Accent Scholengroep Mei 2018

32  Download (0)

Hele tekst

(1)

+

Bestuurlijke analyse

Accent Scholengroep Mei 2018

Plak hier het logo van de klant

(2)

+ Inleiding

Inleiding

Deze rapportage is door B&T Organisatieadvies opgesteld naar aanleiding van een kwaliteitsonderzoek dat is uitgevoerd binnen Accent Scholengroep.

Bij het onderzoek is gebruik gemaakt van Qschool PO. Deze onderzoekstool bestaat uit verschillende vragenlijsten voor de responsgroepen ouders, medewerkers, management en leerlingen. Dit onderzoek heeft plaatsgevonden in februari / maart 2018. Op 21 maart 2018 zijn de resultaten per school bekend gemaakt.

Het onderzoek is een tweede kwaliteitsonderzoek via B&T. In 2016 is het eerste kwaliteitsonderzoek binnen Accent Scholengroep uitgevoerd.

Twee scholen hebben gebruik gemaakt van de mogelijkheid om schoolspecifieke vragen toe te voegen aan de vragenlijst. Deze vragen hebben betrekking op actuele zaken die spelen binnen de school, zoals de kernwaarden van de school, keuze voor onderwijstypen, uitdragen van christelijke identiteit van de school, het speel/leerklimaat, buitenspelomgeving, één-zorg-route en inzet van onderwijsassistenten.

Leeswijzer

De rapportage begint met een overzicht van de doelstellingen van de scholengroep en de aanleiding voor het onderzoek. Vervolgens geven we een uitleg over het onderzoek dat is afgenomen binnen de scholengroep en gaan we in op de respons bij de verschillende doelgroepen.

De daarop volgende pagina's beschrijven een aantal algemene resultaten, zoals de gemiddelde scores en de rapportcijfers die de doelgroepen aan de scholen hebben gegeven.

In het tweede deel van de rapportage worden de resultaten van de onderzoeken beschreven en geanalyseerd. Deze analyse is gebaseerd op cijfermatige gegevens (de scores). Ook geven we hier algemene verschillen tussen scholen en doelgroepen weer.

Om de leesbaarheid van deze analyse te behouden is ervoor gekozen om niet alle cijfermatige gegevens in deze rapportage op te nemen.

Geïnteresseerden kunnen de integrale bovenschoolse resultaten inzien in het bovenschoolse resultatenboekje van Accent Scholengroep.

In de analyse geven we weer welke thema's hoog of juist laag worden gewaardeerd. Vervolgens wordt op basis van de resultaten van de onderzoeken een aantal (algemene) conclusies getrokken en worden vragen geformuleerd die Accent scholengroep kunnen ondersteunen bij de vormgeving van de verdere onderwijsontwikkeling.

Evenals twee jaar geleden hebben het management en de medewerkers van Accent Scholengroen in een online dialoog een open vraag beantwoord over werkplezier. De belangrijkste resultaten van deze dialoog worden vermeld in deze rapportage op bladzijde 12.

Binnen B&T werken we met het onderstaande kwadrant. Dit kwadrant beschrijft de diverse aspecten van kwaliteitszorg in het onderwijs. De linkerkant beschrijft de aspecten die betrekking hebben op verantwoording, zoals onderwijsopbrengsten en cyclische kwaliteitsmetingen en analyses.

De rechterkant biedt inzicht in hoe een organisatie inzet op talenten en gewenste ontwikkelingen en ambities.

2

Collectief

Ontwikkelen Beheersen

Systeem Strategie

Bekwaamheid Talent

(3)

+ Profiel I Missie, visie en kernwaarden Accent Scholengroep

Identiteit:

Op de Accentscholen is de christelijke identiteit leidend. De bijbel is daarbij bron van inspiratie. Er wordt gehecht aan de gelijkwaardigheid en het unieke van ieder mens. Solidariteit, respect voor elkaar en goed rentmeesterschap worden gezien als maatschappelijke verantwoordelijkheden. De kinderen op de Accentscholen krijgen deze waarden mee voor de toekomst. Basis hiervoor zijn de Accentwaarden die leidend en bindend zijn voor de scholen.

Deze zijn verwerkt in de missie en visie.

Missie:

‘Recht doen aan kinderen!’

In de missie geven we antwoord op de vraag: Waarom zijn wij als Accent Scholengroep een team; wat willen we met zijn allen realiseren voor onze kinderen?

Accent schept volop mogelijkheden waardoor de Accentscholen in staat zijn om het maximale uit kinderen te halen. Ieder kind heeft talent. Het is onze opdracht om talenten van kinderen tot ontwikkeling te brengen. ‘Recht doen aan kinderen!’ is hierbij leidend.

Kernwaarden:

Bij de waarden geven we antwoord op de vraag: Hoe willen wij de missie realiseren? De waarden vormen de leidraad voor het gedrag dat mensen die bij Accent Scholengroep werken, laten zien. Ze vormen het kader voor onze identiteit, ze geven aan wie we zijn en hoe we door anderen herkend willen worden. De waarden staan ten dienst van de missie. Ze helpen ons deze missie ook daadwerkelijk te kunnen realiseren.

3

 Aanspreekbaar

 Christelijk

 Competent

 Enthousiast

 Nieuwsgierig

 Trots

(4)

+

Beheersing op bestuursniveau

In dit hoofdstuk presenteren we de resultaten van het onderzoek op een manier die ondersteunt bij het verantwoordingsproces. Aan bod komen:

▪ responsgegevens;

▪ benchmarkgegevens .

4

(5)

+ Opzet van het kwaliteitsonderzoek (1/2)

Manier van werken

In februari/maart 2018 is bij de scholen van Accent scholengroep een kwaliteitsonderzoek afgenomen. Tijdens de afname is gebruik gemaakt van een door het bestuur op maat gemaakte versie van de Qschool PO van B&T Organisatieadvies. Bij het onderzoek zijn de respondentgroepen management, medewerkers, ouders en leerlingen (vanaf groep 6) betrokken.

De vragenlijsten zijn opgebouwd uit de hiernaast weergegeven rubrieken. Per rubriek is door de respondenten gescoord op verschillende stellingen. Daarbij is gebruik gemaakt van een vierpuntsschaal, van oneens naar eens. Dit betekent dat de respondenten aan een item een minimale score konden geven van 1 (oneens) en een maximale score van 4 (eens). Een uitzondering hierop zijn de vragen van Vensters PO, deze vragen zijn gescoord op een vierpuntschaal van – naar ++. De vragen van de rubriek sociale veiligheid zijn negatief geformuleerd, Bij deze vragen worden omgekeerde scores gehanteerd.

Management, medewerkers van de scholen en de ouders zijn per e-mail uitgenodigd om mee te werken aan het onderzoek. Naar diegenen die de vragenlijst gedurende het onderzoek niet ingevuld hadden, is een herinnering verzonden om zo de respons te verhogen. De leerlingen hebben in de klas de gelegenheid gekregen de vragenlijst in te vullen.

Tijdens het onderzoek is besloten de afnameperiode voor alle scholen te verlengen met een week. Voor een tweetal scholen is daarnaast besloten het onderzoek onder leerlingen nog te verlengen met drie extra dagen.

Bij het invullen van de vragenlijsten hebben de medewerkers en het management ook de mogelijkheid gekregen een open vraag te beantwoorden over werkplezier. Op de antwoorden op deze open vraag werd daarna door de respondenten gestemd om tot een top 5 van antwoorden te komen.

5

De thema's

Vensters PO

Schoolklimaat

Onderwijsleerproces

Communicatie

Schoolcultuur

Sociale veiligheid Onderwijs en leren

Didactiek

Begeleiding

Leermiddelen

Context

ICT

Ondersteuning

Handelingsgericht werken Cultuur

Pedagogisch klimaat:

sfeer

Sociale omgang

Pedagogisch klimaat

Interactie met leerlingen

Ouderbetrokkenheid

Leiderschap en management

Directie Bedrijfsvoering

Informatievoorziening Personeel

Schoolcultuur

Ontwikkelingsmogelijkhe den medewerkers

Overleg en medezeggenschap

Arbeidsomstandigheden

Taken

Arbobeleid

Bestuur Verwachtingen

Schoolkeuze Schoolspecifieke vragen Algemeen

Rapportcijfer

(6)

+ Opzet van het kwaliteitsonderzoek (2/2)

Het lezen van de grafieken

In de bestuurlijke rapportage worden de scholen aangeduid met minimaal drie letters uit hun naam .

Interne benchmark (ACC): De scholen hebben dezelfde vragen uitgezet. Dat maakt het mogelijk de resultaten van de verschillende scholen onderling te vergelijken. Dit noemen we het Accentgemiddelde 2018.

Externe benchmark (EB): B&T beschikt over een groot bestand van resultaten van Qschool PO, afgenomen bij vele PO-scholen in Nederland.

Door deze resultaten te middelen ontstaat een goed beeld van ‘de gemiddelde school’. Deze gemiddelde resultaten worden de externe benchmark (EB) genoemd. In dit document worden de resultaten van de scholen die zijn verbonden aan Accent Scholengroep vergeleken met de externe benchmark, waardoor een beeld wordt verkregen van hoe de scholen binnen de scholengroep presteren in vergelijking met ‘de gemiddelde school’.

Voor de beoordeling van de afwijkingen ten opzichte van de verschillende benchmarks beschouwen we een afwijking van 0,3 of meer punt als relevant.

De scores zijn groen gemarkeerd wanneer het een positieve afwijking ten opzichte van de benchmark van 0,3 punt of meer betreft en zijn rood gemarkeerd wanneer het een negatieve afwijking betreft. Wanneer de resultaten van een flink aantal scholen gemiddeld worden, ligt dit gemiddelde veelal dicht bij de externe benchmark. In de regel zijn er dus weinig grote afwijkingen te constateren op bestuursniveau.

Aangezien we bij de rapportcijfers te maken hebben met een tienpuntsschaal, in plaats van de voor de scores gebruikte vierpuntsschaal, spreken we bij de rapportcijfers van een relevant verschil als er een afwijking van 0,5 punt of meer te zien is. Om tot het rapportcijfer te komen wordt één vraag gesteld:

“welk rapportcijfer geeft u de school?”. Hierdoor zien we soms grotere verschillen in het rapportcijfer dan de meer genuanceerde gemiddelde itemscore, of de scores per school per domein.

In deze rapportage wordt een trendanalyse gemaakt door de resultaten uit het huidige onderzoek af te zetten tegen de resultaten van het onderzoek dat is uitgevoerd in 2016.

6

Gebruikte afkortingen

Externe benchmark EB

Accentgemiddelde 2018 ACC

Barlo, Aalten BAR

Bontebrug, Silvolde BON

de Bataaf, Winterswijk BAT

De Bosmark, Dinxperlo BOSM

De Meeander MEA

Emmaschool, Henxel EMMA

Groen van Prinsterer, Aalten GVP

Hoeksteen, Gendringen HSGEN

Hoeksteen, Groenlo HSGR

Höve, de Heurne HOV

IKC Uniek, Aalten UNI

Julianaschool, Winterswijk JUL

Klimop, Aalten KLIM

Knienenbult, Westendorp KNIE Kon. Wilhelminaschool, Winterswijk KWS SBO nieuwHessen, Aalten NIH

‘t Möllenveld, Aalten MOL

Triangel, Aalten TRI

Warmelinck, Aalten WAR

(7)

+ Respons (1/2)

Bruikbare resultaten?

Het kwaliteitsonderzoek is uitgezet onder vier respondentgroepen. De respons binnen een onderzoek en hiermee samenhangend het responspercentage bepalen hoe betrouwbaar en valide de onderzoeksresultaten zijn. Dit hangt samen met de vraag ‘Geven de onderzoeksresultaten een betrouwbaar beeld van de mening van de onderzoekspopulaties?‘. Voor de interpretatie van de respons hanteert B&T een set vuistregels (zie kader rechts onderaan).

Het is van belang om de respons te analyseren. Alleen als deze voor een doelgroep voldoende is, kunnen de resultaten beschouwd worden als de gemiddelde mening van de hele groep. In het algemeen geldt dat bij kleine populaties een hoger responspercentage vereist is dan bij grote populaties.

Op basis van de vuistregels is de respons van het onderzoek op het niveau van het bestuur voor alle doelgroepen voldoende om te mogen spreken van representatieve resultaten. We doen een aantal observaties:

Bij management is sprake van een kleine respondentgroep waardoor een erg hoog responspercentage vereist is. Dit hoge percentage wordt behaald door het management en daarmee zijn de resultaten van deze groep als representatief te beschouwen.

Voor de groep medewerkers geldt dat het vereiste responspercentage ruimschoots wordt behaald. Ook bij deze respondentgroep is te spreken van representatieve resultaten op bestuursniveau.

Bij ouders is een responspercentage van 10% vereist, wegens de grote omvang van de respondentgroep. Het vereiste responspercentage wordt ruimschoots behaald.

Ook voor leerlingen geldt dat een responspercentage van 10% vereist is.

met een uiteindelijk responspercentage van 93% wordt daar uitstekend aan voldaan en is er op bestuursniveau te spreken van representatieve resultaten van de leerlingen.

7

Vuistregels responsanalyse Populatie > 1.000  10%

Populatie > 100  30%

Populatie 50-100  40%

Populatie < 50  90%

Respons

22 Respons

277 Respons

1.394 Respons 1.182 Populatie

22 Populatie

312 Populatie

2.472 Populatie 1.266

100% 89% 56% 93%

Management Medewerkers Ouders Leerlingen

(8)

+ Respons (2/2) 8

Management Medewerkers Ouders Leerlingen

respons populatie percentage respons populatie percentage respons populatie percentage respons populatie percentage

BAR 1 1 100% 9 9 100% 26 43 60% 22 24 92%

BON 1 1 100% 9 9 100% 52 80 65% 55 55 100%

BAT 1 1 100% 8 9 89% 45 102 44% 38 44 86%

BOSM 2 2 100% 29 32 91% 119 243 49% 131 146 90%

MEA 2 2 100% 20 21 95% 140 202 69% 114 119 96%

EMMA 1 1 100% 8 8 100% 36 75 48% 22 25 88%

GVP 1 1 100% 30 33 91% 175 180 97% 109 122 89%

HSGEN 1 1 100% 10 11 91% 38 84 45% 45 45 100%

HSGR 1 1 100% 14 16 88% 107 225 48% 80 82 98%

HOV 1 1 100% 9 11 82% 46 68 68% 34 34 100%

UNI 1 1 100% 17 21 81% 78 170 46% 80 81 99%

JUL 1 1 100% 14 17 82% 71 109 65% 72 75 96%

KLIM 1 1 100% 8 8 100% 31 52 60% 36 37 97%

KNIE 2 2 100% 6 8 75% 37 50 74% 31 34 91%

KWS 1 1 100% 17 20 85% 81 139 58% 73 77 95%

NIH 1 1 100% 22 22 100% 61 133 46% 48 50 96%

MOL 1 1 100% 6 7 86% 26 39 67% 29 29 100%

TRI 1 1 100% 31 40 78% 195 437 45% 132 156 85%

WAR 1 1 100% 10 10 100% 30 41 73% 31 31 100%

Toelichting

Dat de respons gemiddeld voor alle doelgroepen voldoende is op het niveau van de Accent Scholengroep betekent niet automatisch dat dit ook het geval is voor de individuele scholen, zoals bovenstaande grafiek laat zien. Er is veel verschil in grootte van de doelgroepen. Bij kleine doelgroepen is een hoger responspercentage vereist, wat niet overal behaald is.

Bij de respondentgroep management is te zien dat bij alle scholen het maximale responspercentage is behaald, net als bij het vorige onderzoek in 2016. Bij sommige scholen hebben de intern begeleiders ook de vragenlijst voor management ingevuld. Bij medewerkers valt op dat bij negen scholen het niet is gelukt om een vereist responspercentage van 90% te behalen, één school meer ten opzichte van 2016.

Voor vier scholen is het niet gelukt bij een kleine doelgroep ouders het hoge vereiste responspercentage van 90% te behalen. Voor de leerlingen geldt dat bij twee scholen het responspercentage net

(9)

+

Toelichting

In een oogopslag (1/3)

In bovenstaande grafieken zijn de resultaten op bestuursniveau weergegeven.

Aan alle doelgroepen is gevraagd een rapportcijfer aan de school toe te kennen. We zien dat de verschillen met de landelijk gemiddelden en met het vorige onderzoek erg klein zijn. De rapportcijfers zijn ofwel gelijk of een fractie lager in vergelijking met het vorige onderzoek. het grootste verschil tussen het rapportcijfer en het landelijk gemiddelde is te zien bij de doelgroep management, namelijk een verschil van 0,3.

Echter spreken we niet van een opvallend verschil, aangezien bij rapportcijfers een afwijking van 0,5 als significant wordt beschouwd.

We concluderen dat alle doelgroepen even tevreden zijn over hun school als landelijk gemiddeld.

De scores die gemiddeld genomen aan alle stellingen bij dit onderzoek zijn toegekend, zijn in de rechtergrafiek weergegeven.

We zien dat de gemiddelde scores van vrijwel alle doelgroepen gelijk zijn aan de gemiddelde scores van het vorige onderzoek. Alleen bij management is de gemiddelde score 0,1 lager ten opzichte van het vorige onderzoek. Ook de verschillen met het landelijk gemiddelde zijn klein te noemen. Bij alle doelgroepen liggen de gemiddelde scores 0,1 hoger in vergelijking met het landelijk gemiddelde.

Uit bovenstaande grafiek is te concluderen dat in dit onderzoek alle doelgroepen gemiddeld positief zijn.

9

8,1 7,9 7,9 8,3

8,0 7,8 7,9 8,3

7,7 7,7 7,6

8,1

1 2 3 4 5 6 7 8 9 10

Management Medewerkers Ouders Leerlingen

Rapportcijfers

3,7

3,5 3,5

3,4

3,6 3,5 3,5

3,5 3,4

3,4 3,4

3,3

1,0 2,0 3,0 4,0

Management Medewerkers Ouders Leerlingen

Gemiddelde score

Accent 2018 Landelijk gemiddelde Accent 2016

(10)

+

Toelichting

Tevredenheidsindicator Vensters PO

Tevredenheid is als decentrale indicator opgenomen in Vensters PO. Hiervoor is een aantal onderwerpen vastgesteld dat bevraagd dient te worden. De resultaten van deze vragen bij ouders en leerlingen kunnen worden gepubliceerd in Vensters PO en zijn algemeen toegankelijk. De resultaten van medewerkers worden ook gepubliceerd, maar zijn besloten (alleen te zien in ManagementVenster) en worden alleen gebruikt voor een benchmark.

Wanneer we de gemiddelde scores berekenen van alleen de Vensters PO-onderdelen en deze afzetten tegen de gemiddelde score op alle vragen, zien we enkele verschillen. Bij management is te zien dat respondenten opvallend positiever zijn dan landelijk gemiddeld.

Bij medewerkers, ouders en leerlingen zijn geen opvallende verschillen in scores ten opzichte van het landelijk gemiddelde te zien. Over het algemeen zien we dat alle doelgroepen in dit onderzoek iets hoger scoren dan het landelijk gemiddelde, maar niet

opvallend hoger. Ook ligt het gemiddelde van alle vragen in dit onderzoek bij bijna alle doelgroepen iets hoger dan het landelijk gemiddelde van Vensters PO.

Een aantal zaken ter overweging:

De Vensters PO-vragen gebruiken een alternatieve antwoordschaal. Deze bestaat uit de opties --, -, +, ++. Deze zijn vertaald naar cijfers en op de gebruikelijke manier meegenomen bij de verwerking van de resultaten.

De Vensters PO-vragen betreffen een selectie van onderwerpen. Het aandeel van de Vensters PO-vragen op het totaal aantal vragen, en hiermee samenhangend de invloed van de Vensters PO-vragen op de gemiddelde scores, verschilt per respondentgroep. Het aandeel Vensters PO-vragen op het totaal is in bovenstaand kader weergegeven.

10

Aandeel in vragenlijst Management  40%

Medewerkers  38%

Ouders  41%

Leerlingen  42%

Landelijk gemiddelde Vensters PO Alleen Vensters PO

Alle vragen van dit onderzoek

3,6

3,4 3,4 3,5

3,3 3,3 3,3 3,4

3,6 3,5 3,5

3,4

1,0 2,0 3,0 4,0

Management Medewerkers Ouders Leerlingen

Vensters PO

(11)

+

Toelichting

Sociale veiligheid

Sinds 1 augustus 2015 is bij wet vastgelegd dat scholen niet alleen een sociaal veiligheidsbeleid moeten hebben, maar dat ze dit ook moeten monitoren met een betrouwbaar instrument. In de vragenlijst zijn daarom zes vragen over sociale veiligheid opgenomen. De vragen zijn gaan over drie aspecten van sociale veiligheid, namelijk ervaring en aantasting van sociale en fysieke veiligheid en het welbevinden van de leerlingen.

De resultaten op de zes vragen zijn in de bovenstaande tabel gepresenteerd. Het is belangrijk om op te merken dat de formulering van de eerste vijf items afwijkt van de andere items in het onderzoek. De items zijn namelijk negatief geformuleerd.

De scores dienen anders te worden geïnterpreteerd dan de scores bij de overige vragen: een lagere score is in dit geval positiever dan een hoge score.

In de tabel is te zien dat de doelgroep management opvallend positievere scores geeft met betrekking tot sociale veiligheid dan landelijk gemiddeld. Voor de andere drie doelgroepen geldt dat zij even tevreden zijn over sociale veiligheid als landelijk gemiddeld.

Positieve afwijking ten opzichte van het landelijk

11

gemiddelde van tenminste 0,3 punt Negatieve afwijking ten opzichte van het landelijk gemiddelde van tenminste 0,3 punt

Management Medewerkers Ouders Leerlingen

EB ACC EB ACC EB ACC EB ACC

Leerlingen worden op school gepest door andere leerlingen. 2,0 1,6 2,0 2,0 1,5 1,5 1,3 1,3

Leerlingen worden online gepest door andere leerlingen. 1,9 1,6 1,8 1,7 1,0 1,0 1,1 1,0

Leerlingen doen elkaar expres pijn. 1,8 1,2 1,9 1,8 1,3 1,3 1,3 1,2

Leerlingen zijn bang voor elkaar. 1,8 1,4 1,8 1,7 1,3 1,3 1,2 1,1

Leerlingen doen expres gemeen tegen elkaar. 2,0 1,3 1,9 1,9 1,3 1,4 1,3 1,3

Leraren helpen bij het oplossen van ruzies tussen leerlingen. 3,5 3,9 3,2 3,0 2,9 2,9 3,0 3,1

Positief geformuleerd item Negatief geformuleerde items

(12)

+

Positieve invloed op werkplezier: Kanttekeningen:

Qdialogue: Een open vraag aan de medewerkers

12

Uit het dialoog blijkt dat de meeste medewerkers tevreden zijn over verschillende onderwijsontwikkelingen die hebben bijgedragen aan hun werkplezier. Een veel voorkomend onderwerp is het vergroten van eigenaarschap van zowel leerlingen als leerkrachten. Ook wordt het vijf gelijke dagen model vaak genoemd als positieve ontwikkeling die meer ruimte, tijd en rust biedt in de scholen. Daarnaast worden veel antwoorden gegeven over nieuwe manieren van leren door leerlingen, groepsdoorbrekend en projectmatig werken bijvoorbeeld. Meerdere medewerkers geven aan dat zij de reis naar Canada hebben ervaren als inspirerend en inzichtgevend. Ook geven de medewerkers aan tevreden te zijn met de ruimte voor professionele ontwikkeling.

Hoewel de inzet van onderwijsassistenten door veel medewerkers als positief wordt gezien, zijn er ook medewerkers die aangeven dat deze ondersteuning niet voldoende blijkt om zorgleerlingen genoeg hulp te kunnen bieden.

Als kanttekeningen wordt eigenlijk alleen passend onderwijs benoemd. Medewerkers geven aan dat passend onderwijs veel druk oplevert en dat zorgleerlingen niet altijd genoeg kunnen worden geholpen in soms grote groepen waarin ze nu zitten.

Toelichting

1. Eigenaarschap van leerlingen en leerkrachten.

2. De sfeer op school en open houding en betrokkenheid onder collega’s.

3. Betere dagindeling door invoer van het 5 gelijke dagen model: vergaderingen zijn niet meer in de avond maar overdag.

4. Meer groepsdoorbrekend werken en projectmatig werken.

5. Vertrouwen en vrijheid gekregen om jezelf te ontwikkelen. Prettige werksfeer, fijne collega’s.

 meer onderwijsassistenten in de klas

 andere methodes gebruiken om meer onderzoekend en ontdekkend te gaan leren

 ruimte om als leerkracht te ontwikkelen

 reis naar Canada heeft gezorgd voor nieuwe inspiratie en inzichten

De vraag:

Welke onderwijsontwikkelingen van de afgelopen twee jaar zijn het meest van invloed geweest op mijn werkplezier?

1. Er zijn niet altijd voldoende voorzieningen om de zorgleerlingen die binnenkomen door passend onderwijs te bieden wat ze nodig hebben.

2. Passend onderwijs legt veel druk op leerkrachten, ook na schooltijd.

(13)

+

Beheersing op schoolniveau

De resultaten van de individuele scholen zijn uitgangspunt voor vervolggesprekken op de scholen en tussen bestuur en schooldirecties. In dit hoofdstuk geven we input voor deze gesprekken door te kijken naar de spreiding van waarderingen van individuele scholen binnen het bestuur.

Belangrijk om hierbij te vermelden is dat de respons bij enkele scholen niet toereikend is om te kunnen spreken van representatieve resultaten (zie pagina 8 voor de exacte responscijfers).

13

(14)

+ Toelichting op resultaten

14

Op de volgende pagina’s presenteren we achtereenvolgens de gemiddelde scores, de trendbenchmark afgezet tegen het landelijk gemiddelde en de scores per rubriek. We doen dit per doelgroep.

De grafiek die we gebruiken voor de trendbenchmark verdient enige toelichting. Er bestaan vier kwadranten: scholen die een bovengemiddelde score hebben en een hogere gemiddelde score hebben dan bij het vorige onderzoek (2). Scholen die weliswaar een lagere gemiddelde score krijgen dan de vorige keer, maar hiermee nog steeds bovengemiddeld scoren (1). Scholen die een hogere gemiddelde score krijgen dan de vorige keer, maar hiermee nog onder gemiddeld scoren (4) en als laatste scholen die én een lagere gemiddelde score krijgen dan de vorige keer én hiermee onder het gemiddelde scoren (3).

We nemen hierbij twee benchmarks als uitgangspunt:

1. De externe benchmark, oftewel het landelijk gemiddelde. Deze plotten we op de verticale as. Scholen die boven de benchmark worden gescoord, zien we terug in de bovenste helft; scholen die onder de benchmark worden gescoord in de onderste helft.

2. De trendbenchmark, ofwel de vergelijking met de resultaten van het vorige onderzoek. Deze plotten we op de horizontale as. Scholen die een hogere itemscorer krijgen dan de vorige keer zien we terug in de rechterkant van de grafiek, scholen die lager worden gewaardeerd zien we terug in de linkerhelft.

Bij de resultaten worden afwijkingen van 0,3 of meer als significant beschouwd.

Toelichting

(15)

+

Toelichting

EB 3,5

ACC 3,6

TRI 3,0

NIH 3,3

BAR 3,4

BON 3,4

HSGR 3,4

BAT 3,5

HSGEN 3,5

MOL 3,5

MEA 3,6

UNI 3,6

WAR 3,6

JUL 3,7

KLIM 3,7

KNIE 3,7

KWS 3,7

BOSM 3,8

EMMA 3,8

GVP 3,8

HOV 3,8

1,0 2,0 3,0 4,0

Management

Management (1/3)

In bovenstaande grafiek zijn de scores die door de doelgroep management gemiddeld genomen zijn gegeven, per school weergegeven, van laag naar hoog.

Uit de grafiek blijkt dat bij 14 van de 19 scholen het management even positief of positiever is dan landelijk gemiddeld.

Het management van de Triangel is opvallend minder tevreden dan landelijk gemiddeld. Naast het management van de Triangel is ook het management van SBO NieuwHessen opvallend minder tevreden dan het management op de andere Accentscholen.

Op Barlo, Bontebrug, de Hoeksteen in Groenlo, de Bataaf, de Hoeksteen in Gendringen, Möllenveld, Meeander, IKC Uniek, Warmelinck, Julianaschool, Klimop, Knienenbult en de KWS zijn de managementleden gemiddeld tevreden in vergelijking met het landelijk gemiddelde.

Op de Bosmark, de Emmaschool, Groen van Prinsterer en de Höve zijn de managmentleden het meest tevreden van alle Accentscholen. Zij scoren met een 3,8 opvallend hoger dan het landelijk gemiddelde en 0,2 boven het Accent gemiddelde.

15

(16)

+

Toelichting

Management (2/3)

We zien dat de meeste scholen zich aan de linker kant van de grafiek bevinden, wat duidt op lagere scores dan bij het vorige onderzoek in 2016. Wel is te zien dat de meeste scholen aan de linker kant van de grafiek een daling van 0,1 of 0,2 in scores betreffen. Deze verschillen zijn zo klein dat ze niet als opvallend minder dan de scores vorig onderzoek kunnen worden benoemd.

Voor SBO NieuwHessen, Barlo en de Bataaf geldt dat er een significant verschil te zien is in vergelijking met het onderzoek uit 2016. Het management van SBO NieuwHessen en het management van Barlo zijn minder tevreden dan in het vorige onderzoek en iets minder tevreden dan landelijk gemiddeld. Voor het management van de Bataaf geldt dat ze de school opvallend minder positief waarderen dan bij het onderzoek in 2016, maar gelijk aan het landelijk gemiddelde.

Hoewel het management van de Klimop niet opvallend minder positief is dan bij het onderzoek uit 2016, is het management wel iets positiever dan het landelijk gemiddelde.

Voor het management van de Höve, de Emmaschool, de Bosmark en Groen van Prinsterer geldt dat zij niet een opvallend lagere score laten zien ten opzichte van het vorige onderzoek, maar wel een opvallend positievere score in vergelijking met het landelijk gemiddelde.

Het management van de KWS en de Hoeksteen Gendringen zijn rechtsboven in de grafiek te zien. Dit duidt erop dat ze zowel positiever zijn dan bij het vorige onderzoek en dat de scores hoger zijn dan landelijk gemiddeld. Op de KWS zijn de scores van het management niet opvallend hoger dan het landelijk gemiddelde, maar wel opvallend veel hoger dan bij het onderzoek uit 2016. Bij de Hoeksteen in Gendringen is het management opvallend positiever dan bij het vorige onderzoek, maar even positief als landelijk gemiddeld

16

BAR BON

BAT

BOSM MEA

EMMA GVP

HSGEN HSGR

HOV

UNI

KLIM KNIEJUL KWS

NIH

MOL

TRI WAR

-0,8 -0,7 -0,6 -0,5 -0,4 -0,3 -0,2 -0,1 0,1 0,2 0,3 0,4 0,5 0,6

-0,6 -0,5 -0,4 -0,3 -0,2 -0,1 0,0 0,1 0,2 0,3 0,4 0,5 0,6 0,7

Externe benchmark

Trendbenchmark

(17)

+

In bovenstaande tabel zijn de scores van het management per school en per thema weergegeven.

Deze corresponderen met de hoofdstukken en paragrafen in de cijferrapportages. De meest opvallende, afwijkende scores zijn roze en groen gekleurd.

Opvallende afwijkende resultaten ten opzichte van de externe benchmark zien we bij de Triangel.

Op bijna elke rubriek is het management van de Triangel minder tevreden dan landelijk gemiddeld.

Wel zien we dat de schoolcultuur als opvallend positief wordt ervaren door het management.

Over het algemeen wordt de rubriek ICT door managementleden als het minst positief gewaardeerd. De Julianaschool en de Knienenbult zijn hierop een uitzondering. Op deze scholen

De rubriek Arbeidsomstandigheden: taken wordt gemiddeld het hoogst gewaardeerd door de managementleden. Alleen het management van de Klimop scoort deze rubriek lager dan landelijk gemiddeld.

De meeste opvallend positieve afwijkingen ten opzichte van het landelijk gemiddelde zien we bij De Bosmark, de Emmaschool en de Höve.

Bij de Groen van Prinsterer school zien we dat er geen resultaten beschikbaar zijn in de rubriek directie. Deze vragen zijn vermoedelijk per ongeluk overgeslagen tijdens het invullen van de vragenlijst.

Toelichting

Management (3/3)

17

Thema EB ACC BAR BON BAT BOSM MEA EMMA GVP HSGEN HSGR HOV UNI JUL KLIM KNIE KWS NIH MOL TRI WAR

Schoolklimaat 3,4 3,8 3,5 3,5 4,0 3,9 3,9 4,0 3,8 3,5 4,0 4,0 3,8 4,0 4,0 3,4 4,0 3,8 3,5 3,0 4,0

Onderwijsleerproces 3,2 3,5 3,5 3,2 3,2 3,8 3,6 3,9 3,9 3,6 3,0 4,0 3,4 3,4 3,7 3,8 3,3 3,0 3,4 3,0 3,7

Communicatie 3,4 3,7 3,5 3,0 4,0 4,0 3,6 4,0 4,0 3,3 3,5 4,0 4,0 4,0 3,5 3,4 4,0 3,8 3,8 3,0 4,0

Schoolcultuur 3,4 3,7 3,4 3,6 3,2 4,0 3,8 4,0 3,6 3,6 4,0 4,0 3,8 4,0 4,0 3,6 3,8 3,6 3,8 3,0 4,0

Sociale veiligheid 2,2 1,8 1,8 2,0 2,3 1,7 2,0 1,8 2,2 1,8 1,5 1,7 2,0 1,6 1,5 2,3 1,8 1,5 2,0 2,2 1,3

Didactiek 3,6 3,6 3,5 3,5 3,0 3,8 3,5 4,0 4,0 3,3 3,0 4,0 3,8 4,0 4,0 3,9 3,8 3,5 3,8 3,0 4,0

Begeleiding 3,6 3,6 3,5 3,5 3,8 4,0 3,6 4,0 4,0 3,8 3,0 4,0 3,8 3,5 4,0 4,0 3,5 3,0 3,5 3,0 3,3

Leermiddelen 3,5 3,5 3,3 3,0 3,3 3,8 3,5 3,7 3,7 3,0 3,0 4,0 4,0 4,0 4,0 3,8 3,3 3,0 3,0 3,0 3,7

Context 3,5 3,6 3,4 4,0 3,6 3,9 3,7 4,0 4,0 3,8 3,2 4,0 3,8 3,4 3,4 3,8 3,8 3,2 3,8 3,0 3,4

ICT 3,3 3,1 3,5 2,5 3,5 3,6 2,8 3,3 3,5 2,5 2,5 3,0 3,0 4,0 3,5 4,0 3,5 1,5 3,3 3,0 3,5

Ondersteuning 3,6 3,8 3,5 3,8 3,3 4,0 3,7 4,0 4,0 3,8 3,7 4,0 3,7 4,0 4,0 3,9 3,8 3,5 3,8 3,5 4,0

Handelingsgericht werken 3,3 3,5 3,5 3,5 4,0 4,0 3,5 4,0 4,0 3,0 3,0 4,0 3,0 3,5 3,5 4,0 3,5 3,0 3,5 3,0 3,0

Pedagogisch klimaat: sfeer 3,7 3,0 3,0 4,0 4,0 4,0 4,0 4,0 4,0 4,0 4,0 4,0 3,0 4,0 3,5 4,0 3,0 4,0 3,0 3,0

Sociale omgang 3,7 3,8 3,6 3,6 3,9 4,0 4,0 4,0 4,0 3,9 3,6 4,0 3,7 4,0 4,0 3,9 4,0 3,7 3,7 3,0 4,0

Pedagogisch klimaat 3,5 3,7 3,5 3,5 4,0 3,5 3,8 4,0 4,0 3,5 3,5 3,5 3,5 4,0 4,0 3,8 4,0 3,5 3,5 3,0 4,0

Interactie met leerlingen 3,7 3,7 3,3 3,7 3,8 3,9 3,7 3,8 4,0 3,5 3,8 4,0 3,8 3,5 3,7 4,0 4,0 3,2 3,5 3,0 3,5

Ouderbetrokkenheid 3,4 3,7 4,0 3,5 3,5 4,0 4,0 4,0 3,5 3,0 4,0 4,0 4,0 4,0 3,5 3,5 4,0 3,0 4,0 3,0 3,5

Directie 3,7 3,8 3,5 3,9 3,9 4,0 4,0 4,0 - 3,9 3,8 4,0 3,7 4,0 3,9 4,0 4,0 3,8 3,5 3,0 3,9

Informatievoorziening 3,6 3,8 3,6 3,4 3,8 4,0 3,8 4,0 4,0 3,6 3,6 4,0 3,8 4,0 3,8 3,7 3,8 4,0 3,6 3,0 3,8

Schoolcultuur 3,5 3,7 3,4 3,6 3,2 4,0 3,9 4,0 3,8 3,8 3,6 4,0 3,7 3,8 3,6 3,8 3,8 3,4 3,6 3,8 3,4

Ontwikkelingsmogelijkheden medewerkers 3,5 3,6 3,2 3,0 3,9 4,0 3,8 3,9 3,7 3,4 3,7 4,0 3,4 3,7 3,7 3,2 3,6 3,7 3,6 2,7 3,7

Overleg en medezeggenschap 3,5 3,7 3,6 3,8 3,8 4,0 3,4 3,8 4,0 3,4 3,6 4,0 4,0 3,8 3,4 3,8 3,6 3,6 3,6 3,2 3,6

Arbeidsomstandigheden: taken 3,8 3,9 4,0 4,0 4,0 4,0 4,0 4,0 4,0 4,0 4,0 4,0 4,0 4,0 3,0 4,0 4,0 4,0 4,0 3,0 4,0

Arbeidsomstandigheden: ARBO-beleid 3,5 3,7 3,3 4,0 3,5 4,0 3,4 4,0 4,0 3,5 3,5 4,0 3,5 3,8 4,0 3,8 3,8 3,5 3,5 3,0 4,0

Bestuur 3,4 3,0 3,0 3,0 4,0 3,0 4,0 3,0 3,0 3,0 4,0 4,0 4,0 4,0 4,0 3,0 3,0 3,0 3,0 3,0

Schoolkeuze 3,6 3,8 3,8 3,0 3,8 4,0 4,0 4,0 4,0 3,8 4,0 4,0 4,0 4,0 3,8 3,1 4,0 3,8 3,8 3,0 4,0

Rapportcijfer 7,7 8,0 8,0 7,0 7,0 9,0 8,0 9,0 9,0 7,0 8,0 9,0 8,0 8,0 8,0 8,0 8,0 8,0 8,0 7,0 8,0

Afwijking ten opzichte van het landelijk gemiddelde van tenminste + 0,3 punt Afwijking ten opzichte van het landelijk gemiddelde van tenminste -0,3 punt

(18)

+

Toelichting

Medewerkers (1/3)

In bovenstaande grafiek is te zien dat op één school de medewerkers opvallend minder positief zijn dan de andere Accent scholen, namelijk IKC Uniek. Deze school werd door het management rond het landelijk gemiddelde gewaardeerd. Een andere school die door de medewerkers opvallend positiever wordt gewaardeerd is Höve. De andere scholen bevinden zich allen in de marge van 0,3 punt afwijking ten opzichte van het Accent gemiddelde. Twee scholen worden door het eigen team onder het Accentgemiddelde gescoord.

De vier hoogst gewaardeerde scholen door de medewerkers komen vrijwel overeen met de hoogst gewaardeerde scholen door het management. De Emmaschool en Warmelinck wisselen elkaar af in de gemiddelde scores ten opzichte van de scores die

de managementleden toekennen aan de school. Wel blijven ze beiden net iets hoger dan het gemiddelde van de Accent scholen.

Waar bij het management de Triangel als laagst gewaardeerde school aangegeven was, wordt de Triangel door medewerkers als gemiddeld gewaardeerd ten opzichte van het Accent gemiddelde. IKC Uniek staat bij de medewerkers met de laagste gemiddelde score genoteerd. Bij het management werd IKC Uniek als gemiddeld gewaardeerd ten opzichte van het Accent gemiddelde.

In vergelijking met het landelijk gemiddelde valt IKC Uniek op in negatieve zin en de Bosmark, Groen van Prinsterer, Warmelinck en Höve in positieve zin.

18

EB 3,4

ACC 3,5

UNI 3,0

BAT 3,3

HSGEN 3,3

KWS 3,3

NIH 3,3

KNIE 3,4

TRI 3,4

BON 3,5

HSGR 3,5

MOL 3,5

BAR 3,6

MEA 3,6

EMMA 3,6

JUL 3,6

KLIM 3,6

BOSM 3,7

GVP 3,7

WAR 3,7

HOV 3,8

1,0 2,0 3,0 4,0

Medewerkers

(19)

+

Toelichting

Medewerkers (2/3)

We zien dat vrijwel alle scholen binnen de marge van 0,3 punt vallen waardoor deze afwijkingen niet als significant kunnen worden beschouwd. De enige school die echt erg afwijkt ten opzicht van het vorige onderzoek is IKC Uniek. De medewerkers van IKC Uniek waarderen de scholen 0,5 punt lager dan in het onderzoek in 2016. Ook is te zien dat de medewerkers IKC Uniek opvallend lager waarderen dan landelijk gemiddeld. Voor Knienenbult en SBO NieuwHessen geldt dat zij opvallend minder positief worden gewaardeerd door medewerkers dan bij het vorige onderzoek. Wel scoren beide scholen nog rond het landelijk gemiddelde.

Ook zien we een aantal scholen op de verticale as staan, dit betekent dat deze scholen exact hetzelfde worden gewaardeerd door medewerkers als bij het onderzoek uit 2016. Wel zien we dat de Bosmark, Warmelinck en de Groen van Prinsterer opvallend hoger scoren op de externe benchmark.

De meest positieve opvallende school uit dit onderzoek is de Höve. De medewerkers van de Höve waarderen de school positiever dan bij het vorige onderzoek en hoger dan het landelijk gemiddelde.

19

BAR BON

BAT

BOSM EMMA MEA

GVP

HSGEN HSGR

HOV

UNI

KLIM JUL

KNIE NIH KWS

MOL TRI

WAR

-0,5 -0,4 -0,3 -0,2 -0,1 0,0 0,1 0,2 0,3 0,4 0,5

-0,6 -0,5 -0,4 -0,3 -0,2 -0,1 0,0 0,1 0,2 0,3 0,4

Externe benchmark

Trendbenchmark

(20)

+

Bij IKC Uniek valt op dat de medewerkers bijna alle rubrieken lagere scores toekennen dan landelijk gemiddeld. Dit verklaart waarom IKC Uniek de laagste gemiddelde score heeft onder de doelgroep medewerkers. Andere scholen die opvallen door relatief veel negatieve afwijkingen ten opzichte van het landelijk gemiddelde zijn de Bataaf, de Hoeksteen te Gendringen, de KWS en SBO NieuwHessen.

De rubriek schoolcultuur wordt door de medewerkers van alle scholen over het algemeen het hoogst gewaardeerd. Geen enkele school scoort opvallend lager dan landelijk gemiddeld.

Hier zijn de meeste significante negatieve afwijkingen ten opzichte van het landelijk gemiddelde te zien. Ook is er slechts één school die een opvallend hogere score dan het landelijk gemiddelde laat zien. Ook bij de doelgroep management werd de rubriek ICT als minst positief gewaardeerd.

In het algemeen positief opvallend ten opzichte van het landelijk gemiddelden zijn Höve, Warmelinck, Groen van Prinsterer, de Bosmark en de Emmaschool. Dit zijn ook de scholen die de hoogste gemiddelde scores noteren voor de doelgroep medewerkers. De Emmaschool heeft een iets lagere gemiddelde score dan de andere vier scholen, maar valt in bovenstaande tabel op doordat er geen rode cijfers te zien zijn.

Toelichting

Medewerkers (3/3)

20

Thema EB ACC BAR BON BAT BOSM MEA EMMA GVP HSGEN HSGR HOV UNI JUL KLIM KNIE KWS NIH MOL TRI WAR

Schoolklimaat 3,5 3,5 3,7 3,4 3,4 3,6 3,5 3,7 3,5 3,2 3,5 3,7 3,0 3,6 3,7 3,3 3,2 3,4 3,1 3,5 3,8

Onderwijsleerproces 3,3 3,2 3,3 3,3 3,0 3,5 3,3 3,4 3,4 3,0 3,4 3,5 2,7 3,2 3,4 3,2 3,1 3,2 3,2 3,2 3,4

Communicatie 3,3 3,3 3,4 3,2 3,1 3,7 3,5 3,6 3,7 3,0 3,5 3,7 2,9 3,4 3,5 3,0 3,3 3,0 3,4 3,3 3,7

Schoolcultuur 3,4 3,5 3,5 3,7 3,0 3,8 3,6 3,7 3,8 3,4 3,6 3,9 3,1 3,5 3,8 3,3 3,2 3,2 3,6 3,4 3,8

Sociale veiligheid 2,1 2,0 2,0 1,9 2,1 2,1 2,0 1,9 2,1 2,1 2,0 1,9 2,2 2,1 1,9 2,2 2,2 2,1 2,0 2,1 1,7

Didactiek 3,7 3,6 3,9 3,8 3,7 3,9 3,6 3,7 3,7 3,5 3,5 3,9 3,2 3,9 3,8 3,5 3,4 3,2 3,5 3,7 3,9

Begeleiding 3,5 3,7 3,7 3,7 3,6 3,9 3,7 3,9 3,8 3,4 3,8 3,9 3,5 3,8 3,7 3,6 3,5 3,7 3,4 3,7 3,7

Leermiddelen 3,2 3,3 3,4 3,2 3,3 3,5 3,4 3,2 3,4 3,2 3,1 3,6 3,2 3,4 3,4 3,1 3,2 3,4 3,3 3,4 3,7

Context 3,5 3,5 3,8 3,7 3,2 3,9 3,5 3,5 3,5 3,4 3,3 3,8 3,2 3,4 3,5 3,5 3,1 3,2 3,3 3,2 3,8

ICT 3,3 3,0 2,9 2,9 2,9 3,4 3,2 3,1 3,1 2,8 2,8 3,6 2,7 2,9 2,9 2,6 2,8 3,1 2,8 3,0 3,3

Ondersteuning 3,6 3,7 3,9 3,5 3,6 3,9 3,6 4,0 4,0 3,3 3,9 3,9 2,8 4,0 3,9 3,6 3,6 3,6 3,6 3,5 4,0

Handelingsgericht werken 3,6 3,6 3,7 3,7 3,5 3,9 3,6 3,9 3,5 3,3 3,7 3,9 3,3 3,7 3,6 3,6 3,6 3,6 3,6 3,4 3,7

Pedagogisch klimaat: sfeer 3,6 3,8 3,3 3,4 3,9 3,5 4,0 3,7 3,3 3,9 4,0 2,3 3,9 4,0 3,5 3,3 3,8 3,7 3,4 3,9

Sociale omgang 3,7 3,7 3,9 3,6 3,6 3,9 3,9 3,8 3,9 3,4 3,8 3,8 3,3 3,9 3,9 3,7 3,5 3,5 3,7 3,6 3,9

Pedagogisch klimaat 3,2 3,6 3,5 3,6 3,3 3,7 3,8 3,9 3,8 3,5 3,5 4,0 3,1 3,8 3,7 3,5 3,3 3,5 3,7 3,2 3,7

Interactie met leerlingen 3,7 3,7 3,9 3,9 3,8 3,9 3,8 3,9 3,9 3,5 3,7 3,9 3,6 3,9 3,9 3,7 3,4 3,5 3,8 3,6 3,9

Ouderbetrokkenheid 3,4 3,4 3,8 3,8 3,2 3,7 3,6 3,4 3,5 2,9 3,8 3,7 3,1 3,6 3,5 3,0 3,4 3,1 3,6 3,2 3,5

Directie 3,6 3,6 3,7 3,7 3,1 3,8 3,8 3,8 4,0 3,4 3,7 4,0 2,5 3,7 3,7 3,4 3,5 3,1 3,7 3,5 3,9

Informatievoorziening 3,6 3,6 4,0 3,5 3,1 3,9 3,8 3,8 4,0 3,3 3,7 3,9 3,2 3,7 3,8 3,3 3,5 3,7 3,9 3,4 3,8

Schoolcultuur 3,5 3,7 3,9 3,7 3,4 3,8 3,7 3,9 3,8 3,4 3,4 3,9 3,4 3,8 3,9 3,8 3,4 3,4 3,9 3,6 3,9

Ontwikkelingsmogelijkheden

medewerkers 3,5 3,5 3,7 3,3 3,2 3,7 3,6 3,6 3,6 3,4 3,4 3,8 3,1 3,6 3,5 3,5 3,3 3,5 3,6 3,1 3,7

Overleg en medezeggenschap 3,4 3,4 3,8 3,6 2,8 3,8 3,3 3,4 3,8 3,2 3,3 4,0 2,7 3,4 3,4 3,1 2,9 3,2 3,5 3,3 3,8

Arbeidsomstandigheden: taken 3,5 3,6 3,8 3,6 3,1 3,7 3,5 4,0 3,9 3,6 3,5 3,9 2,6 3,8 3,3 3,2 3,4 3,6 3,8 3,4 3,9

Arbeidsomstandigheden: ARBO-beleid 3,1 3,3 3,2 3,6 3,0 3,6 3,2 3,3 3,7 3,3 3,5 3,8 2,7 3,6 3,6 3,2 2,9 3,1 3,4 3,1 3,9

Bestuur 3,1 3,7 3,0 3,5 3,2 2,6 3,3 2,6 3,1 3,0 3,2 3,1 2,9 3,2 3,3 2,7 3,4 3,9 2,8 3,6

Schoolkeuze 3,6 3,6 3,7 3,6 3,3 3,9 3,8 3,9 3,9 3,1 3,7 3,9 3,1 3,9 3,8 2,9 3,4 3,5 3,8 3,6 3,7

Rapportcijfer 7,7 7,8 7,7 7,7 7,1 8,5 8,1 8,4 8,4 7,0 8,1 8,4 6,3 8,2 8,4 7,3 7,5 7,5 7,2 7,7 8,3

Afwijking ten opzichte van het landelijk gemiddelde van tenminste + 0,3 punt Afwijking ten opzichte van het landelijk gemiddelde van tenminste -0,3 punt

(21)

+

Toelichting

Ouders (1/3)

De gemiddelde scores die door de ouders zijn toegekend aan de scholen liggen dicht bij het landelijk gemiddelde. Er zijn geen opvallend lage scores ten opzichte van het landelijk gemiddelde te zien. Wel zien we dat van alle scholen de Knienenbult het minst positief wordt gewaardeerd door de ouders.

Opvallend hoge scores ten opzichte van het landelijk gemiddelde zien we bij de Bosmark, Emmaschool en SBO NieuwHessen. Deze drie scholen worden gemiddeld het meest positief gewaardeerd door de ouders. Ook bij de doelgroepen management en medewerkers is te zien dat deze scholen relatief hoog worden gescoord. SBO NieuwHessen is hierop een uitzondering. Deze school wordt door zowel het management als de medewerkers beneden het Accent gemiddelde gewaardeerd.

Alle andere scholen noteren gemiddelde scores die gelijk zijn aan het landelijk gemiddelde of een fractie daarboven.

Waar Höve bij de doelgroepen management en medewerkers het meest aan de rechterkant van de grafiek te zien was, zijn de ouders een fractie kritischer over de school. Echter waarderen de ouders de school nog steeds net iets hoger dan landelijk gemiddeld en dan het Accent gemiddelde.

21

EB 3,4

ACC 3,5

KNIE 3,2

BAT 3,4

HSGEN 3,4

UNI 3,4

KWS 3,4

BAR 3,5

BON 3,5

MEA 3,5

TRI 3,5

WAR 3,5

GVP 3,6

HSGR 3,6

HOV 3,6

JUL 3,6

KLIM 3,6

MOL 3,6

BOSM 3,7

EMMA 3,7

NIH 3,7

1,0 2,0 3,0 4,0

Ouders

(22)

+

Toelichting

Ouders (2/3)

In bovenstaande grafiek is te zien dat bij elf scholen geen opvallende afwijkingen te zien zijn zowel ten opzichte van het vorige onderzoek als ten opzichte van het landelijk gemiddelde.

Een school die wel opvalt ten opzichte van het onderzoek uit 2016 is Knienenbult. We zien geen opvallend negatieve afwijkingen ten opzichte van het landelijk gemiddelde, maar wel ten opzichte van het vorige onderzoek.

Bij SBO NieuwHessen is te zien dat er een opvallend positieve hogere score door de ouders is toegekend dan landelijk gemiddeld. Ook zien we dat de ouders dezelfde gemiddelde score toekennen aan de school als bij het onderzoek in 2016.

Vergelijkbaar met SBO NieuwHessen laten Emmaschool en de Bosmark een opvallend positieve waardering van de ouders zien ten opzichte van het landelijk gemiddelde. Bij deze twee scholen is

echter ook een kleine, maar niet opvallende, vooruitgang te zien ten opzichte van het onderzoek uit 2016.

We zien dat Höve het meest rechts in de grafiek te vinden is. Dit duidt erop dat de ouders een hogere score dan bij vorig onderzoek en hoger dan landelijk gemiddeld hebben toegekend aan de school. Echter vallen deze verbeteringen binnen de marge van 0,3 punt en zijn ze daardoor niet als opvallend positief te benoemen.

22

BAR BON

BAT

BOSM

MEA EMMA

GVP

HSGEN

HSGR HOV

UNI

KLIMJUL

KNIE

KWS NIH

MOL

TRI WAR

-0,4 -0,3 -0,2 -0,1 0,0 0,1 0,2 0,3 0,4

-0,5 -0,4 -0,3 -0,2 -0,1 0,1 0,2 0,3

Externe benchmark

Trendbenchmark

(23)

+

Doordat bij de doelgroep ouders vaak sprake is van een grote respondentgroep zien we vaak kleinere verschillen met het landelijk gemiddelde dan bij kleinere respondentgroepen.

Een school die opvalt door de meeste significante negatieve afwijkingen ten opzichte van het landelijk gemiddelde is Knienenbult. We zien dat de ouders de helft van de rubrieken een opvallend lagere score toekennen dan landelijk gemiddeld. Een rubriek die bij deze school opvalt is de rubriek sociale veiligheid. De ouders van kennen als enige school een relatief negatieve score toe aan de sociale veiligheid op school.

Over het algemeen gezien zijn de ouders van alle scholen het minst positief over de rubriek ICT. In deze rubriek zijn alleen scores gelijk aan of onder het landelijk gemiddelde te zien. Deze negatieve waardering voor de rubriek ICT is ook te zien bij de doelgroepen management en medewerkers.

In het algemeen zijn ouders het meest positief over de rubriek schoolkeuze. Op 16 van de 19 scholen ligt het resultaat boven het landelijk gemiddelde.

De school met de meeste positieve rubriekscores is de Emmaschool. Aan alle rubrieken wordt door de ouders een score toegekend die rondom of hoger ligt dan het landelijk gemiddelde.

Toelichting

Ouders (3/3)

23

Thema EB ACC BAR BON BAT BOSM MEA EMMA GVP HSGEN HSGR HOV UNI JUL KLIM KNIE KWS NIH MOL TRI WAR

Schoolklimaat 3,4 3,4 3,6 3,4 3,3 3,6 3,4 3,7 3,5 3,4 3,5 3,6 3,4 3,5 3,5 3,0 3,4 3,6 3,3 3,5 3,5

Onderwijsleerproces 3,3 3,4 3,3 3,3 3,3 3,5 3,3 3,6 3,5 3,3 3,4 3,4 3,3 3,4 3,4 3,2 3,2 3,6 3,4 3,3 3,3

Communicatie 3,2 3,3 3,5 3,2 3,2 3,5 3,2 3,5 3,5 3,2 3,4 3,4 3,2 3,4 3,4 2,9 3,2 3,5 3,6 3,2 3,5

Sociale veiligheid 1,6 1,5 1,4 1,6 1,6 1,5 1,6 1,5 1,5 1,5 1,5 1,4 1,6 1,5 1,4 1,9 1,5 1,6 1,7 1,5 1,4

Didactiek 3,7 3,7 3,7 3,6 3,7 3,7 3,7 3,8 3,8 3,9 3,7 3,7 3,7 3,7 3,8 3,4 3,7 3,6 3,8 3,7 3,9

Begeleiding 3,5 3,6 3,5 3,6 3,7 3,7 3,6 3,8 3,7 3,6 3,6 3,8 3,6 3,7 3,7 3,5 3,6 3,7 3,7 3,5 3,7

Context 3,6 3,6 3,6 3,7 3,6 3,8 3,6 3,8 3,7 3,6 3,6 3,6 3,6 3,6 3,6 3,4 3,5 3,6 3,7 3,6 3,6

ICT 3,3 3,1 3,1 3,0 3,1 3,2 3,2 3,2 3,2 2,8 3,2 3,2 3,3 3,2 3,3 2,9 2,8 3,3 3,1 3,2 2,9

Ondersteuning 3,3 3,5 3,5 3,7 3,5 3,6 3,4 3,8 3,7 3,6 3,5 3,6 3,3 3,7 3,7 3,2 3,2 3,7 3,7 3,3 3,4

Handelingsgericht werken 3,2 3,5 3,5 3,5 3,5 3,6 3,4 3,6 3,5 3,4 3,5 3,5 3,5 3,6 3,5 3,2 3,4 3,6 3,6 3,3 3,5

Pedagogisch klimaat: sfeer 3,5 3,5 3,4 3,3 3,6 3,4 3,7 3,6 3,6 3,7 3,8 3,3 3,8 3,4 2,8 3,3 3,8 3,3 3,4 3,6

Sociale omgang 3,5 3,6 3,7 3,5 3,6 3,7 3,5 3,7 3,7 3,6 3,6 3,7 3,6 3,7 3,6 3,2 3,6 3,7 3,6 3,6 3,7

Pedagogisch klimaat 3,2 3,4 3,6 3,2 3,2 3,6 3,3 3,6 3,5 3,2 3,5 3,5 3,3 3,4 3,3 3,0 3,0 3,7 3,6 3,2 3,4

Interactie met leerlingen 3,5 3,6 3,5 3,8 3,6 3,7 3,6 3,7 3,7 3,5 3,6 3,6 3,6 3,6 3,6 3,1 3,4 3,7 3,7 3,5 3,6

Ouderbetrokkenheid 3,4 3,5 3,6 3,6 3,5 3,6 3,4 3,6 3,6 3,3 3,5 3,6 3,4 3,6 3,5 3,1 3,3 3,6 3,6 3,3 3,4

Directie 3,5 3,6 3,7 3,7 3,3 3,8 3,7 3,6 3,9 3,4 3,7 3,7 3,3 3,7 3,7 3,4 3,4 3,7 3,6 3,7 3,8

Informatievoorziening 3,5 3,6 3,7 3,3 3,5 3,8 3,6 3,6 3,8 3,5 3,7 3,7 3,5 3,7 3,5 3,2 3,6 3,8 3,7 3,6 3,6

Schoolcultuur 3,4 3,6 3,7 3,7 3,4 3,7 3,5 3,8 3,7 3,3 3,7 3,7 3,4 3,8 3,6 3,1 3,4 3,6 3,7 3,7 3,5

Overleg en medezeggenschap 3,4 3,5 3,7 3,7 3,3 3,7 3,5 3,7 3,7 3,4 3,6 3,6 3,5 3,7 3,5 3,0 3,3 3,6 3,5 3,6 3,7

Arbeidsomstandigheden: ARBO-beleid 3,6 3,7 3,7 3,8 3,5 3,8 3,7 3,7 3,8 3,4 3,7 3,9 3,7 3,8 3,6 3,6 3,8 3,8 3,6 3,6 3,8

Schoolkeuze 3,5 3,7 3,7 3,9 3,5 3,9 3,8 4,0 3,9 3,6 3,8 3,9 3,6 3,8 3,7 3,4 3,3 3,9 3,8 3,8 3,8

Rapportcijfer 7,6 7,9 8,3 8,2 7,6 8,3 7,7 8,4 8,3 7,5 8,1 8,2 7,4 8,2 7,9 7,4 7,3 8,2 7,8 7,9 7,9

Afwijking ten opzichte van het landelijk gemiddelde van tenminste + 0,3 punt Afwijking ten opzichte van het landelijk gemiddelde van tenminste -0,3 punt

(24)

+

Toelichting

Leerlingen (1/3)

Ook bij de doelgroep leerlingen is de respondentgroep vaak wat groter, net als bij ouders.

Daardoor zijn er vaak kleinere verschillen te zien ten opzichte van het landelijk gemiddelde. In bovenstaande grafiek is te zien dat de gemiddelde scores die leerlingen toekennen aan hun school rondom het landelijk gemiddelde liggen. We zien geen opvallend lagere scores ten opzichte van het landelijk gemiddelde.

Te zien is dat van alle scholen Barlo door de leerlingen als minst positief wordt gewaardeerd. In vergelijking met het Accent gemiddelde is de score die de leerlingen toekennen aan Barlo opvallend laag te noemen. Echter is de score niet opvallend laag in vergelijking met het landelijk gemiddelde.

Aan één school wordt een opvallend hoge score ten opzichte van het landelijk gemiddelde toegekend door de leerlingen, namelijk de Emmaschool. Bij de andere doelgroepen zien we ook

relatief hogere waarderingen voor de Emmaschool terug.

Daarnaast zijn er drie scholen die een fractie hoger scoren dan de rest van de scholen.

Knienenbult, de Triangel en Warmelinck. Waar Knienenbult bij medewerkers en ouders meer aan de linker kant van de grafiek te zien was, zien we bij leerlingen dat de school aan de rechterkant te vinden is. Dit zien we ook terug bij de doelgroep management. De Triangel werd door het management van alle scholen het minst positief gewaardeerd. Bij de leerlingen zien we dat een van de hoogste scores wordt toegekend aan de Triangel. Medewerkers en ouders van de Triangel kennen een score rond het Accent gemiddelde toe. Voor Warmelinck geldt dat door zowel medewerkers als leerlingen de school een van de hoogste scores kreeg toegekend. De scores die ouders en management toekenden aan Warmelinck liggen rond het Accent gemiddelde.

24

EB 3,3

ACC 3,4

BAR 3,1

KWS 3,2

BAT 3,3

HSGEN 3,3

HSGR 3,3

JUL 3,3

MOL 3,3

BON 3,4

BOSM 3,4

MEA 3,4

GVP 3,4

HOV 3,4

UNI 3,4

KLIM 3,4

NIH 3,4

KNIE 3,5

TRI 3,5

WAR 3,5

EMMA 3,6

1,0 2,0 3,0 4,0

Leerlingen

(25)

+

Toelichting

Leerlingen (2/3)

In bovenstaande grafiek zien we dat de resultaten van de meeste scholen overeen komen met het vorige onderzoek of met het landelijk gemiddelde.

We zien dat de leerlingen een gemiddelde score aan Knienenbult toekennen die opvallend lager is dan bij het onderzoek uit 2016. Wel is te zien dat deze score nog iets boven het landelijk gemiddelde ligt.

Bij de Emmaschool is te zien dat de leerlingen een hogere score toekennen aan de school dan landelijk gemiddeld. Ten opzichte van het onderzoek uit 2016 zien we dat

de Emmaschool een kleine sprong vooruit maakt.

Ten slotte zien we bij Warmelinck dat de leerlingen iets meer tevreden zijn dan landelijk gemiddeld, maar veel tevredener dan twee jaar geleden.

25

BAR BON

BAT

BOSMMEA EMMA

GVP

HSGEN HSGR

HOV UNI

JUL

KLIM KNIE

KWS

NIH

MOL

TRI WAR

-0,4 -0,3 -0,2 -0,1 0,0 0,1 0,2 0,3 0,4

-0,4 -0,3 -0,2 -0,1 0,1 0,2 0,3 0,4

Externe benchmark

Trendbenchmark

(26)

+

Toelichting

Leerlingen (3/3)

Over het algemeen zijn leerlingen op de Accent scholen erg tevreden, blijkt uit bovenstaande gegevens. Belangrijk hierbij is dat de rubriek schoolkeuze door de leerlingen als meest positief wordt gewaardeerd. Deze positieve waarderingen voor deze rubriek zien we ook terug bij de doelgroep ouders.

De rubriek die bij alle doelgroepen als het minst positief wordt gewaardeerd is de rubriek ICT. Ook bij de leerlingen zien we in deze rubriek de laagste scores.

De school die het meeste opvalt door de significante negatieve afwijkingen ten opzichte van het landelijk gemiddelde is Barlo. We zien bij drie rubrieken dat de leerlingen een opvallend lagere score toekennen dan landelijk gemiddeld. Echter,

geven de leerlingen Barlo gemiddeld wel een mooi rapportcijfer van 8,2.

De meeste groene scores zien we bij Emmaschool, Warmelinck, Knienenbult en de Triangel. Bij Warmelinck zien we een opvallend lage score bij de rubriek ICT. Ondanks deze lage score behoort de gemiddelde score die leerlingen toekennen aan Warmelinck tot een van de hoogste van Accent Scholengroep.

26

Thema EB ACC BAR BON BAT BOSM MEA EMMA GVP HSGEN HSGR HOV UNI JUL KLIM KNIE KWS NIH MOL TRI WAR

Schoolklimaat 3,4 3,5 3,2 3,5 3,4 3,5 3,4 3,6 3,5 3,3 3,4 3,6 3,6 3,5 3,5 3,6 3,3 3,3 3,3 3,6 3,6

Onderwijsleerproces 3,5 3,5 3,2 3,6 3,4 3,5 3,4 3,6 3,5 3,5 3,5 3,7 3,5 3,5 3,6 3,6 3,4 3,6 3,4 3,6 3,6

Sociale veiligheid 1,5 1,5 1,4 1,5 1,5 1,5 1,5 1,4 1,5 1,5 1,6 1,4 1,6 1,6 1,5 1,6 1,6 1,6 1,5 1,5 1,4

Didactiek 3,4 3,5 3,3 3,5 3,5 3,6 3,5 3,6 3,4 3,6 3,5 3,6 3,5 3,4 3,5 3,6 3,3 3,5 3,6 3,5 3,5

Begeleiding 3,3 3,4 3,1 3,4 3,4 3,4 3,3 3,7 3,3 3,3 3,3 3,5 3,4 3,2 3,3 3,7 3,1 3,4 3,3 3,4 3,6

Leermiddelen 2,4 3,2 3,3 3,0 3,2 3,0 3,2 3,5 3,2 3,0 3,3 3,0 3,3 3,1 3,5 3,5 3,0 3,4 3,0 3,3 3,1

Context 2,9 3,2 3,0 3,2 3,1 3,3 3,1 3,4 3,2 3,1 3,1 3,3 3,3 3,2 3,4 3,3 2,9 3,1 3,1 3,2 3,2

ICT 3,1 2,8 2,9 2,5 2,7 2,8 2,8 3,2 2,9 3,0 2,9 2,5 2,8 2,8 2,9 2,9 2,6 3,1 2,2 3,0 2,8

Ondersteuning 3,6 3,2 3,6 3,6 3,7 3,6 3,8 3,6 3,6 3,7 3,8 3,7 3,4 3,5 3,8 3,4 3,6 3,6 3,6 3,8

Handelingsgericht werken 3,3 3,3 3,3 3,3 3,5 3,3 3,6 3,4 3,2 3,2 3,5 3,4 3,3 3,3 3,8 3,1 3,2 3,4 3,3 3,5

Pedagogisch klimaat: sfeer 2,8 2,9 3,1 3,0 2,9 2,8 2,9 3,2 2,7 2,8 2,7 3,3 3,0 2,9 2,8 2,9 2,6 2,9 2,6 3,1 3,1

Sociale omgang 3,5 3,6 3,3 3,6 3,5 3,7 3,6 3,7 3,6 3,6 3,6 3,7 3,7 3,6 3,5 3,8 3,4 3,5 3,6 3,7 3,7

Pedagogisch klimaat 3,4 3,5 3,0 3,3 3,5 3,7 3,5 3,6 3,4 3,3 3,5 3,5 3,5 3,3 3,6 3,8 3,3 3,6 3,3 3,7 3,6

Interactie met leerlingen 3,3 3,3 2,9 3,5 3,3 3,4 3,4 3,6 3,3 3,3 3,2 3,4 3,4 3,2 3,3 3,5 3,3 3,4 3,4 3,5 3,5

Directie 3,3 3,5 3,2 3,6 3,7 3,6 3,6 3,8 3,6 3,6 3,4 3,4 3,5 3,3 3,5 3,6 3,1 3,4 3,8 3,8 3,6

Informatievoorziening 3,4 3,5 3,2 3,6 3,6 3,6 3,5 3,8 3,6 3,5 3,6 3,6 3,7 3,1 3,1 3,5 3,2 3,4 3,5 3,6 3,7

Schoolkeuze 3,8 3,7 3,9 3,8 3,8 3,8 3,9 3,9 3,8 3,8 3,8 3,8 3,7 3,7 3,8 3,5 3,6 3,8 3,8 3,9

Rapportcijfer 8,1 8,3 8,2 8,7 8,4 8,4 8,4 8,5 8,2 7,9 8,1 8,1 8,5 8,2 8,1 8,4 8,0 8,8 8,3 8,7 8,7

Afwijking ten opzichte van het landelijk gemiddelde van tenminste + 0,3 punt Afwijking ten opzichte van het landelijk gemiddelde van tenminste -0,3 punt

(27)

+

Conclusies

27

Algemene en meer specifieke conclusies naar aanleiding van de resultaten

van de Accentscholen.

(28)

+ Conclusies en aanbevelingen (1/2)

Respons

Om een kwaliteitsonderzoek daadwerkelijk effectief te laten zijn, is een eerste stap het verkrijgen van een voldoende respons. Kijkend naar het huidige onderzoek is te zien dat de respons op bestuursniveau heel goed behaald wordt. Als er op schoolniveau gekeken wordt valt op dat er een maximale respons is behaald onder de doelgroep management, dit is net als bij het vorige onderzoek uit 2016. Bij de doelgroep medewerkers is bij negen scholen het vereiste responspercentage niet behaald. Dit is één school meer dan bij het vorige onderzoek. Verder zien we dat succes in het verleden geen garantie geeft voor het heden. Voor Hoeksteen te Groenlo, Julianaschool, Knienenbult en Möllenveld geldt dat zij in 2016 nog (ruim) het vereiste responspercentage behaalden, maar is te zien dat deze scholen dat nu niet halen. De Bontebrug, de Bataaf, de Klimop en de Emmaschool laten een opvallend positieve verandering in responspercentages zien ten opzichte van het vorige onderzoek. Welke verklaring hebben deze scholen voor deze positieve ontwikkeling? Welke interventies zijn er toegepast en wat kunnen andere scholen daarvan leren?

Voor een volgend onderzoek blijft het noodzakelijk de medewerkers te wijzen op het belang van deelname aan het onderzoek. Het is zonde om te moeten vaststellen dat alle respondentgroepen een mooi responspercentage behalen behalve de medewerkers die zelf dicht bij de school staan. Het nog meer betrekken van medewerkers in de voorbereiding van het onderzoek en de analyse van de resultaten zou wellicht hierbij kunnen helpen.

Algemene resultaten

Net als bij het onderzoek in 2016, geven de resultaten van het huidige onderzoek op bestuursniveau een positief beeld. Over het algemeen zijn alle doelgroepen tevreden over de scholen binnen Accent Scholengroep.

Op schoolniveau zijn enkele verbeterpunten te formuleren.

Uit de resultaten blijkt dat de rubriek ICT bij alle doelgroepen als laagst wordt gewaardeerd. Op bestuursniveau zien we echter geen extreme verschillen met het landelijk gemiddelde. De stellingen die de laagste gemiddelde scores krijgen toegekend zijn ‘Door het gebruik van digitale leermiddelen zijn leerlingen beter gemotiveerd.’ en ‘Het ICT-aanbod

op schoolniveau interessant zijn om met leerlingen in gesprek te gaan over de betekenis van ICT en hoe de resultaten tot stand zijn gekomen.

Bij het vorige onderzoek bleek dat op twee scholen vooral de website minder positief werd gewaardeerd en werd geconstateerd dat deze websites aan verbetering toe waren. Nu zien we op bestuursniveau dat de website van de school door alle doelgroepen iets positiever wordt beoordeeld dan landelijk gemiddeld.

Als we op bestuurlijk niveau kijken naar de doelgroep management zien we meer extremen in de gemiddelde scores in verband met het kleine aantal respondenten binnen deze groep. Een aantal scholen is erg kritisch over de inzet van ICT. Met betrekking tot sociale veiligheid zien we dat op bijna alle scholen zeer goed wordt gescoord. De managementleden van verschillende scholen zijn wisselend in hun waardering over ontwikkelingsmogelijkheden van medewerkers en over leermiddelen.

Over het algemeen is het management tevreden over bestuur en pedagogisch klimaat: sfeer.

In de waardering van de medewerkers zien we dat ICT het laagst scoort, maar dat op een enkele school ICT erg positief wordt gewaardeerd, zoals bij Höve. Ook zien we dat er grote verschillen tussen scholen zijn over uiteenlopende onderwerpen., zoals arbeidsomstandigheden, onderwijsleerproces, rapportcijfer en overleg en medezeggenschap. De sociale veiligheid wordt rond het landelijk gemiddelde beoordeeld.

Medewerkers zijn bovengemiddeld tevreden over begeleiding, leermiddelen en pedagogisch klimaat: sfeer. Ook is er consensus over de schoolcultuur.

Bij de doelgroep ouders zien we dat zij heel tevreden zijn over ondersteuning, pedagogisch klimaat in het algemeen en de sfeer, directie, onderwijsleerproces, begeleiding, context en schoolcultuur. Ouders zijn bovengemiddeld positief over handelingsgericht werken. Het meest positief zijn ouders over hun schoolkeuze. Ook over sociale veiligheid zijn de ouders van Accent Scholengroep tevreden, conform het landelijk gemiddelde. Net als bij de andere doelgroepen zijn de ouders het minst positief over ICT.

Ook bij de doelgroep leerlingen zien we de minst positieve waarderingen voor ICT. Over leermiddelen, context, pedagogisch klimaat: sfeer, sociale omgang, directie en schoolkeuze zijn leerlingen opvallend positief.

28

(29)

+ Conclusies en aanbevelingen (2/3)

In de voorbereiding van dit onderzoek is een zestal extra Accent- specifieke vragen aan de vragenlijst toegevoegd. Deze vragen hebben betrekking op uiteenlopende onderwerpen. We lichten de resultaten op bestuursniveau kort toe.

Aan medewerkers is gevraagd of de werktijdenregeling bijdraagt aan hun werkplezier. Er wordt hieraan een gemiddelde score van 3,1 toegekend wat erop duidt dat de werktijdenregeling in positieve zin bijdraagt aan het werkplezier van de medewerkers.

Medewerkers, ouders en leerlingen kregen de vraag of zij tevreden zijn over het vijf gelijke dagen model. We zien gemiddelde scores van 3,5 tot 3,8 waaruit blijkt dat men erg tevreden is over het vijf gelijke dagen model.

Over de mate waarin leerlingen in hun eigen groep kunnen leren kregen medewerkers, ouders en leerlingen een stelling voorgelegd.

Uit de resultaten blijkt dat alle doelgroepen met een minimale score van 3,5 aangeven dat de leerlingen voldoende kunnen leren in hun eigen klas.

Een tweetal stellingen ging over afspraken op school over omgangsvormen, normen en waarden. Enerzijds werden management, medewerkers, ouders en leerlingen bevraagd over de mate waarin zij bekend zijn met deze afspraken. Anderzijds werd aan het management, de medewerkers en de ouders gevraagd of deze afspraken op school worden nagekomen en gehandhaafd. Uit de resultaten blijkt dat men zeker bekend is met de afspraken over omgangsvormen, normen en waarden. Met scores van minimaal 3,7 wordt aan deze stelling een zeer hoge score toegekend door alle doelgroepen. Over de mate waarin deze afspraken worden nagekomen en gehandhaafd zijn management, medewerkers en ouders iets meer verdeeld. Over het algemeen lijken medewerkers tevreden te zijn en kennen zij een gemiddelde score van 3,4 toe. Het management is met een score van 3,8 opvallend positiever dan de medewerkers. De ouders zitten daar precies tussenin, met een gemiddelde score van 3,6 lijken zij heel tevreden over de nakoming en handhaving van de regels.

Over de samenwerking tussen school en ouders om de ontwikkeling en het leren van de leerlingen te stimuleren kregen medewerkers en ouders een stelling voorgelegd. Zowel medewerkers als ouders geven aan dat zij met elkaar samen werken om de ontwikkeling van de leerlingen te bevorderen. De scores van beide doelgroepen liggen met een 3,4 voor medewerkers en een 3,5 voor ouders dicht bij elkaar.

De online dialoog over werkplezier heeft aangetoond dat eigenaarschap van leerlingen en leerkrachten, de sfeer op school en open houding naar collega’s, het vijf gelijke dagen model en het vaker groepsdoorbrekend en projectmatig werken het meest van positieve invloed zijn op het werkplezier van de medewerkers en de managementleden van de scholen binnen Accent Scholengroep. We zien een positieve ontwikkeling ten opzichte van het vorige onderzoek wat betreft de reacties over het vijf gelijke dagen model. Waar in 2016 de meningen over dit nieuwe model nog wisselend waren, wordt het vijf gelijke dagen model nu meermaals genoemd als ontwikkeling die positief heeft bijgedragen aan het werkplezier op de scholen binnen Accent Scholengroep.

Kanttekeningen die worden geplaatst hebben vooral betrekking op passend onderwijs en de extra werkdruk die medewerkers daardoor ervaren. Het anders indelen van de groepen door het groepsdoorbrekend en projectmatig werken en het inzetten van meer onderwijsassistenten zou de medewerkers steeds meer moeten ondersteunen om met passend onderwijs te werken.

29

(30)

+ Conclusies en aanbevelingen (3/3)

Resultaten op schoolniveau

Over het algemeen zien we op schoolniveau dat veel scholen binnen de marge van 0,3 punt vallen, waardoor geen opvallende verschillen te zien zijn met het vorige onderzoek of met het landelijk gemiddelde. De doelgroepen van de 19 verschillende scholen binnen Accent Scholengroep zijn over het algemeen tevreden over hun school. Echter zijn er ook enkele scholen die opvallende resultaten laten zien.

Als we kijken naar de doelgroep management, zien we dat de KWS en SBO NieuwHessen een positieve verandering laten zien ten opzichte van het onderzoek uit 2016. Op de KWS is het management over alles omtrent schoolcultuur zeer tevreden in vergelijking met het landelijk gemiddelde. Bij SBO NieuwHessen is het management het meest tevreden over informatievoorziening, schoolklimaat, communicatie en sociale veiligheid. Het management van Barlo is opvallend minder tevreden dan bij het vorige onderzoek. In vergelijking met het landelijk gemiddelde is het management het minst tevreden over interactie met leerlingen en ontwikkelingsmogelijkheden medewerkers. Bij de Triangel is er geen extreem verschil te zien met het vorige onderzoek. Hoewel de schoolleider over het algemeen een voldoende beoordeling toekent aan zijn school, is hij wel het meest kritisch van alle scholen in vergelijking met het landelijk gemiddelde.

Vooral over de rubrieken ontwikkelingsmogelijkheden medewerkers en arbeidsomstandigheden: taken is het management van de Triangel kritisch.

Bij de doelgroep medewerkers zien we dat Höve het meest positieve resultaten laat zien van alle scholen, in vergelijking met vorige keer en met het landelijk gemiddelde. Op bijna alle rubrieken kennen de medewerkers een bovengemiddelde score toe. Bij SBO NieuwHessen zien we dat de medewerkers negatiever zijn dan bij het vorige onderzoek. voornamelijk over communicatie, didactiek, context, ouderbetrokkenheid en directie zijn zij veel kritischer dan landelijk gemiddeld. Bij Knienenbult zijn medewerkers minder tevreden dan bij het vorige onderzoek. Zij kennen op zeven rubrieken een beneden gemiddelde score toe aan hun school. IKC Uniek doet een opmerkelijk grote stap achteruit wat betreft de tevredenheid van de medewerkers in vergelijking met 2016. Over het algemeen zijn van alle scholen de medewerkers van IKC Uniek het minst tevreden. Over ondersteuning, directie, overleg en medezeggenschap en arbeidsomstandigheden: taken zijn de medewerkers van IKC uitermate kritischer dan landelijk gemiddeld. Bij de Bataaf en de Hoeksteen te

Gendringen zien we geen extreme verschillen met het vorige onderzoek. Wel zijn er bij enkele rubrieken extreme verschillen te zien in vergelijking met het landelijk gemiddelde. De medewerkers van de Hoeksteen te Gendringen zijn opvallend minder positief over ouderbetrokkenheid, ICT en schoolkeuze dan landelijk gemiddeld. Bij de Bataaf zijn medewerkers zichtbaar ontevredener over overleg en medezeggenschap, directie en informatievoorziening.

Bij ouders zien we zien we alleen bij Knienenbult een opvallend lagere score dan in 2016. Ouders zijn veel minder tevreden over schoolklimaat, sociale veilgheid, ICT, interactie met leerlingen en overleg en medezeggenschap dan landelijk gemiddeld.

Ook bij leerlingen zien we dat Knienenbult over het algemeen minder positief wordt gewaardeerd dan bij vorig onderzoek. Opmerkelijk hierbij is dat de leerlingen slechts één rubriek een iets lagere score dan landelijk gemiddeld toekennen. Zes rubrieken worden bovengemiddeld positief gewaardeerd door de leerlingen. Bij Warmelinck zien we een mooie sprong vooruit na 2016. Leerlingen zijn zeer tevreden over leermiddelen en iets tevredener dan landelijk gemiddeld over begeleiding, pedagogisch klimaat: sfeer, context, directie en informatievoorziening. Over ICT zijn de leerlingen duidelijk minder tevreden. Barlo laat geen opvallende verschillen zien met 2016. Wel zijn de leerlingen over onderwijsleerproces, schoolklimaat en interactie met leerlingen minder tevreden dan landelijk gemiddeld.

Bij het vorige onderzoek waren de KWS en de Hoeksteen te Gendringen de laagst scorende scholen. Nu behalen zij betere resultaten die niet opvallend verschillen van vorige keer, maar hebben niet meer de laagste gemiddelde scores van alle scholen. Bij de Hoeksteen te Gendringen zien we wel een mooie sprong vooruit in de tevredenheid van het management na 2016.

In 2016 waren de websites van de Bontebrug en de Hoeksteen te Gendringen verbeterpunten vanuit het onderzoek. Als we nu kijken naar de resultaten, zien we dat bij de Bontebrug de waardering van management medewerkers en ouders voor de website opmerkelijk hoger ligt dan vorige keer. Deze score ligt rondom het landelijk gemiddelde. Leerlingen zijn een fractie minder positief dan vorige keer. Voor de Hoeksteen te Gendringen geldt dat alle doelgroepen de website veel positiever waarderen dan in 2016. hoewel bij management de grootste stijging in waardering te zien is, ligt deze score nog opvallend lager dan het landelijk gemiddelde. Over het algemeen is te concluderen dat de websites van deze twee scholen dusdanig zijn veranderd dat de doelgroepen opmerkelijk positiever zijn dan voorheen.

30

Afbeelding

Updating...

Referenties

Gerelateerde onderwerpen :