Infinitief Hebben/ Zijn Voltooid deelwoord. Betekenis in je eigen taal. bakken Ik heb gebakken. bedriegen Ik heb bedrogen. beginnen Ik ben begonnen

Hele tekst

(1)

1 Infinitief Hebben/ Zijn Voltooid

deelwoord

Betekenis in je eigen taal

bakken Ik heb gebakken

bedriegen Ik heb bedrogen

beginnen Ik ben begonnen

bevelen Ik heb bevolen

bidden Ik heb gebeden

bijten Ik heb gebeten

binden Ik heb gebonden

blazen Ik heb geblazen

blijven Ik ben gebleven

blinken Ik heb geblonken

braden Ik heb gebraden

breken Ik heb gebroken

brengen Ik heb gebracht

buigen Ik heb gebogen

denken Ik heb gedacht

dragen Ik heb gedragen

drijven Ik heb gedreven

drinken Ik heb gedronken

duiken Ik heb gedoken

dwingen Ik heb gedwongen

eten Ik heb gegeten

fluiten Ik heb gefloten

genezen Ik heb/ben (1) genezen

genieten Ik heb genoten

1 De dokter heeft mij genezen.

Ik ben dus genezen.

(2)

2

geven Ik heb gegeven

gieten Ik heb gegoten

glijden Ik ben gegleden

graven Ik heb gegraven

grijpen Ik heb gegrepen

hangen Ik heb gehangen

hebben Ik heb gehad

helpen Ik heb geholpen

houden Ik heb gehouden

kiezen Ik heb gekozen

kijken Ik heb gekeken

klimmen Ik heb/ben (2) geklommen

klinken Ik heb geklonken

knijpen Ik heb geknepen

kopen Ik heb gekocht

krijgen Ik heb gekregen

krimpen Ik ben gekrompen

kruipen Ik heb/ben (3) gekropen

lachen Ik heb gelachen

laden Ik heb geladen

laten Ik heb gelaten

lezen Ik heb gelezen

liegen Ik heb gelogen

liggen Ik heb gelegen

2 Ik heb veel geklommen.

Ik ben in de boom geklommen.

3 De baby heeft voor het eerst gekropen!

De baby is naar jou gekropen.

(3)

3

lijden Ik heb geleden

lopen Ik heb gelopen

malen Ik heb gemalen

melken Ik heb gemolken

meten Ik heb gemeten

moeten Ik heb gemoeten

nemen Ik heb genomen

prijzen Ik heb geprezen

raden Ik heb geraden

rijden Ik heb/ben (4) gereden

roepen Ik heb geroepen

ruiken Ik heb geroken

scheiden Ik ben gescheiden schelden Ik heb gescholden

schenken Ik heb geschonken

scheren Ik heb geschoren

schieten Ik heb geschoten

schijnen Ik heb geschenen

schrijven Ik heb geschreven schrikken Ik ben geschrokken

schuiven Ik heb geschoven

slapen Ik heb geslapen

slijpen Ik heb geslepen

sluipen Ik heb geslopen

sluiten Ik heb gesloten

4 Ik heb met de auto gereden.

(4)

4 smelten Ik heb/Het is (5) gesmolten

smijten Ik heb gesmeten

snijden Ik heb gesneden

snuiten Ik heb gesnoten

snuiven Ik heb gesnoven

spreken Ik heb gesproken

springen Ik heb/ben (6) gesprongen spuiten Ik heb/het is gespoten steken Ik heb/ben (7) gestoken

stelen Ik heb gestolen

sterven Ik ben gestorven

stijgen Ik ben gestegen

stinken Ik heb gestonken

stoten Ik ben gestoten

strijden Ik heb gestreden strijken Ik heb gestreken

trekken Ik heb getrokken

vallen Ik ben gevallen

vangen Ik heb gevangen

varen Ik heb gevaren

vechten Ik heb gevochten

verdwijnen Ik ben verdwenen vergeten Ik heb/ben (8) vergeten

5 Ik heb de boter gesmolten in de pan.

Het ijs is gesmolten in de zon.

6 Ik heb gesprongen tijdens de les.

Ik ben van mijn stoel gesprongen.

7 De wesp heeft mij gestoken.

Ik ben door de wesp gestoken.

8 Ik heb/ben mijn boek vergeten.

(5)

5 verliezen Ik heb verloren vermijden Ik heb vermeden

vinden Ik heb gevonden

vlechten Ik heb gevlochten vliegen Ik heb/ben (9) gevlogen

vouwen Ik heb gevouwen

vragen Ik heb gevraagd

vriezen Het heeft gevroren

wassen Ik heb gewassen

wegen Ik heb gewogen

werpen Ik heb geworpen

weten Ik heb geweten

wijzen Ik heb gewezen

winnen Ik heb gewonnen

worden Ik ben geworden

wrijven Ik heb gewreven

wringen Ik heb gewrongen

zeggen Ik heb gezegd

zenden Ik heb gezonden

zingen Ik heb gezongen

zinken De boot is gezonken

zitten Ik heb gezeten

zoeken Ik heb gezocht

zijn Ik ben geweest

zuipen Ik heb gezopen

Ik ben vergeten wat je gezegd hebt.

9 Ik heb nog nooit gevlogen.

Ik ben naar Spanje gevlogen.

(6)

6 (op)zwellen Ik ben (op)gezwollen

zwemmen Ik heb gezwommen

zweren Ik heb gezworen

zwijgen Ik heb gezwegen

Afbeelding

Updating...

Referenties

Updating...

Gerelateerde onderwerpen :