Notitie Nieuwe Kleine Ondernemersregeling

Hele tekst

(1)

De nieuwe Kleine Ondernemersregeling

Inleiding

Per 1 januari 2020 is de Kleine Ondernemersregeling (hierna: KOR) vervangen door een nieuwe tegemoetkoming voor kleine ondernemers. De nieuwe KOR is een zogenaamde omzet-gerelateerde btw-vrijstelling. Dit houdt in dat er geen btw hoeft te worden berekend mits de omzet op jaarbasis minder bedraagt dan een wettelijk vastgesteld bedrag. Dit in tegenstelling tot de oude KOR waarbij een korting werd gegeven op de per saldo

verschuldigde btw. Belangrijke verschillen met de regeling van voor 2020 zijn dat de KOR nu kan worden toegepast door alle (in Nederland gevestigde) ondernemers, en dat de omzet- gerelateerde vrijstelling in veel gevallen slechts op verzoek kan worden toegepast.

In deze notitie komen de diverse aspecten van de nieuwe KOR aan bod.

Belangrijke vindplaatsen

• Kamerbrief, 04-04-2019, 2019-0000057531;

• Wet modernisering kleineondernemersregeling, 28-12-2018, Staatsblad 2018, nr. 511;

• Memorie van antwoord pakket Belastingplan 2019, 30-11-2018;

• Aanname Wet modernisering kleineondernemersregeling door Tweede Kamer, 15-11- 2018;

• Motie, 14-11-2018, Kamerstukken II 2018/19, 35033, nr. 8;

• Schriftelijke beantwoording WGO I – pakket Belastingplan 2019, 08-11-2018;

• Nota van wijziging Wet modernisering kleineondernemersregeling, Kamerstuk 25-10- 2018;

• Nota naar aanleiding van het Verslag Wet modernisering kleineondernemersregeling, kamerstuk 25-10-2018;

• Wet modernisering kleineondernemersregeling, Kamerstuk: Voorstel van Wet, 18-09- 2018;

• Internetconsultatie, 30-03-2018.

1 De nieuwe omzet-gerelateerde vrijstelling

De nieuwe omzet-gerelateerde vrijstelling heeft per 1 januari 2020 de oude Kleine Ondernemersregeling vervangen. Het eerste lid van artikel 25 van de Wet op de omzetbelasting 1968 luidt als volgt:

Een ondernemer die in Nederland is gevestigd of aldaar een vaste inrichting heeft en van wie de omzet in een kalenderjaar in Nederland niet meer bedraagt dan € 20.000 kan kiezen voor toepassing van vrijstelling van belasting ter zake van door hem in dat en volgende

kalenderjaren verrichte leveringen van goederen en diensten. De vrijstelling is niet van toepassing op leveringen van nieuwe vervoermiddelen die door of voor rekening van de verkoper of afnemer worden verzonden of vervoerd naar een plaats in een andere lidstaat en op de levering van onroerende zaken en rechten waaraan deze zijn onderworpen die de ondernemer in zijn bedrijf heeft gebruikt.

(2)

2 Belangrijke aspecten KOR

2.1 Welke ondernemers komen in aanmerking voor de KOR?

De KOR geldt voor alle in Nederland gevestigde btw-ondernemers, mits de omzet op

jaarbasis maximaal € 20.000 bedraagt. Dit is een uitbreiding ten opzichte van de oude KOR, die alleen van toepassing was op natuurlijke personen en samenwerkingsverbanden van uitsluitend natuurlijke personen.

2.2 Berekening omzet voor toepassing KOR

Voor de toepassing van de KOR moet getoetst worden of de omzet die behaald wordt in Nederland minder bedraagt dan € 20.000 op jaarbasis. De volgende omzet telt mee voor bepaling van deze omzetgrens:

• De regulier in Nederland met btw belaste omzet;

• De omzet waarop de verleggingsregeling van toepassing is op grond waarvan de

verschuldigde btw wordt verlegd door de ondernemer naar een andere Nederlandse btw- ondernemer. Daarbij kan gedacht worden aan de verleggingsregeling in de bouw;

• De omzet waarop het nultarief wegens intracommunautaire levering van goederen of de uitvoer van goederen van toepassing is. De in Nederland gevestigde ondernemer levert dus goederen naar het buitenland (al dan niet binnen de EU);

• De btw-vrijgestelde omzet wegens de verhuur van onroerende zaken;

• De btw-vrijgestelde omzet wegens bancaire diensten, handel in effecten, krediet- en verzekeringsdiensten;

• De omzet waarop de margeregeling of reisbureauregeling van toepassing is, waarbij niet de marge als omzet wordt aangemerkt, maar de totale verkoopopbrengst exclusief btw.

De volgende omzet telt niet mee voor de omzet voor toepassing van de KOR:

• Vrijgestelde omzet, met uitzondering van de hierboven vermelde vrijgestelde omzet. Te denken valt bijvoorbeeld aan diensten die vallen onder de medische- of

onderwijsvrijstelling;

• De omzet die niet in Nederland is belast met btw, zoals bijvoorbeeld:

a) De omzet van diensten aan ondernemers in andere EU-landen waarop de btw- verleggingsregeling van toepassing is op grond waarvan de ondernemer in het andere EU-land de verschuldigde btw op aangifte moet voldoen;

b) De omzet van elektronische diensten aan particulieren die buiten de EU wonen;

c) De omzet van installatieleveringen in het buitenland;

• De omzet wegens het afstoten van roerende of onroerende bedrijfsmiddelen.

2.3 Keuze toepassen KOR

Als de omzet van een btw-ondernemer op jaarbasis minder dan € 20.000 bedraagt, kan de btw-ondernemer ervoor kiezen om de KOR toe te passen. Verplicht is dat echter niet!

De voordelen van de KOR zijn:

• De btw-ondernemer brengt geen btw in rekening aan zijn afnemers en hoeft dus ook geen btw op aangifte te voldoen;

• Minder administratieve lasten.

(3)

De KOR is – zoals gezegd - een btw-vrijstelling. Vanwege deze vrijstelling is de ondernemer geen btw verschuldigd over de vergoeding, maar kan de ondernemer ook de btw op kosten en investeringen niet in aftrek brengen. Ook betekent het dat een ondernemer die voor de KOR kiest, mogelijk te maken zal krijgen met terugbetalingsverplichtingen op grond van de zogenoemde herzieningsregeling voor de btw op investeringsgoederen en onroerende zaken. Daarnaast kan de ondernemer die de KOR toepast niet langer opteren voor belaste verhuur.

Vorenstaande houdt in dat het soms voordeliger is om de normale btw-regels toe te passen en niet te kiezen voor de KOR. Dit is bijvoorbeeld in het algemeen het geval bij de volgende ondernemers.

• Ondernemers die hun prestaties verrichten aan afnemers die een (volledig) btw- aftrekrecht hebben;

• Ondernemers die in de afgelopen jaren grote investeringen hebben gedaan, waarvoor de herzieningstermijn nog niet is verlopen (zie ook onderdeel 2.7);

• Ondernemers die bij de start van hun onderneming grote investeringen doen;

• Ondernemers die voornemens zijn om in de komende drie jaren (zie ook onderdeel 2.5) grote investeringen te doen.

2.4 Aanmelden voor KOR

Een ondernemer die gebruik wil maken van de KOR, moet dit melden bij de Belastingdienst.

De melding moet worden gedaan uiterlijk vier weken voor de aanvang van het btw-tijdvak waarover de ondernemer de KOR wil toepassen. Stel dat een ondernemer de KOR per 1 april 2022 wil toepassen, dan moet de ondernemer dus uiterlijk 3 maart 2022 melding doen van zijn keuze.

De ondernemer die op grond van de oude KOR was ontheven van de administratieve verplichtingen, hoefde geen melding te doen bij de Belastingdienst. Voor deze ondernemer werd de nieuwe vrijstelling per 2020 automatisch van toepassing.

Goedkeuring voor zeer kleine ondernemers

In het besluit Registratiedrempel voor kleine ondernemers, is een goedkeuring gegeven voor ondernemers met een omzet lager dan € 1.800 per jaar.1 Dergelijke ondernemers mogen de KOR toepassen zonder zich bij de Belastingdienst te melden. Daarbij gelden de volgende voorwaarden/uitgangspunten.

a) Melding bij de Belastingdienst blijft wel verplicht als men zich al als btw-ondernemer heeft aangemeld of zich moet aanmelden bij de Kamer van Koophandel;

b) De ondernemer die gebruik maakt van de goedkeuring kan ieder moment besluiten alsnog btw-aangiften te vragen en dus de KOR vrijstelling niet toe te passen. De drie- jaars termijn (zie hierna onderdeel 2.5) is dan niet van toepassing;

c) Als de registratiedrempel wordt overschreden, wordt de ondernemer direct btw- plichtig, tenzij hij zich tijdig alsnog heeft aangemeld voor de KOR (uiteraard indien en voor zover hij wel onder de KOR omzet-drempel blijft);

d) De registratiedrempel mag bij forfaitaire btw afdrachten (denk aan zonnepaneelhouders) worden berekend door de forfaitaire afdracht te

vermenigvuldigen met 100/21 (of 100/9 als sprake is van een verlaagd btw-tarief).

1 Besluit Omzetbelasting. Registratiedrempel voor kleine ondernemer, dd. 10-6-2021, Strcrt. 2021, nr.

30899, zoals gewijzigd op 13-7-2021, Stcrt. 2021, nr. 36046

(4)

Deze goedkeuring geldt met terugwerkende kracht tot 1 januari 2020.

2.5 Geldigheidsduur toepassing KOR

De keuze voor toepassing van de KOR, geldt voor tenminste drie jaar, tenzij uiteraard de omzetgrens tussentijds wordt overschreden.

Overschrijdt de omzet de omzetgrens van € 20.000, dan moet de ondernemer direct de normale btw-regels toepassen op de levering van het goed of de dienst waarmee de

ondernemer de omzetgrens overschrijdt. Ook alle daaropvolgende leveringen van goederen en diensten vallen onder de normale btw-regels. De verschuldigde btw moet de ondernemer voldoen op btw-aangifte. Daarom moet de ondernemer tijdig verzoeken om uitreiking van een btw-aangifte. Dit houdt in dat de ondernemer de Belastingdienst moet verzoeken om uitreiking van een btw-aangifte vóór het tijdstip waarop de btw moet worden voldaan.

Bovendien moet de ondernemer weer voldoen aan alle administratieve verplichtingen.

De ondernemer moet de normale btw-regels toepassen gedurende minimaal drie jaren na het tijdvak waarin de omzetgrens is overschreden. Pas na verloop van deze driejaarstermijn kan de ondernemer weer kiezen voor de KOR. Dit betekent dat als een ondernemer

bijvoorbeeld in het derde kwartaal 2022 de omzetgrens overschrijdt, de ondernemer tot en met het derde kwartaal 2025 de normale btw-regels moet toepassen. Vanaf 1 oktober 2025 mag de ondernemer weer kiezen voor de KOR, mits de omzetgrens op dat moment niet wordt overschreden.

Omdat de toepassing van de KOR voor tenminste drie jaar geldt, is belangrijk dat de ondernemer vooraf een afweging maakt of de keuze voor de KOR gunstig is. Zie ook onderdeel 2.3.

Voor de ondernemers die onder de oude KOR vielen en per 1 januari 2020 automatisch onder de nieuwe vrijstelling zijn komen te vallen, geldt de driejaarsperiode nog niet volledig.

Deze ondernemers kunnen de toepassing van de nieuwe KOR tot 31 januari 2022 op elk moment op verzoek opzeggen.

2.6 Administratieve verplichtingen onder de KOR

De ondernemer die de KOR toepast wordt ontheven van de verplichting tot het doen van btw-aangifte en de meeste administratieve verplichtingen voor de btw. Dit geldt ten aanzien van alle in Nederland belaste diensten en leveringen van de ondernemer. Ook voor

leveringen aan buitenlandse afnemers binnen en buiten de EU, waarbij de goederen worden vervoerd vanuit Nederland. Dit betekent dat de ondernemer die voor de KOR kiest zijn intracommunautaire leveringen niet hoeft aan te geven in de Opgaaf ICP.

Voor de ondernemer die de KOR toepast, betekent dit administratief het volgende.

• De ondernemer mag geen btw vermelden op zijn verkoopfacturen;

• De ondernemer moet kopieën van inkoop- en verkoopfacturen bewaren en bijhouden;

• De ondernemer hoeft echter voor de btw geen inkoop- en verkoopboek meer bij te houden. Verstandig is dat natuurlijk wel;

• De ondernemer hoeft geen btw-aangifte meer te doen.

Naast het bijhouden van bovenstaande gegevens is natuurlijk van belang dat de ondernemer de hoogte van de omzet bijhoudt, in verband met de controle op het overschrijden

omzetgrens van € 20.000.

(5)

2.7 Gevolgen toepassing KOR voor in het verleden terugontvangen btw op roerende en onroerende zaken

Als een ondernemer voor de KOR kiest, komt de ondernemer in een btw-vrijgestelde positie.

Dit houdt in dat de ondernemer een deel van de btw op investeringen van voor 1 januari 2020 in delen moet terugbetalen op grond van de zogenoemde herzienings- regeling. De herzieningstermijn op roerende investeringen is vier boekjaren na het boekjaar van ingebruikname. Voor onroerende zaken is dat negen boekjaren. Als een ondernemer op grond van de herzieningsregeling jaarlijks een aanzienlijk btw-bedrag moet herzien, is het dus mogelijk voordeliger om niet te kiezen voor de KOR.

2.8 Overige gevolgen toepassen KOR

Het toepassen van de nieuwe KOR leidt, naast hetgeen hierboven is beschreven, ook tot het volgende.

▪ Een ondernemer die kiest voor de KOR, kan niet (langer) opteren voor btw-belaste huur van onroerende zaken. Dat betekent dat een ondernemer die btw-belast huurt niet langer voldoet aan het 90%-criterium voor de belaste verhuur van onroerende zaken. De

ondernemer moet dan de verhuurder hiervan op de hoogte stellen. De verhuurder wordt dan geconfronteerd met niet-aftrekbare btw als gevolg hiervan. Deze btw-schade wordt over het algemeen verhaald op de huurder (bijvoorbeeld in standaard ROZ contracten is dit opgenomen). De omvang van de schade is afhankelijk van veel omstandigheden (zit het gehuurde nog binnen de herzieningstermijn, worden investeringen verwacht et cetera), maar kan erg hoog zijn. Indien een ondernemer dus een pand of ruimte met btw huurt, dient vooraf met de verhuurder te worden vastgesteld hoe hoog de btw-schade wordt, zodat die schade kan worden meegewogen in de beslissing al dan niet de KOR toe te gaan passen;

▪ Een ondernemer die kiest voor de KOR, kan niet de verleggingsregeling bij invoer (artikel 23-vergunning) toepassen.

2.9 KOR en btw verlegd naar afnemer op grond van binnenlandse verleggingsregeling

De KOR geldt ook als de verschuldigde btw wegens de levering van goederen of diensten op grond van een binnenlandse verleggingsregeling wordt verlegd naar de afnemer. Dit

betekent dat de omzet die op grond van een binnenlandse verleggingsregeling wordt verlegd naar de afnemer wel meetelt voor de omzetgrens voor de KOR.

Voorbeelden van een binnenlandse verleggingsregeling zijn:

▪ de verleggingsregeling in de bouw;

▪ de verleggingsregeling bij de levering van mobiele telefoons voor een totaalbedrag van meer dan € 10.000.

Als de omzet van de ondernemer die goederen of diensten levert met toepassing van een binnenlandse verleggingsregeling onder de omzetgrens van € 20.000 blijft, mag deze

ondernemer kiezen voor toepassing van de KOR. In dat geval is de afnemer geen (verlegde) btw verschuldigd over de aankoop. Er mag dus ook niet “Btw-verlegd” op de factuur worden vermeld. Verstandig is op de factuur te vermelden dat de levering op grond van de KOR is vrijgesteld van btw, zodat de afnemer weet dat geen (verlegde) btw hoeft te worden aangegeven.

(6)

2.10 Intracommunautaire leveringen door ondernemer die KOR toepast

De intracommunautaire leveringen van goederen door een ondernemer die onder de KOR valt, zijn eveneens vrijgesteld van btw. Bovendien is de ondernemer ontheven van alle administratieve verplichtingen, zodat hij ook geen btw-aangifte en Opgaaf ICP hoeft te doen.

Voorbeeld

Een ondernemer die de nieuwe KOR toepast, levert vanuit Nederland goederen aan een afnemer in bijvoorbeeld Duitsland. De goederen worden vervoerd vanuit Nederland naar Duitsland. De levering van deze goederen is belast in Nederland, omdat daar het vervoer aanvangt. Omdat de goederen naar Duitsland worden vervoerd is er sprake van een intracommunautaire levering (ICL). Kiest de ondernemer voor de KOR, dan is deze ICL echter vrijgesteld van btw. Omdat de ondernemer is ontheven van alle administratieve

verplichtingen, hoeft hij geen btw-aangifte en Opgaaf ICP te doen. De Duitse afnemer van de goederen wordt dus ook niet geconfronteerd met een intracommunautaire verwerving.

In de praktijk zal dit zich met name voordoen bij ondernemers met incidentele

intracommunautaire leveringen. Immers, als de KOR wordt toegepast, heeft de ondernemer ook geen recht op aftrek van voorbelasting. Nu de afnemer in de meeste gevallen wel een btw-aftrekrecht heeft (immers, een ICL is over het algemeen aan de orde tussen btw- ondernemers), pakt het toepassen van de KOR voor ondernemers met regelmatige ICL’s nagenoeg altijd ongunstig uit.

Let op; de vergoeding voor intracommunautaire leveringen telt mee voor de berekening van de omzetgrens voor toepassing van de KOR.

2.11 Deels grensoverschrijdende prestaties en/of deels btw-vrijgestelde prestaties

Als een ondernemer zowel grensoverschrijdende prestaties als btw-vrijgestelde prestaties verricht, is van belang om per activiteit te beoordelen welke omzet wel en welke omzet niet meetelt voor het vaststellen van de omzet voor toepassing van de KOR.

Voorbeeld

Een ondernemer, bijvoorbeeld een vertaalbureau, verricht grensoverschrijdende, btw- vrijgestelde en btw-belaste prestaties. De jaaromzet ziet er als volgt uit:

1. € 10.000, exclusief btw, voor vertaling van documenten van het Nederlands naar het Duits voor in Duitsland gevestigde ondernemers;

2. € 5.000, voor van btw vrijgesteld taalonderwijs in opdracht van een Nederlandse middelbare school; en

3. € 11.000, exclusief btw, voor vertaling van documenten van het Duits naar het Nederlands in opdracht van in Nederland gevestigde ondernemers.

De onder punt 1 vermelde omzet telt niet mee voor de berekening van de omzetgrens voor toepassing van de KOR (zie ook onderdeel 2.2 van deze notitie). De vertaaldienst voor de in Duitsland gevestigde ondernemers vindt voor de btw plaats in het land waar de afnemer is gevestigd, dus in Duitsland. Dit betekent dat de vertaaldienst naar Duits btw-recht moet worden beoordeeld, en dat de eventuele verschuldigde btw wordt verlegd naar de in Duitsland gevestigde ondernemer.

(7)

De onder punt 2 vermelde omzet heeft betrekking op een onderwijsdienst die is vrijgesteld van btw (artikel 11 lid 1 letter o Wet OB). Daarom telt deze omzet niet mee voor de

berekening van de omzetgrens voor toepassing van de KOR.

De onder punt 3 vermelde omzet heeft betrekking op (niet vrijgestelde) vertaaldiensten voor in Nederland gevestigde afnemers en is in Nederland belast met btw. Daarom telt deze omzet wel mee voor de berekening van de omzetgrens voor toepassing van de KOR. Omdat alleen deze omzet meetelt voor de omzetgrens is duidelijk dat de totale omzet onder

€ 20.000 blijft, zodat het vertaalbureau de KOR kan toepassen.

2.12 KOR en intracommunautaire verwervingen of inkoop van diensten onder de buitenlandse verleggingsregeling

Een ondernemer die de KOR toepast, moet in de volgende situaties toch btw-aangifte doen:

1. de ondernemer koopt diensten in van een dienstverlener die is gevestigd in een ander EU-land, waarbij de verschuldigde btw op grond van de verleggingsregeling is verlegd naar de ondernemer als afnemer van de prestatie. Dit gaat bijvoorbeeld om

adviesdiensten die een ondernemer afneemt van een dienstverlener uit een ander EU- land; of

2. de ondernemer is btw verschuldigd wegens een intracommunautaire verwerving van goederen.

De intracommunautaire verwerving van goederen door een ondernemer die voor de KOR kiest, zijn alleen in Nederland belast met btw als de intracommunautaire verwerving in het lopende of vorige kalenderjaar meer dan € 10.000 op jaarbasis bedraagt. Als dus meer dan

€ 10.000 wordt verworven, moet de ondernemer de verschuldigde btw over de

intracommunautaire verwerving boven de € 10.000 op aangifte voldoen. De transacties tot

€ 10.000 blijven belast met buitenlandse btw.

Als de aankoop van goederen uit andere EU-landen beneden de grens van € 10.000 blijft, zijn de aankopen belast met buitenlandse btw. De leveranciers zullen dan buitenlandse btw in rekening brengen aan de Nederlandse ondernemer die de KOR toepast. Dit leidt niet tot btw-verplichtingen voor deze ondernemer. Omdat de ondernemer de KOR toepast, heeft hij ook geen recht op teruggaaf van deze buitenlandse btw. In dit geval zal het Nederlandse btw-nummer van de ondernemer ook niet als “geldig” in het VIES systeem naar voren komen.

Als de ondernemer btw is verschuldigd op grond van de verleggingsregeling of wegens een intracommunautaire verwerving, moet de ondernemer tijdig verzoeken om uitreiking van een btw-aangifte. Dit houdt in dat de ondernemer de Belastingdienst moet verzoeken om

uitreiking van een btw-aangifte vóór het tijdstip waarop de btw moet worden betaald.

Op de uitgereikte btw-aangifte geeft de ondernemer alleen de verschuldigde btw wegens de verleggingsregeling of de intracommunautaire verwerving aan. Voor de overige prestaties blijft gewoon de KOR en de daarbij behorende ontheffing van administratieve verplichtingen van toepassing, mits de omzet van de ondernemer beneden de omzetgrens voor de KOR (€

20.000) blijft.

(8)

Den Haag, juli 2021 Bureau Vaktechniek

Disclaimer

De informatie in deze notitie heeft een signalerend karakter, is niet bedoeld als advies en de

ontvanger/gebruiker kan hieraan geen rechten ontlenen. Ondanks de zorgvuldige samenstelling van de inhoud deze notitie kan het RB geen enkele aansprakelijkheid aanvaarden voor schade, direct dan wel indirect, ten gevolge van eventuele fouten, vergissingen of onvolledigheden van de aangeboden informatie. Deze notitie kan verwijzen naar andere websites of andere bronnen. Het RB heeft geen controle of zeggenschap over zulke andere websites en bronnen en is niet verantwoordelijk of aansprakelijk voor de beschikbaarheid, de inhoud en de veiligheid daarvan, noch voor eventuele inbreuken op auteursrechten of andere intellectuele eigendomsrechten via zulke websites of bronnen.

Het is de ontvanger/gebruiker van deze notitie niet toegestaan deze te vermenigvuldigen, te distribueren, te verspreiden of tegen vergoeding beschikbaar te stellen aan derden, zonder uitdrukkelijke, schriftelijke toestemming van het RB.

Afbeelding

Updating...

Gerelateerde onderwerpen :