10514/22 sta/pc 1 RELEX.4

Hele tekst

(1)

Raad van de Europese Unie

Luxemburg, 21 juni 2022 (OR. en)

10514/22

AELE 31 EEE 33 N 48 ISL 23 FL 23 AND 3 MC 3 SM 3 FEROE 10 MI 499

RESULTAAT BESPREKINGEN

van: het secretariaat-generaal van de Raad

aan: de delegaties

nr. vorig doc.: 10062/1/22 REV 1 AELE 30 EEE 32 N 44 ISL 22 FL 22 AND 2 MC 2 SM 2 MI 463

Betreft: Conclusies van de Raad over een homogene uitgebreide interne markt en de betrekkingen van de EU met West-Europese landen die geen EU- lidstaat zijn en met de Faeröer

Voor de delegaties gaan hierbij conclusies van de Raad over een homogene uitgebreide interne markt en de betrekkingen van de EU met West-Europese landen die geen EU-lidstaat zijn en met de Faeröer, die de Raad (Algemene Zaken) op 21 juni 2022 heeft aangenomen.

(2)

BIJLAGE

CONCLUSIES VAN DE RAAD OVER EEN HOMOGENE UITGEBREIDE INTERNE MARKT EN DE BETREKKINGEN VAN DE EU MET WEST-EUROPESE LANDEN DIE GEEN EU-LIDSTAAT ZIJN EN MET DE FAERÖER

1. Overeenkomstig zijn conclusies van 11 december 2018 heeft de Raad een evaluatie verricht van de algemene betrekkingen van de EU met de volgende West-Europese landen van buiten de EU: de Republiek IJsland, het Vorstendom Liechtenstein, het Koninkrijk Noorwegen, het Vorstendom Andorra, het Vorstendom Monaco en de Republiek San Marino. De Raad heeft ook de staat van de betrekkingen van de EU met de Faeröer als autonoom land binnen het koninkrijk Denemarken, waarop de EU-verdragen niet van toepassing zijn, geëvalueerd.

2. Overeenkomstig zijn conclusies van 19 februari 2019 zal de Raad terugkomen op de algemene betrekkingen met de Zwitserse Bondsstaat.

3. De Raad zal deze betrekkingen over twee jaar in voorkomend geval opnieuw evalueren.

DE WEST-EUROPESE BUREN VAN DE EUROPESE UNIE

4. De West-Europese landen van buiten de EU zijn de naaste partners van de EU bij het bouwen aan een sterker, veiliger, groener, concurrerender en welvarender Europa. De Raad herinnert aan het gewicht en het belang dat de EU hecht aan de betrekkingen met al deze speciale, gelijkgestemde partners, die sterk geïntegreerd zijn met de EU. Onze reeds lang bestaande samenwerking is gebaseerd op gedeelde fundamentele waarden en belangen, en berust op ons gezamenlijk erfgoed en onze gemeenschappelijke geschiedenis, en op onze sterke culturele en geografische banden.

5. De Raad erkent het belang van eenheid tegenover de niet-uitgelokte en ongerechtvaardigde militaire agressie van de Russische Federatie tegen Oekraïne. Hij prijst IJsland, Liechtenstein en Noorwegen om zich achter de verklaringen en beperkende maatregelen van de EU tegen de Russische Federatie te scharen. Het verheugt de Raad dat Andorra, Monaco, San Marino en de Faeröer hebben besloten gelijklopende beperkende maatregelen te nemen. De Raad waardeert ook andere maatregelen in overeenstemming met de EU en haar lidstaten om krachtig te reageren op de militaire agressie van de Russische Federatie, onder meer in de multilaterale fora.

(3)

6. De economische integratie in het kader van de uitgebreide interne markt van de EU brengt ons nog dichter bij elkaar en toont de onderlinge afhankelijkheid van onze toekomstige welvaart en competitiviteit. De afgelopen vier jaar zijn onze betrekkingen verder uitgebreid met een aantal initiatieven op een breed scala aan strategische gebieden.

7. De Raad herhaalt dat de kracht van onze economische integratie afhangt van de volledige eerbiediging van de vier vrijheden van de interne markt. Bijgevolg zijn alle staten die reeds meedoen, of in toenemende mate willen meedoen, aan de uitgebreide interne markt,

verantwoordelijk voor de integriteit en homogeniteit ervan, almede voor de volledige eerbiediging van gelijke rechten en plichten voor burgers en ondernemingen.

8. De COVID-19-crisis heeft duidelijk gemaakt dat het noodzakelijk en voordelig is eendrachtig te zijn en gemeenschappelijke uitdagingen samen het hoofd te bieden. Het door de EER- EVA-staten en, na de vaststelling van gelijkwaardigheidsbesluiten, ook door Andorra,

Monaco, San Marino en de Faeröer gebruikte systeem van digitale EU-covidcertificaten heeft grensoverschrijdend reizen met succes vergemakkelijkt. Dankzij de hoge mate van integratie in het kader van de EER-Overeenkomst beschikken we over uitstekende instrumenten om deze uitdagingen samen met de EER-EVA-staten aan te pakken. Om de overige uitdagingen van de pandemie het hoofd te bieden, hebben we een goed werkende interne markt — waaronder de digitale eengemaakte markt — nodig, samen met forse investeringen in belangrijke industriële sectoren, die van essentieel belang zullen zijn om het economisch herstel te ondersteunen. Andorra, Monaco en San Marino zijn goede voorbeelden van de COVID-19-crisis dat verdere integratie nodig is. De Raad laat zich positief uit over de deelname van Andorra, Monaco en San Marino aan het Gezondheidsbeveiligingscomité van de EU en staat achter hun deelname aan gezamenlijke aanbestedingsovereenkomsten voor medische maatregelen tegen ernstige grensoverschrijdende bedreigingen voor de gezondheid.

(4)

9. De Raad is vastbesloten de wereldwijde inspanningen op te voeren om klimaatverandering tegen te gaan, een duurzame energietransitie, energie-efficiëntie en duurzame mobiliteit na te streven, en de biodiversiteit en het milieu als geheel te beschermen. In dit opzicht is het zeer belangrijk dat de EU en de EER-EVA-staten nauw blijven samenwerken en dat de dialoog met Andorra, Monaco en San Marino wordt geïntensiveerd.

10. De Raad neemt nota van de uitstekende samenwerking op het gebied van het extern optreden van de EU zoals het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid (GBVB), alsook van ontwikkelingshulp, democratie, de mensenrechten en de rechtstaat, en onderstreept het belang van een hechte en stelselmatige politieke dialoog. De Raad waardeert het ten zeerste dat zijn belangrijkste West-Europese partners van buiten de EU zich aansluiten bij de EU-

instrumenten en -standpunten op het gebied van gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid (zo hebben zij onlangs hun krachtige steun uitgesproken voor de

standpunten van de EU op multilateraal niveau), en bij de beperkende maatregelen die sinds 24 februari 2022 gelden wegens de militaire agressie van de Russische Federatie tegen Oekraïne. De Raad kijkt er vol verwachting naar uit dat zij volledig achter de GBVB-

verklaringen en beperkende maatregelen zullen blijven staan, hetgeen van cruciaal belang is voor de Europese eenheid en de mondiale veiligheid.

11. De Raad benadrukt dat de samenwerking tussen de EU en haar West-Europese partners van buiten de EU in internationale fora moet worden voortgezet en geïntensiveerd met het oog op een sterkere multilaterale, op regels gebaseerde wereldorde, en dat gemeenschappelijke prioriteiten zoals de mensenrechten, gendergelijkheid, vrede en veiligheid, en de strijd tegen klimaatverandering, samen moeten worden aangepakt.

12. Door hun geografische en politieke nabijheid worden de EU en haar West-Europese buren van buiten de EU geconfronteerd met gemeenschappelijke veiligheidsuitdagingen, en zijn zij afhankelijk van elkaar wat betreft het garanderen van nationale en regionale stabiliteit. In deze context benadrukken we het belang van energiezekerheid en van samenwerking en

wederzijdse steun op het gebied van energievoorzieningszekerheid. Dit is een bijzonder relevant voorbeeld van de onderlinge afhankelijkheid in de EER. De Raad juicht de

samenwerking van de EU met IJsland, Liechtenstein en Noorwegen op het gebied van justitie en binnenlandse zaken ten zeerste toe, en spoort de EDEO en de Commissie ertoe aan te onderzoeken welke mogelijkheden er in dit opzicht met Andorra, Monaco en San Marino zijn.

(5)

13. De Raad neemt nota van de unilaterale acties van sommige partijen en de daaruit voortvloeiende uitdagingen voor het gezamenlijk beheer van de visbestanden in het noordoostelijk deel van de Atlantische Oceaan. Voor het behoud van de belangrijke economische voordelen die deze bestanden opleveren, en om overbevissing en de daaruit voortvloeiende afname van de bestanden te voorkomen, moeten dringend integrale en billijke beheersregelingen worden gesloten waarbij alle partijen met verantwoordelijkheid voor het beheer van deze bestanden betrokken zijn, inclusief Noorwegen, IJsland en de Faeröer.

REPUBLIEK IJSLAND

14. De Raad waardeert de nauwe samenwerking met IJsland op gebieden als onderzoek,

innovatie, energie, milieu- en klimaatveranderingsbeleid, buitenlands beleid, mensenrechten, gendergelijkheid, en justitie en binnenlandse zaken. De Raad is zeer tevreden met de

succesvolle deelname van IJsland aan de COVID-19-vaccinatiecampagne van de EU. Hij is bereid deze samenwerking op te voeren op alle gebieden van wederzijds belang. IJsland is een belangrijke gelijkgestemde en betrouwbare partner. De EU is verheugd dat IJsland zich in grote mate aansluit bij haar GBVB, en is ingenomen met de samenwerking met het land in internationale fora.

15. De EER-Overeenkomst blijft de hoeksteen van onze betrekkingen. In dit opzicht feliciteert de Raad IJsland voor de geleverde inspanningen om de EER-Overeenkomst meer onder de aandacht te brengen, onder meer teneinde de omzettingsachterstand op EER-gebied weg te werken.

16. De Raad is opgezet met de goede samenwerking met IJsland met betrekking tot de toepassing en uitvoering van het Schengenacquis en de ontwikkeling daarvan, en spoort het land aan zijn deelname aan de uitvoering van het asielacquis op te voeren.

(6)

17. Uit het nieuwe EU-beleid inzake het noordpoolgebied, waarin de nadruk ligt op

klimaatverandering, milieukwesties, duurzame ontwikkeling en internationale samenwerking, blijkt duidelijk dat de Unie veel belang hecht aan het voortbouwen op en verder ontwikkelen van haar sectoroverschrijdende betrokkenheid in het noordpoolgebied. De Raad moedigt IJsland aan deze strategie samen met de EU te bevorderen, onder meer door op hoog niveau deel te nemen aan relevante fora. IJsland is een hechte en betrouwbare partner op het gebied van arctische aangelegenheden en de Raad ziet ernaar uit dit bijzondere partnerschap te verder uit te bouwen, met name wat betreft onderzoek en wetenschap, maatregelen voor meer

klimaatveerkracht, en preventie van verontreiniging. De Raad looft IJsland voor zijn voorzitterschap van de Arctische Raad in 2019-2021, met als overkoepelend thema

"duurzame ontwikkeling". Het verheugt de Raad dat IJsland een waarnemersstatus van de EU in de Arctische Raad en haar deelname aan relevante fora zoals de Arctic Circle-bijeenkomst ("Arctic Circle Assembly") krachtig blijft steunen.

18. Onder verwijzing naar zijn conclusies van december 2018 betuigt de Raad opnieuw zijn krachtige steun voor het internationaal overeengekomen moratorium op de commerciële walvisvangst dat is ingesteld door de Internationale Walvisvaartcommissie (IWC) en voor het op de lijst zetten van cetaceeën en andere mariene soorten krachtens de Overeenkomst inzake de internationale handel in bedreigde in het wild levende dier- en plantensoorten (Cites).

De Raad neemt terdege nota van de recente bemoedigende signalen van IJsland in dit opzicht, en roept het land er nogmaals toe op af te zien van commerciële walvisvangst, zich te voegen naar het internationaal overeengekomen moratorium op de commerciële walvisvangst dat is ingesteld door de IWC, en zijn voorbehouden in het kader van Cites voor deze en andere mariene soorten in te trekken.

19. De Raad is opgezet met de belofte van IJsland om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen en spoort aan tot vooruitgang met het nakomen van de verbintenissen in het kader van de Overeenkomst van Parijs. Wat betreft de groene transitie ziet de EU ernaar uit de samenwerking met IJsland te intensiveren en kennis uit te wisselen over hernieuwbare energie en veilige en duurzame koolstofarme technologieën, waaronder waterstof en koolstofafvang en -opslag. De Raad neemt er nota van dat IJsland zich tijdens de 26e VN-klimaatconferentie van de partijen (COP26) in november 2021 heeft aangesloten bij het mondiale methaanpact.

(7)

VORSTENDOM LIECHTENSTEIN

20. De betrekkingen tussen de EU en Liechtenstein zijn zeer goed en dynamisch, en zijn sinds 2018 nog intensiever en gevarieerder geworden. De Raad stelt het op prijs dat de

samenwerking met Liechtenstein op de gebieden die onder de EER- en de Schengen- /Dublinovereenkomst vallen, en op andere gebieden, nog steeds uitstekend is. De Raad is ingenomen met het hoge en betrouwbare omzettingspercentage van Liechtenstein binnen de EER en waardeert met name de inspanningen om gemeenschappelijke uitdagingen, zoals de digitale transitie, klimaatverandering en het economisch herstel na COVID-19, samen aan te pakken. Hij acht het zinvol met Liechtenstein te blijven spreken over beste praktijken op gebieden van wederzijds belang, zoals regelgevingsstelsels inzake blockchain.

21. Het verheugt de Raad dat de EU en Liechtenstein sinds 2011, toen Liechtenstein is

toegetreden tot het Schengengebied en is gaan deelnemen aan het Dublinsysteem, steeds meer samenwerken op het gebied van justitie en binnenlandse zaken. In dat opzicht spoort de Raad Liechtenstein aan te blijven deelnemen aan het herplaatsingsproces voor asielzoekers.

22. De Raad hoopt de constructieve samenwerking van de EU met Liechtenstein in internationale fora verder te verdiepen, met name in het kader van de Verenigde Naties, de Raad van Europa en de OVSE, vooral op gebieden zoals de mensenrechten, internationaal strafrecht,

multilateralisme en jongerenparticipatie.

23. De Raad is verheugd met de verbintenis in het kader van de Overeenkomst van Parijs en de doelstelling van klimaatneutraliteit in uiterlijk 2050. De Raad neemt er nota van dat

Liechtenstein zich tijdens de COP26 in november 2021 heeft aangesloten bij het mondiale methaanpact. De allesomvattende aanpak van Liechtenstein inzake duurzaamheid strookt in grote lijnen met de Europese Green Deal.

(8)

24. Het verheugt de Raad dat Liechtenstein deelneemt aan de automatische uitwisseling van inlichtingen tussen belastingautoriteiten door reeds in een vroeg stadium de gezamenlijke rapportagestandaard aan te nemen en sinds september 2017 inlichtingen uit te wisselen. Dit heeft bijgedragen aan de enorme mondiale veranderingen op het gebied van

belastingtransparantie van de afgelopen jaren.

25. De Raad is ingenomen met de constructieve, transparante en open samenwerking met Liechtenstein, die de toepassing van de beginselen en alle criteria van de EU-Gedragscode inzake de belastingregeling voor ondernemingen wil bewerkstelligen. In dit opzicht is de raad verheugd met het ingevoerde rechtskader inzake transparantie en uitwisseling van inlichtingen voor belastingdoeleinden, waarvan het Mondiaal Forum van de OESO heeft bevestigd dat het grotendeels conform is met de OESO-normen voor de uitwisseling van inlichtingen op verzoek. In november 2021 heeft het Mondiaal Forum ook bevestigd dat het rechtskader van Liechtenstein voor de automatische uitwisseling van rekeninggegevens volledig is ingevoerd.

KONINKRIJK NOORWEGEN

26. Noorwegen is sinds lang een hechte en betrouwbare partner van de EU. De EU en Noorwegen werken samen rond tal van gemeenschappelijke uitdagingen zoals klimaatverandering, de groene transitie, de COVID-19-pandemie, migratie en de bescherming van onze burgers. De afgelopen vier jaar zijn de betrekkingen in het algemeen uitstekend gebleven. De EU

feliciteert Noorwegen voor zijn constructieve rol in de VNVR en zijn inzet voor vrede en veiligheid.

(9)

27. De Raad is verheugd over de voortgezette nauwe samenwerking met Noorwegen op het gebied van het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid (GBVB) en het

gemeenschappelijk veiligheids- en defensiebeleid (GVDB), die verder wordt versterkt door de in maart 2021 opgestarte gestructureerde dialoog EU-Noorwegen. Noorwegen heeft in de loop der jaren zichtbaar bijgedragen aan het GVDB en onder meer deelgenomen aan verscheidene door de EU geleide missies, alsook meer recentelijk aan het PESCO-project militaire mobiliteit. Dit hechte partnerschap op het gebied van veiligheid en defensie komt ook tot uiting in het strategisch kompas van de EU van maart 2022, met als duidelijke

doelstelling van de EU een verdere impuls te geven aan deze betrekkingen. De samenwerking tussen de EU en Noorwegen is gebaseerd op gedeelde waarden, met name eerbied voor de mensenrechten en de democratische beginselen, en strekt zich uit tot bemiddeling,

vredesopbouw en de internationale agenda voor ontwikkeling.

28. De EU en Noorwegen delen een sterk verantwoordelijkheidsgevoel ten aanzien van onze burgers, ons natuurlijk milieu en onze toekomstige generaties. Het verheugt de Raad dat Noorwegen duidelijk bereid is om te helpen bij de uitvoering van de Europese Green Deal, een drijvende kracht achter internationale klimaatsamenwerking te blijven, en zich samen met de EU in te zetten om de toezeggingen van de Overeenkomst van Parijs waar te maken.

De Raad neemt er nota van dat Noorwegen zich tijdens de COP26 in november 2021 heeft aangesloten bij het mondiale methaanpact. De Raad neemt tevens nota van de doelstellingen van de Noorse regering op het gebied van circulaire economie.

29. Noorwegen blijft een belangrijke en betrouwbare leverancier van olie en gas aan de EU, maar is tevens een hechte partner bij de ontwikkeling van andere energiebronnen. Onze nauwe samenwerking blijft essentieel voor de energiezekerheid van de EU en voor de doelstellingen van de energie-unie en vormt een hoeksteen voor de wederzijds tot voordeel strekkende betrekkingen tussen de EU en Noorwegen, zeker in de huidige geopolitieke situatie als gevolg van de Russische militaire agressie tegen Oekraïne.

(10)

30. De Raad verwelkomt de Noorse strategie voor de Noordpool van 2020, waarin Noorwegen zijn visie voor een vreedzaam, innovatief en duurzaam hoge noorden, op basis van regionale instellingen, formuleert. Het verheugt de Raad vooral dat Noorwegen de betrokkenheid van de EU in het noordpoolgebied blijft steunen, onder meer in het kader van het Arctisch forum van belanghebbenden ("Arctic Stakeholder Forum"), en dat Noorwegen ervoor blijft ijveren dat de EU een waarnemer in de Arctische Raad wordt. De EU en Noorwegen zijn tevens belangrijke partners in de aanpak van oceaangerelateerde aangelegenheden, zowel op mondiaal als op regionaal niveau.

31. De Raad erkent het belang van Noorwegen als een van de belangrijkste handelspartners van de EU, en herinnert aan de verwachte regelmatige evaluatie van de overeenkomst tussen Noorwegen en de EU met als doel aanvullende handelspreferenties voor

referentielandbouwproducten uit te wisselen. De Raad betreurt het gebrek aan vooruitgang en verzoekt Noorwegen nogmaals met aandrang om onverwijld, als prioriteit, actief en

constructief te gaan onderhandelen over de liberalisering van de handel in verwerkte landbouwproducten in het kader van artikel 2, lid 2, en artikel 6 van Protocol 3 bij de EER- Overeenkomst. De Raad roept andermaal op de onderhandelingen over de bescherming van geografische aanduidingen te hervatten, aangezien het hier gaat over een belangrijk element van de internationale handel in landbouwproducten en levensmiddelen.

32. In respons op de uitdagingen voor het gezamenlijk beheer van de visbestanden in het noordoostelijk deel van de Atlantische Oceaan, bevestigt de Raad nogmaals bereid te zijn bilaterale en multilaterale overeenkomsten over essentiële hulpbronnen te sluiten ter

waarborging van een verantwoordelijk en duurzaam visserijbeheer. De Raad spreekt ook zijn bezorgdheid uit over het unilaterale besluit betreffende het geplande boomkorverbod per 1 oktober.

(11)

33. De Raad betuigt opnieuw zijn krachtige steun voor het internationaal overeengekomen moratorium op de commerciële walvisvangst dat is ingesteld door de Internationale

Walvisvaartcommissie (IWC) en voor het op de lijst zetten van cetaceeën en andere mariene soorten krachtens de Overeenkomst inzake de internationale handel in bedreigde in het wild levende dier- en plantensoorten (Cites). Daarom roept de Raad Noorwegen op niet langer walvisquota te verlenen, het in de IWC internationaal overeengekomen moratorium op

commerciële walvisvangst volledig na te leven en zijn voorbehoud in het kader van Cites voor deze en andere mariene soorten in te trekken.

EUROPESE ECONOMISCHE RUIMTE

34. De Raad wijst erop dat de EER-Overeenkomst op bevredigende wijze is blijven functioneren, ondanks de uitdagingen van de COVID-19-pandemie. Het verheugt de Raad dat er de

afgelopen vier jaar een aantal zeer belangrijke wetteksten in de EER-Overeenkomst zijn opgenomen, zoals de tabaksproductenrichtlijn, het derde en vierde spoorwegpakket, de handelingen tot instelling van het Orgaan van Europese regulerende instanties voor elektronische communicatie (Berec) en tot vaststelling van het Europees wetboek voor elektronische communicatie, de wetgeving inzake het digitaal EU-covidcertificaat, de verordening marktmisbruik, en de afvalstoffenrichtlijn. De Raad roept op tot extra

inspanningen om de in behandeling zijnde wetgeving snel goed te keuren, zoals het pakket inzake de controle van schepen, de richtlijn audiovisuele mediadiensten, en wetgeving op het gebied van luchtvaartveiligheid en energie.

35. Ondanks alle inspanningen moet nog een heel aantal EU-handelingen in de EER-

Overeenkomst worden opgenomen. In dit verband herhaalt de Raad dat de beginselen van homogeniteit en rechtszekerheid een garantie zijn voor de efficiëntie, de duurzaamheid en uiteindelijk de geloofwaardigheid van de interne markt en dat zij daarom voor alle partijen als leidraad moeten blijven dienen met betrekking tot de werking van de EER-Overeenkomst.

(12)

36. De Raad is opgezet met de onvoorwaardelijke bijdrage van IJsland, Liechtenstein en

Noorwegen — via het financiële mechanisme van de EER en dat van Noorwegen — aan het verkleinen van de sociale en economische ongelijkheden en aan het ondersteunen van een vrij en levendig maatschappelijk middenveld in de EER voor de periode 2014-2021, met het oog op de voordelen die de EER-EVA-staten ontlenen aan de toegang tot de interne markt. Deze bijdrage komt de gehele EER ten goede. De Raad hoopt, met het oog op een tijdige

verstrekking van de bijdrage aan alle begunstigde lidstaten, snel tot een akkoord over de financiële mechanismen voor de periode 2021-2027 te komen.

37. De Raad wijst erop dat in artikel 19 van de EER-Overeenkomst is bepaald dat de overeenkomstsluitende partijen hun inspanningen moeten voortzetten met het oog op de geleidelijke liberalisatie van de handel in landbouwproducten en dat zij daartoe de

voorwaarden waaronder de handel in landbouwproducten plaatsvindt, om de twee jaar aan een onderzoek moeten onderwerpen om mogelijke concessies te verkennen.

38. Met betrekking tot de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de EU onderstreept de Raad dat het van belang is dat de EER-Overeenkomst wordt gehandhaafd, teneinde een goed functionerende, homogene EER in stand te houden en de integriteit van de interne markt te garanderen. De hechte dialoog en de voortdurende uitwisseling van informatie tussen de EU en de EER-EVA-staten over de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk hebben bijgedragen aan de vlotte aanpassing.

39. De EU en de EER-EVA-staten hebben hun steun voor de EER-Overeenkomst meermaals bevestigd. De Raad neemt met voldoening nota van de verhoogde aandacht voor

voorlichtings- en communicatieactiviteiten, om het publiek bewuster te maken van het belang van de EER-Overeenkomst voor meer economische integratie tussen de EU en de EER-EVA- staten en voor het beschermen van onze gemeenschappelijke belangen.

(13)

VORSTENDOM ANDORRA, VORSTENDOM MONACO EN REPUBLIEK SAN MARINO

40. De Raad neemt er met voldoening nota van dat de zeer goede betrekkingen tussen de EU en Andorra, Monaco en San Marino de afgelopen vier jaar nog intensiever zijn geworden.

41. De Raad is ingenomen met de vooruitgang met de in maart 2015 opgestarte onderhandelingen voor het sluiten van een of meer associatieovereenkomst(en) (de "overeenkomst") en neemt er met voldoening nota van dat deze weldra een beslissende fase ingaan. Hij ziet uit naar verdere wezenlijke vooruitgang, met name met politiek gevoelige aangelegenheden, teneinde de besprekingen over de overeenkomst uiterlijk eind 2023 af te ronden.

42. De overeenkomst voorziet in de deelname van Andorra, Monaco en San Marino aan de eengemaakte EU-markt, alsmede in samenwerking met de EU op andere beleidsdomeinen.

De Raad onderstreept dat de door de toekomstige overeenkomst beoogde hoge mate van integratie met de drie partners onder meer moet zijn gebaseerd op wederzijdse belangen en gedeelde waarden, de vier vrijheden van de interne markt en de daarmee verband houdende horizontale en flankerende beleidsmaatregelen, het creëren van een gelijk speelveld, goede belastinggovernance, aanpassing aan het acquis, met name in de financiële sector, en sterke en veerkrachtige institutionele fundamenten. De Raad herhaalt dat de toekomstige overeenkomst moet stoelen op het behoud van de goede werking en homogeniteit van de interne markt en de rechtszekerheid, terwijl tegelijkertijd rekening wordt gehouden met de specifieke kenmerken en de bijzondere situatie van elk land, overeenkomstig de Verklaring ad artikel 8 van het Verdrag betreffende de Europese Unie.

(14)

43. De Raad is zeer tevreden met de vooruitgang met het gemeenschappelijke deel van de overeenkomst, met name met het oog op de vaststelling van een samenhangend, efficiënt en doeltreffend institutioneel kader. Dat kader moet met name institutionele mechanismen voor raadpleging tussen de partijen bevatten om de goede werking en uitvoering van de

overeenkomst te waarborgen, zorgen voor de dynamische overname van het EU-acquis door de drie landen, voorzien in de eenvormige toepassing en consistente uitlegging van de bepalingen van de overeenkomst, en een rechtvaardig, efficiënt en doeltreffend geschillenbeslechtingsmechanisme omvatten.

44. De Raad verwelkomt de algemene vorderingen in de onderhandelingen over de aanpassing van Andorra, Monaco en San Marino aan het desbetreffende acquis. Hij neemt met

voldoening nota van de verhoogde administratieve capaciteit van de drie partners en hun betere samenwerking met de lidstaten, die moet worden voortgezet met het oog op een snelle aanpassing aan het acquis tijdens en na de onderhandelingen, alsook op een robuust toezicht en een deugdelijke handhaving volgens de EU-normen, met name op het gebied van

financiële diensten. In dit opzicht spoort de Raad de Commissie aan tijdig aan voorstellen te werken voor verdere stappen wat betreft het toezicht op financiële diensten teneinde tot een voor alle partijen bevredigende oplossing te komen.

45. De EU stelt zich de prioriteit vaart te zetten achter de onderhandelingen en politiek gevoelige aangelegenheden in verband met de vier vrijheden snel aan te pakken zodat de

onderhandelingen uiterlijk eind 2023 kunnen worden afgerond, met het oog op bij voorkeur één enkele overeenkomst met drie landgerelateerde protocollen en bijlagen over het acquis.

Zij moedigt alle partijen aan zich hiervoor actief te blijven inzetten. In dit opzicht moet een routekaart tot 2023 worden uitgestippeld.

(15)

46. Het verheugt de Raad dat er een wederzijds bevredigende oplossing is gevonden wat betreft een overgangsperiode voor de tabakssector in Andorra. De Raad benadrukt dat ook de andere politieke kwesties dringend moeten worden besproken met de drie partners. Hij onderstreept dat de reikwijdte en de duur van uitzonderingen op de regels van de eengemaakte markt gerechtvaardigd en evenredig moeten zijn. Hij herinnert eraan dat het belangrijk is het beginsel van vrij verkeer van personen binnen de eengemaakte markt te eerbiedigen, en dat Andorra, Monaco en San Marino hun arbeids- en sociale wetgeving en -praktijken aanpassen aan de Unie- en internationale normen. Lid worden van de Internationale Arbeidsorganisatie zou deze wetgevingsaanpassing ook bevorderen.

47. De Raad neemt nota van de communicatie-inspanningen die Andorra, Monaco en San Marino rond de overeenkomst hebben geleverd, en met name van de maatregelen die de regering van Andorra heeft genomen om het publiek in kennis te stellen van en te raadplegen over het resultaat van de onderhandelingen, en spoort hen aan hiermee door te gaan met het oog op een succesvolle laatste onderhandelingsfase.

48. Wat het buitenlands beleid betreft, is de Raad verheugd over de voortgezette samenwerking met deze gelijkgestemde partners in multilaterale fora, met name in het kader van de VN, onder meer via nauwe contacten en aansluiting bij EU-standpunten en -verklaringen, alsook door middel van gelijklopende beperkende maatregelen, met name in respons op de niet- uitgelokte en ongerechtvaardigde militaire agressie van de Russische Federatie tegen

Oekraïne. De Raad is voorstander van een verdere versterking van deze samenwerking door een kader voor bilaterale politieke dialogen inzake buitenlandbeleid met elk van deze landen vast te stellen en te voorzien in een gestructureerd en stelselmatig proces voor hun

afstemming op het GBVB van de EU. De samenwerking moet verder worden geconsolideerd en geïntensiveerd, met name door Andorra, Monaco en San Marino op te nemen in de groep landen die stelselmatig worden verzocht zich formeel achter de GBVB-verklaringen van de hoge vertegenwoordiger namens de EU en de beperkende maatregelen van de EU te scharen.

(16)

49. De Raad is ingenomen met de constructieve, transparante en open samenwerking met Andorra, Monaco en San Marino, die de toepassing van de internationale beginselen inzake goede belastinggovernance en alle criteria van de EU-Gedragscode inzake de

belastingregeling voor ondernemingen wil bewerkstelligen. De Raad verwelkomt tevens de niet-aflatende inspanningen van Andorra, Monaco en San Marino om hun belastingwetgeving en -praktijken aan te passen aan die van de EU en aan internationale normen. Hij benadrukt de noodzaak van volledige afstemming op de EU-normen om mazen in de eengemaakte markt te voorkomen.

50. De Raad neemt er met genoegen nota van dat Andorra in 2020 lid is geworden van het Internationaal Monetair Fonds en van de Ontwikkelingsbank van de Raad van Europa, waardoor het land twee leningen van deze laatste instelling heeft gekregen en het zijn

economie op de middellange en lange termijn kan diversifiëren. Ook het verzoek van Andorra om door de Europese Investeringsbank als operationeel land te worden aangemerkt, wordt momenteel behandeld en zal naar verwachting binnenkort worden beantwoord.

51. Volgens de Raad is het ook zinvol de samenwerking te versterken op het gebied van de digitale en de groene transitie, aangezien dit gemeenschappelijke prioriteiten voor Andorra, Monaco en San Marino zijn. Wat oceaanbescherming betreft, prijst de Raad de deelname van Monaco aan de coalitie met hoge ambitie op het gebied van biodiversiteit buiten de nationale jurisdictie. De Raad is ingenomen met de opname van San Marino in de EU-strategie voor de Adriatische en Ionische regio (Eusair) en ziet uit naar nauwere samenwerking in dat kader.

52. De Raad spoort alle belanghebbenden aan tot meer publieksvoorlichting ter vergroting van het bewustzijn rond de wederzijdse sleutelrol die de betrekkingen kunnen spelen om de

standpunten over internationale organisaties dichter bij elkaar te brengen, de economische diversificatie te bevorderen en de economische integratie tussen de EU en Andorra, Monaco en San Marino te versnellen.

(17)

DE FAERÖER

53. Volgens de Raad zijn de Faeröer door hun strategische ligging in de Noord-Atlantische Oceaan een belangrijke partner van de EU op verscheidene beleidsterreinen van de Unie, waaronder het Noordpoolbeleid. De Raad waardeert de huidige samenwerking met de Faeröer op gebieden zoals handel, aquacultuur, onderzoek, innovatie en Arctische en Noord-

Atlantische vraagstukken, binnen de bevoegdheid van elke partij.

54. De Raad is ingenomen met de ondertekening van de overeenkomst betreffende de deelname van de Faeröer aan programma's van de Unie en betreffende de associatie van de Faeröer met Horizon Europa. De Raad verwijst naar de groene transitie op de Faeröer en naar projecten om duurzame energie te ontwikkelen, en zou verdere samenwerking met de EU op dit gebied op prijs stellen.

Afbeelding

Updating...

Referenties

Updating...

Gerelateerde onderwerpen :