t.

(4)

SCHENKEVELD. 4

Faillissementsverslag rechtspersoon

3. Activa Onroerende zaken

3.1 Beschrijving N.v.t.

3.2 Verkoopopbrengst

3.3 Hoogte hypotheek

3.4 Boedelbijdrage

Bedrijfsmiddelen

3.5 Beschrijving

De rijschool beschikte over een rijsimulator. Deze is eind 201 2 door de stichting voor een bedrag van € 302,50 inclusief B-nN verkocht aan de eenmanszaak van de bestuurder van de stichting, te weten: Auto- en Motorrijschool Langereis.

3.6 Verkoopopbrengst

3.7 Boedelbijdrage

3.8 Bodemvoorrecht fiscus

Voorradeni onderhanden werk

3.9 Beschrijving N.v.t.

3.10 Verkoopopbrengst

3.11 Boedelbijdrage

(5)

SCHENKEVELD. ,uocaten

5

Faillissementsverslag rechtspersoon

Andere activa 3.12 Beschrijving

Geen andere activa aangetroffen.

3.13 Verkoopopbrengst

4. Debiteuren

4.1 Omvang debiteuren N.v.t.

4.2 Opbrengst

4.3 Boedelbijdrage

5. Bank / Financiers

5.1 Vordering van de bank(en)

Huisbankier van de stichting was Rabobank Kop van Noord-Holland. Rabobank heeft onder meer de aanschaf van de rijsimulator gefinancierd.

De Rabobank heeft een vordering ingediend van € 10.133,37.

5.2 Leasecontracten N.v.t.

5.3 Beschrijving zekerheden Niet gebleken.

5.4 Separatistenpositie N.v.t.

5.5 Bedongen boedelbijdragen N.v.t.

(6)

Faillissementsverslag rechtspersoon

5.6 Eigendomsvoorbehoud N .v.t .

5.7 Reclamerechten N .v.t.

5.8 Retentierechten N.v.t.

6. Doorstart / voortzetten Voortzetten

6.1 Exploitatie / zekerheden N.v.t.

6.2 Financiele verslaglegging N.v.t.

Doorstart

6.3 Beschrijving N.v.t.

6.4 Verantwoording N.v.t.

6.5 Opbrengst N.v.t.

6.6 Boedelbijdrage N.v.t.

SCHENKEVELD

(7)

- 7

Faillissementsverslag rechtspersoon

7. Rechtmatigheid

7.1 Boekhoudplicht

De heer Arie Raven van V.O.F. Rek Consult te Den Helder heeft de jaarstukken 2011 opgesteld en heeft tot en met 2014 de aangifte omzetbelasting en

vennootschapsbelasting verzorgd. De heer Raven heeft de bij hem beschikbare administratie aan de curator overhandigd. Daarnaast was beperkt administratie beschikbaar bij de bestuurder van de stichting. Deze administratie is ook aan de curator overhandigd. De curator onderzoekt in hoeverre aan de boekhoudplicht is voldaan.

Verslagperiode 2

Er lijkt niet aan de boekhoudplicht te zijn voldaan.

7.2 Depot jaarrekeningen

De stichting is niet publicatieplichtig.

7.3 Goedk. Vend. Accountant N.v.t.

7.4 Stortingsverpl. Aandelen N.v.t.

7.5 Onbehoorlijk bestuur

Dit aspect dient nog te worden onderzocht.

Verslagperiode 2

De curator is in overleg met het bestuur van de Stichting over enkele aspecten betreffende onbehoorlijk bestuur en paulianeus handelen.

Verslagperiode 6

Zie hierna onder hoofdstuk 9.

SCHENKEVELD.

(8)

8 Faillissementsverslag rechtspersoon

7.6 Paulianeus handelen

Dit aspect dient nog te worden onderzocht.

Verslagperiode 2 Zie hiervoor onder 7.5

8. Crediteuren

8.1 Boedelvorderingen Verslagperiode 3

Er zijn geen boedelvorderingen ingediend.

8.2 Pref. vord. van de fiscus

De fiscus heeft onderzoek gedaan naar de stichting en de rijschool van de bestuurder van de stichting. Het onderzoeksrapport is nog niet definitief gereed maar de verwachting is dat dit binnen enkele weken na indiening van dit

faillissementsverslag door de fiscus aan de curator zal worden gezonden. De fiscus heeft reeds aangegeven dat de stichting een naheffingsopslag zal worden opgelegd.

Verslagperiode 2

Het onderzoeksrapport van de fiscus naar de Stichting is door de curator

ontvangen. Over de uitkomsten van het onderzoek is de curator in overleg met het bestuur van de Stichting.

Verslagperiode 3

De Belastingdienst is verzocht een aanslag ex artikel 29 lid 2 OB op te leggen.

Verslagperiode 4:

De Belastingdienst heeft een vordering ingediend van € 2.460,00.

(9)

9

Faillissementsverslag rechtspersoon

Verslagperiode 6

Er hebben zich geen wfjzigingen voorgedaan.

8.3 Pref. vord. van het UWV Nog niet bekend.

Verslagperiode 4

Er zijn geen vorderingen door het UWV ingediend.

Verslagperiode 6

Er hebben zich geen wiftigingen voorgedaan.

8.4 Andere pref. Crediteuren Nog niet bekend.

8.5 Aantal concurrente crediteuren Verslagperiode 3

4

Verslagperiode 6

Er zijn 4 concurrente crediteuren,

8.6 Bedrag concurrente crediteuren Verslagperiode 2

€ 57.915.41

Verslagperiode 4

€ 57.915.41, waarvan € 41.430,42 betwist.

Verslagperiode 6

Er hebben zich geen wijzigingen voorgedaan,

(10)

- 10 -

Faillissementsverslag rechtspersoon

SCHENKEVELD.

8.7 Verwachte wijze van afwikkeling Nog niet bekend.

9. Procedures

9.1 Naam wederpartij(en)

Verslagperiode 4:

De onder 1.1 genoemde bestuursleden van gefailleerde.

9.2 Aard procedure

Verslagperiode 4

De door de curator met toestemming van de r-c aanhangig gemaakte procedure ziet op:

- het niet voldoen aan de wettelijk vereisten ex art 2:10 BW; en

- schadevergoeding op grond van art. 2:300a jo 2:138 BW dan wel 2:9 BW.

9.3 Stand procedure

Verslagperiode 4

Voor de drie gedaagde partijen heeft zich ter zitting van 28 januari 201 5 een advocaat gesteld. Er is een aanhouding voor conclusie van antwoord verleend tot 25 maart 2015.

Verslagperiode 5

Gedaagden hebben voor antwoord geconcludeerd. De procedure staat thans voor dagbepaling comparitie van partijen.

Verslagperiode 6

Op 76 full 2015 heeft de comparitie van antwoord plaatsgevonden. De rechtbank

(11)

Faillissementsverslag rechtspersoon

heeft de curator gevraagd enige stellingen bij akte nader te onderbouwen. De betreffende akte is ingediend op 72 augustus 2015. Gedaagden hebben eveneens op 12 augustus 2015 een akte ingediend. De curator is door de rechtbank in de gelegenheid gesteld hierop bij nadere akte te reageren. De verwachting is dat daama vonnis zal worden gewezen.

10. Overig

1 0.1 Termijn afwikkeling faill.

Nog niet bekend.

10.2 Plan van aanpak

In elk geval dienen de navolgende werkzaamheden nog te worden verricht:

- onderzoek verantwoording subsidiegelden provincie Noord-Holland;

- afwikkeling huurovereenkomst onroerende zaken;

- onderzoek naar achtergronden van het faillissement;

- onderzoek naar de boekhouding;

- onderzoek naar eventueel onbehoorlijk bestuur respectievelijk paulianeus handelen; en

- eventuele handelingen naar aanleiding van het onderzoeksrapport van de fiscus.

Verslagperiode 2

In elk geval dienen de navolgende werkzaamheden nog te worden verricht:

- onderzoek verantwoording subsidiegelden provincie Noord-Holland;

- onderzoek naar achtergronden van het faillissement;

- onderzoek naar de boekhouding; en

- onderzoek naar eventueel onbehoorlijk bestuur respectievelijk paulianeus handelen.

Verslagperiode 3

In elk geval dienen de navolgende werkzaamheden nog te worden verricht:

- onderzoek verantwoording subsidiegelden provincie Noord-Holland;

(12)

- 12 -

Faillissementsverslag rechtspersoon

- onderzoek naar achtergronden van het faillissement;

- onderzoek naar de boekhouding; en

- onderzoek naar eventueel onbehoorlijk bestuur respectievelijk paulianeus handelen.

Verslagperiode 4

In elk geval dienen de navolgende werkzaamheden nog te worden verricht:

- onderzoek verantwoording subsidiegelden provincie Noord-Holland;

- onderzoek naar achtergronden van het faillissement;

- onderzoek naar de boekhouding; en

- procedure met betrekking tot onbehoorlijk bestuur respectievelijk paulianeus handelen.

Verslagperiode 5

In elk geval dienen de navolgende werkzaamheden nog te worden verricht:

- afwikkeling procedure met betrekking tot onbehoorlijk bestuur respectievelijk paulianeus handelen, waarin onder meer aan de orde komt de besteding van de subsidiegelden, de oorzaken en achtergronden van het faillissement en of de stichting aan de boekhoudplicht heeft voldaan.

Verslagperiode 6

In elk geval dienen de navolgende werkzaamheden nog te warden verricht:

afwikkeling procedure met betrekking tot onbehoorlijk bestuur respectievelijk paulianeus handelen, waarin ander meer aan de orde komt de besteding van de subsidiegelden, de oorzaken en achtergronden van het faillissement en of de stichting aan de boekhoudplicht heeft voldaan.

10.3 Indiening volgend verslag 1 maart 2016

(13)

Faillissementsverslag rechtspersoon

Alkmaar, 1 sept 2015

CHENKEVELD

Afbeelding

Updating...

Referenties

Updating...

Gerelateerde onderwerpen :