• No results found

REGIEMEN BOEMIPOETERA HET INLANDSCH REGLEMENT

N/A
N/A
Protected

Academic year: 2022

Share "REGIEMEN BOEMIPOETERA HET INLANDSCH REGLEMENT"

Copied!
258
0
0

Bezig met laden.... (Bekijk nu de volledige tekst)

Hele tekst

(1)

REGIEMEN BOEMIPOETERA HET INLANDSCH REGLEMENT

(Stbl. 1926 No. 559) j

TJÉTAKAN KETIOA

J

BALAI POESTAKA —WELTEVREDEN

(2)

I

(3)
(4)
(5)

REGLEMEN BOEMIPOETERA HET INLANDSCH REGLEMENT

(6)

OP DE UITOEFENING VAN DE POLITIE, DE BURGERLIJKE RECHTSPLEGING EN DE STRAFVORDERING ONDER

DE INLANDERS EN DE VREEMDE OOSTER- LINGEN OP JAVA EN MADOERA, ZOOALS OPNIEUW AFGEKONDIGD BIJ

Stbl. 1926 No. 559.

(Gewijzigd bij Stbl. 1927 No. 146; No. 153 jo. 154:

No. 248 jo. 338; Nos. 300 en 301).

VOLKSLECTUUR - WELTEVREDEN 1929

(7)

REGLEMEN

TENTANG MELAKOEKAN POLISI, MEMBOEAT HOEKOEM DALAM PERKARA SIPIL DAN PENOENTOETAN HOE-

KOEMAN DIANTARA BANGSA BOEMIPOETERA DAN BANGSA TIMOER ASING DITANAH

DJAWA DAN MADOERA MENOEROET OENDANGAN

Stbl. 1926 No. 559.

(Dioebah pada Stbl. 1927 No. 146; No. 153 jo. 154;

No. 248 jo. 338; No. 300 dan 301).

BALAI POESTAKA - WELTEVREDEN 1929

(8)

1926 No. 559. Rechtswezen. Reglementen. Bekendma- king van den tekst van het Inlandsch Reglement (Staatsblad 1848 No. 16).

IN NAAM DER KONINGIN!

De Gouverneur-Generaal van Nederlandsch-Indië, Den Raad van N ederlandsch-Indië gehoord:

Allen, die deze zullen zien of hooren lezen, Saluut!

doet te weten:

Dat Hij, uitvoering willende geven aan de machtiging, Hem verleend bij het Koninklijk besluit van 25 October 1926 No. 32

(Indisch Staatsblad No. 496), tot bekendmaking van den tekst van het Inlandsch Reglement als in dat besluit is aangegeven en met wijziging van dien tekst voor zoover dit in verband met het bepaalde in artikel 3 van de Invoeringsverordening Strafwet- boek alsmede in de Indische Staatsregeling en met ingetrokken artikelen en ter bevordering van eenheid van uitdrukking ge- wenscht is, met verbetering van zinstorende fouten en met in- achtneming van de taal en spelling, gevolgd in de van Regeerings- wege uitgaande stukken;

Lettende op de artikelen 20, 29, 31 en 32 van het Reglement op het beleid der Regeering van Nederlandsch-Indië, in verband met artikel 2 onder V der wet van 23 Juni 1925 (Indisch Staats- blad No. 415);

Heeft goedgevonden en verstaan:

(9)

1926 No. 559. Keadaan Hoekoem. Reglemen. Mema'- loemkan isi Reglemen Boemipoetera (Staatsblad 1848 No. 16).

ATAS NAMA SERI BAGINDA MAHARADJA RATOE!

Jang Dipertoean Besar Goebernoer Djenderal Hindia Belanda, Setelah mendengar timbangan Dewan Hindia Belanda:

Kepada sekalian jang akan melihat atau mendengar membatja ini, Selamatlah!

memperma'loemkan:

Bahwa Toean Besar, karena hendak mendjalankan koeasa jang diberikan kepadanja dengan Firman Keradjaan tanggal 25 Octo- ber 1926 No. 32 (Staatsblad Hindia No. 496), oentoek mema'- loemkan isi Reglemen Boemipoetera sebagai diterangkan dalam Firman itoe dan dengan mengoebah isi Reglemen itoe sekadar hal mengoebah itoe perloe, berhoeboeng dengan ketentoean pasal 3 dari Verordening pendjalankan Kitab Oendang-oendang Hoekoeman, demikian djoega dengan ketentoean dalam Atoeran Negeri Hindia dan berhoeboeng dengan pasal-pasal jang telah dihapoeskan dan oentoek menjamakan perkataan dengan mem- perbaiki kesalahan jang mendjadikan salah pengertian dan de- ngan mengingat bahasa dan édjaan jang dipakai dalam soerat- soerat jang dikeloearkan oléh Pemerintah;

Dengan mengingat pasal 20, 29, 31 dan 32 Reglemen atas kebidjaksanaan Pemerintah Hindia Belanda, berhoeboeng dengan pasal 2 pada V Oendang-oendang tanggal 23 Juni 1925 (Staats- blad Hindia No. 415);

Telah berkenan dan bersetoedjoe:

(10)

Artikel 1

(1) De tekst van het reglement op de uitoefening van de politie, de burgerlijke rechtspleging en de strafvordering onder de Inlanders en de vreemde Oosterlingen op Java en Madoera

(Staatsblad 1848 No. 16), zooals dit sedert is gewijzigd en aan- gevuld, wordt nader gewijzigd ingevolge de hiervoren vermelde machtiging algemeen bekend gemaakt door bijvoeging daarvan bij deze ordonnantie.

(2) Het in het vorig lid bedoeld reglement kan worden aan- gehaald als „Het Inlandsch Reglement".

Artikel 2

Deze ordonnantie treedt in werking met ingang van 1 Januari 1927.

En opdat niemand hiervan onwetendheid voorwende, zal deze in het Staatsblad van Nederlandsch-Indië geplaatst en, voor zoo- veel noodig, in de Inlandsche en Chineesche talen aangeplakt worden.

Gelast en beveelt voorts, dat alle hooge en lage Colleges en Ambtenaren, Officieren en Justicieren, ieder voor zooveel hem aangaat, aan de stipte naleving dezer de hand zullen houden, zonder oogluiking of aanzien des persoons.

Gedaan te Buitenzorg, den 23sten December 1926.

DE GRAEFF.

De Algemeene Secretaris, G. R. ERDBRINK.

Uitgegeven den acht en twintigsten December 1926.

De Algemeene Secretaris, G. R. ERDBRINK.

(Besluit van den Gouverneur-Generaal van 23 December 1926 No. 28).

(11)

Pasal 1

(1) Isi reglemen tentang melakoekan polisi, hal memboeat hoekoem dalam perkara sipil dan penoentoetan hoekoeman di- antara bangsa Boemipoetera dan bangsa Timoer Asing ditanah Djawa dan Madoera (Staatsblad 1848 No. 16), dengan segala peroebahan dan tambahannja, dima'loemkan, sesoedah dioebah lagi, kepada orang banjak menoeroet koeasa jang diseboet diatas, dengan dilampirkan pada ordonansi ini.

(2) Reglemen jang terseboet dalam a j at diatas ini boleh diseboet dengan nama „Reglemen Boemipoetera".

Pasal 2

Ordonansi ini moelaï berlakoe pada 1 hari boelan Januari 1927.

Dan soepaja djangan seorangpoen dapat berdalih tiada menge- tahoei ordonansi ini, maka ia akan dimoeatkan dalam Staats- blad tanah Hindia Belanda dan sekadar perloe salinannja dalam bahasa anak Negeri dan bahasa Tjina akan ditempelkan pada sebarang tempat djoea.

Lagi poela akan menjoeroeh dan memerintahkan sekalian Ma- djelis tinggi dan rendah dan Amtenar dan Opsir serta Hakim, ma- sing-masing sekadar kewadjibannja, akan mendjaga soepaja or- donansi ini ditoercet dengan tiada mengedjamkan mata atau pan- dang-memandang.

Termaktoeb di Bogor, pada 23 hari boelan December 1926.

DE GRAEFF.

Sekertaris Djenderal, G. R. ERDBRINK.

Dikeloearkan pada doea poeloeh delapan hari boelan December 1926.

Sekertaris Djenderal, G. R. ERDBRINK.

(Firman Toean Besar Goebernoer Djenderal, tanggal 23 De- cember 1926 No. 28).

(12)

OP DE UITOEFENING VAN DE POLITIE, DE BURGER- LIJKE RECHTSPLEGING EN DE STRAFVORDERING

ONDER DE INLANDERS EN DE VREEMDE OOS- TERLINGEN OP JAVA EN MADOERA

EERSTE TITEL

Van de uitoefening van de politie en de opsporing van misdrijven en overtredingen in het algemeen

1. Met de uitoefening van de politie en de opsporing van de misdrijven en overtredingen onder de Inlanders en vreemde Oos- terlingen zijn, volgens de onderscheidingen bij dit reglement ge- maakt, de hierna volgende beambten belast, elk voor zooveel aangaat de uitgestrektheid van het grondgebied, waarover hij is aangesteld:

Ie. de dorpshoofden (hoofden der desa's en kampongs) en alle verdere ondergeschikte Inlandsche politie-beambten, hoe ook genaamd, die, welke over de particuliere landerijen gesteld zijn, daaronder begrepen;

2e. de districtshoofden en de aan dezen toegevoegde beambten;

3e. de Inlandsche officieren van justitie (hoofddjaksa's en djaksa's) ;

4e. de regenten en patih's;

5e. de hoofden der afdeelingen en voorts alle zoodanige ambte- naren, als daartoe in bijzondere gevallen bevoegd zullen wor- den verklaard;

6e. alle andere beambten en personen, in zaken bij bijzondere wettelijke voorschriften aan hunne waakzaamheid toever- trouwd.

2. Met de uitoefening van de politie, ieder in zijn kring, zijn mede belast de hoofden der Mooren, Arabieren, Chineezen en

(13)

TENTANG MELAKOEKAN POLISI, MEMBOEAT HOEKOEM DALAM PERKARA SIPIL DAN PENOENTOETAN

HOEKOEMAN DIANTARA BANGSA BOEMI- POETERA DAN BANGSA TIMOER ASING

DITANAH DJAWA DAN MADOERA

BAB JANG PERTAMA

Tentang melakoekan polisi dan menjelidiki kedjahatan dan pelanggaran pada 'oemoemnja

1. Hal melakoekan polisi dan menjelidiki kedjahatan dan pe- langgaran diantara bangsa Boemipoetera dan bangsa Timoer Asing, menoeroet perbedaan dalam reglemen ini, diwadjibkan kepada sekalian pegawai terseboet dibawah ini, masing-masing didalam djadjahannja (bawahannja) :

le. kepala désa (kepala désa dan kepala kampoeng) dan seka- lian pegawai polisi Boemipoetera lain, jang dibawah perin- tah, apa djoega gelarnja; dalam bilangan itoe termasoek djoega pegawai polisi Boemipoetera ditanah partikoelir;

2e. kepala distrik dan pegawai jang dibantoekan kepadanja;

3e. opsir djoestisi Boemipoetera (hoofddjaksa dan djaksa);

4e. regén (boepati) dan patih;

5e. kepala afdeeling dan lagi sekalian amtenar jang dalam hal jang istimewa akan diterangkan berkoeasa oentoek itoe;

Ge. sekalian pegawai dan orang lain dalam perkara jang diserah- kan kepada pendjagaannja pada peratoeran oendang-oendang jang istimewa.

2. Diwadjibkan poela akan mendjalankan polisi, masing-ma- sing dalam bahagiannja, jaïtoe: kepala bangsa Kodja, kepala bangsa 'Arab, kepala bangsa Tiong Hoa dan kepala bangsa Ti- moer Asing jang lain, dan lagi pegawai dan amtenar polisi 'oe-

(14)

andere vreemde Oostersche volken, mitsgaders de ambtenaren en beambten der algemeene politie en wijkmeesters, welke allen, bij de opsporing van de misdrijven en overtredingen, de bij dit regle- ment ten aanzien van de dorpshoofden en de districtshoofden ge- geven voorschriften zullen in acht nemen, voor zoover die bepa- lingen op hen toepasselijk kunnen zijn, en zich wijders zullen hebben te gedragen overeenkomstig de voor hen bestaande of later vast te stellen voorschriften en instructiën.

3. Elk ander openbaar beambte, die in de uitoefening van zijne bediening kennis bekomt van eenig misdrijf, zal gehouden zijn daarvan dadelijk bericht te geven aan den bevoegden ambte- naar van politie.

4. (1) In geval van misdrijf of overtreding, op heeterdaad ontdekt, is een ieder bevoegd den verdachte aan te houden en te brengen voor een der met de uitoefening van de politie belaste beambten.

(2) Deze laatsten zijn, in geval van ontdekking op heeterdaad, tot die aanhouding verplicht, alsmede tot de onmiddellijke aan- wending van alles wat dienstig kan zijn om het feit tot klaarheid te brengen.

5. Ontdekking op heeterdaad heeft plaats, wanneer het feit, terwijl men het pleegt, of terstond nadat het gepleegd is, ontdekt wordt, of wanneer iemand terstond daarna als dader door het openbaar gerucht wordt vervolgd, of bij hem goederen, wapenen, werktuigen of andere voorwerpen worden gevonden, welke aan- duiden, dat hij dader of medeplichtige is.

6. Een ieder die getuige is geweest van een aanslag, hetzij tegen de openbare rust of veiligheid, hetzij tegen iemands leven of eigendom, zal gehouden zijn daarvan kennis te geven aan den naastbij zijnden ambtenaar van politie.

TWEEDE TITEL

Van de dorpshoofden en alle verdere ondergeschikte beambten van politie

7. De dorpshoofden zijn, onder het toezicht en de bevelen der

(15)

moem dan wijkmeester (bek); dalam hal menjelidiki kedjahatan dan pelanggaran hendaklah sekalian orang itoe memperhatikan peratoeran bagi kepala désa dan kepala distrik, jang terseboet dalam reglemen ini, sekadar ketentoean itoe boleh lakoe bagi me-.

réka, dan lagi mereka haroes menoeroet peratoeran dan perintah jang soedah ada atau jang akan diadakan oentoek mereka.

3. Tiap-tiap pegawai 'oemoem jang lain diwadjibkan dengan segera memberi chabar kepada amtenar polisi jang berkoeasa, djika ia didalam djabatannja mendapat tahoe ada sesoeatoe ke- djahatan.

4. (1) Dalam hal kedapatan sesoeatoe kedjahatan atau pe- langgaran jang sedang dikerdjakan, maka tiap-tiap orang berkoe- asa akan menahan orang tersangka dan akan membawa dia kepada seorang diantara pegawai jang diwadjibkan mendjalankan polisi.

(2) Dalam hal kedapatan soeatoe kedjahatan atau pelang- garan jang sedang dikerdjakan, maka pegawai itoe wadjib akan menahan orang jang tersangka dan lagi akan mendjalankan segala ciaja oepaja dengan segera, soepaja boleh terang perboeatan itoe.

5 Jang diseboet kedapatan sedang dikerdjakan, jaïtoe djika kedapatan perboeatan itoe sedang dikerdjakan orang, atau ke- dapatan sebentar djoega sesoedah dikerdjakan orang, atau dji- kalau sebentar djoega sesoedah dikerdjakan, orang banjak me- njangka kepada seorang orang bahwa ia si pemboeat, atau djika kedapatan pada orang itoe barang-barang, sendjata, perkakas atau benda lain. jang menjalakan bahwa ia si pemboeat atau sekoetoe.

6. Barang siapa jang menjaksikan soeatoe makar (aanslag), baik kepada kesentosaan atau kesedjahteraan 'oemoem, baik ke- pada djiwa atau milik orang, haroeslah ia memberi tahoekan hal itoe kepada amtenar polisi jang terdekat.

BAB JANG KEDOEA

Tentang kepala désa dan sekalian pegawai polisi lain jang dibawah perintah

7. Dengan pengawasan dan dibawah perintah kepala distrik,

(16)

districtshoofden, belast met de zorg voor de openbare rust en veiligheid, en de handhaving van de goede orde in hunne dorpen.

8. (1) Zij zijn verplicht éénmaal 's weeks op een gezetten dag voor hun districtshoofd te verschijnen, en aan dezen zoo mo- gelijk een schriftelijk bericht te overhandigen, of anders monde- ling verslag te doen van het voorgevallene in de laatstverloopen week, voor zoover zij daarvan niet reeds vroeger, overeenkomstig de volgende bepalingen van dezen titel, hebben moeten kennis geven.

(2) Bij wettige verhindering zullen zij zich door een hun on- dergeschikt beambte, of bij diens ontstentenis, door een ander bekwaam persoon kunnen doen vervangen.

(3) Ter plaatse waar eene wekelijksche verschijning van de dorpshoofden te bezwarend mocht zijn, zal het districtshoofd door het hoofd der afdeeling gemachtigd kunnen worden, om de dorps- hoofden slechts ééns in de veertien dagen of ook maandelijks voor zich te doen verschijnen.

9. De dorpshoofden moeten stiptelijk nakomen de bevelen, die hun van hooger hand gegeven worden.

10. Zij zullen zooveel mogelijk beletten, dat van andere, of meer dan de gewone wapenen voorziene personen, inzonderheid des nachts, zonder een blijkbaar geoorloofd doel, vereenigd rond- gaan, en in allen gevalle van hetgeen te dien aanzien plaats heeft, kennis geven aan het districtshoofd.

11. (1) Zij zullen voor zoover de noodzakelijkheid daartoe gebleken is, ter beoordeeling van het hoofd der afdeeling, in hunne dorpen eene nachtwacht oprichten, en daartoe alle ingezetenen, tot de waarneming van dien dienst geschikt, bij beurten oproepen!

(2) Het is den dorpshoofden uitdrukkelijk verboden van het waarnemen van die wacht, zonder wettige redenen, vrijstelling te verleenen.

12. De gestelde nachtwachten zullen alle lieden, die door het dragen of vervoeren van verdachte goederen, het drijven van buf- fels of ander vee, waarvan zij het bezit niet kunnen rechtvaardigen of om eenige andere reden grond geven tot het vermoeden, dat zij een strafbaar feit hebben gepleegd of voornemens zijn te

(17)

maka kepala désa diwadjibkan akan memelihara kesentosaan dan kesedjahteraan orang banjak dan tertib jang baik (keberesan) didalam désanja. .

8. (1) Seminggoe sekali pada hari jang ditentoekan, maka kepala désa wadjib menghadap kepala distriknja dan memberita- kan (merapotkan) kepadanja, seboléh-boléhnja dengan soerat, ka- lau tidak dengan moeloet (lisan), segala hal ihwal jang terdjadi didalam minggoe jang laloe, kalau hal itoe tidak haroes diberi tahoekan lebih dahoeloe, menoeroet ketentoean pada bab ini.

(2) Djika ada alangan jang sah, maka mereka haroes me- njoeroeh seorang pegawai jang ada dibawahnja, atau djika tiada ada pegawai jang demikian itoe, seorang-orang lain jang tjoe- koep kepandaiannja.

(3) Kalau amat berat bagi kepala désa dibeberapa tempat akan menghadap seminggoe sekali, maka kepala afdeeling boleh memberi koeasa kepada kepala distrik akan menjoeroeh kepala désa itoe datang menghadap sekali empat belas hari atau sekali seboelan.

9. Kepala désa haroes dengan betoel mendjalankan perintah jang diberikan kepadanja oléh orang jang lebih tinggi pangkatnja.

10. Mereka wadjib seboléh-boléhnja menegah orang, jang memakai sendjata lain atau lebih dari jang biasa, beredar bersa- ma-sama, istimewa pada malam hari, tidak dengan maksoed jang njata halal, dan ta' dapat tiada wadjiblah mereka memberi- takan hal itoe kepada kepala distrik.

11. (1) Djika menoeroet timbangan kepala afdeeling ter- r.jata keperloeannja, maka kepala désa haroes mengadakan ka- wal pada malam didalam désanja, serta memanggil berganti- ganti sekalian pendoedoek désa jang baik oentoek pekerdjaan itoe.

(2) Dilarang keras kepada kepala désa akan melepaskan orang dari pekerdjaan kawal itoe, kalau tidak ada sebab jang sah.

12. Kawal pada malam itoe haroes menahan dan membawa de- ngan segera kepada kepala désa sekalian orang, jang karena me- mikoel atau membawa barang jang tiada dipertjaja, atau karena menghalau kerbau atau hewan lain, jang tiada dapat diterang- kan mereka kepoenjaannja, atau karena sebab lain, menim-

(18)

plegen, moeten aanhouden en onverwijld voor het dorpshoofd brengen.

13. (1) Het dorpshoofd zal de aldus aangehouden personen, binnen vier en twintig uren, met de in hun bezit gevonden goede- ren aan het districtshoofd overgeven, tenzij hem ten stelligste blijke, dat er geenerhande grond van vermoeden tegen den aange- houdene bestaat.

(2) In geval van invrijheidstelling zal hij daarvan onverwijld onder opgave van de omstandigheden, zoo mogelijk door een schriftelijk verslag, en anders mondeling aan het districtshoofd kennis geven.

(3) Buiten dit eenig geval mogen de dorpshoofden nimmer een in hechtenis genomen persoon op eigen gezag in vrijheid stel- len.

14. (1) De dorpshoofden zullen de aangifte en aanklachten ontvangen van begane misdrijven en overtredingen.

(2) Zij zullen naar de strafbare feiten, die aldus of op eenige andere wijze tot hunne kennis komen, met den meesten ijver on- derzoek doen, ten einde de omstandigheden en de daders aan het licht te brengen, en zijn verplicht elkander daarin behulpzaam te zijn.

(3) Van alle te hunner kennis gebrachte misdrijven en over- tredingen, en van hetgeen door hen te dien aanzien is verricht, doen zij ten spoedigste verslag aan het districtshoofd.

15. De wapenen, werktuigen of andere voorwerpen, welke tot het plegen van eenig misdrijf gediend hebben, gelijk mede de gestolen goederen, en in het algemeen alle zoodanige zaken, wel- ke door middel van misdrijf of overtreding zijn verkregen of voort- gebracht, of uit anderen hoofde tot overtuiging kunnen dienen, zullen door hen in beslag genomen en aan het districtshoofd over- handigd worden.

16. (1) Behoudens het bepaalde bij artikel 12, mogen de dorpshoofden nimmer op eigen gezag iemand in hechtenis nemen, dan alleen bij ontdekking op heeterdaad, of wanneer er gegronde vrees bestaat, dat verdachte personen zich door de vlucht aan de vervolging zullen onttrekken.

(19)

boelkan sangkaan bahwa meréka itoe soedah mengerdjakan atau sedang bermaksoed akan mengerdjakan soeatoe perboeatan jang boléh dihoekoem.

13. (1) Orang jang ditahan dalam hal jang demikian itoe, dengan barang jang terdapat padanja, haroes diserahkan oléh kepala desa, didalam 24 djam, kepada kepala distrik, ketjoeali djika njata benar kepadanja, bahwa sama sekali tiada alasan sangka bagi orang jang ditahan itoe.

(2) Djikalau orang itoe dilepaskannja, maka kepala désa ha- roes dengan segera memberi tahoekan hal itoe kepada kepala distrik, dengan menjeboetkan segala hal ihwal, seboléh-boléhnja dengan soerat, tetapi boléh djoega dengan moeloet.

(3) Ketjoeali dalam satoe hal itoe sadja, maka kepala désa tiada boléh melepaskan orang jang ditangkap dengan koeasanja sendiri.

14. (1) Kepala désa haroes menerima segala rapotan dan pengadoean tentang segala kedjahatan dan pelanggaran jang terdjadi.

(2) Mereka haroes menjelidiki dengan radjin benar segala perboeatan jang boléh dihoekoem, jang diketahoeinja, soepaja dapat terang segala hal ihwalnja serta orang jang memboeatnja;

maka dalam pekerdjaan itoe haroeslah mereka itoe tolong-me- nolong.

(3) Segala kedjahatan dan pelanggaran jang diberi tahoekan kepadanja dan segala perboeatan mereka dalam hal itoe, haroes diberitakannja dengan segera kepada kepala distrik.

15. Segala sendjata, perkakas atau benda lain jang dipakai akan melakoekan sesoeatoe kedjahatan, demikian poela barang jang ditjoeri dan pada 'oemoemnja segala barang, jang terdapat atau diadakan karena kedjahatan atau pelanggaran, atau jang oléh sebab lain dapat didjadikan boekti, haroes dirampas oleh kepala désa dan diserahkan kepada kepala distrik.

16. (1) Melainkan jang ditentoekan dalam pasal 12, maka kepala désa sekali-kali tiada boléh menangkap orang dengan koeasa sendiri, lain dari pada dalam hal kedapatan orang sedang memboeat kedjahatan atau pelanggaran, atau djika ia soenggoeh takoet, bahwa orang jang disangka itoe akan lari, de- ngan maksoed akan melepaskan dirinja dari pada toentoetan.

Reglemen Boemipoetera. 2

(20)

(2) In alle gevallen van gevangenneming zullen zij den ver- dachte, binnen vier en twintig uren na de aanhouding, voor het districtshoofd doen brengen, met de getuigen en al wat tot bewijs van het gepleegde feit kan dienen.

17. (1) Wanneer een lijk gevonden wordt, zal het betrokken dorpshoofd, indien de oorzaak van den dood onbekend is of ver- dacht voorkomt, zich terstond begeven naar de plaats waar zooda- nig lijk zich bevindt, en na den staat daarvan voorloopig onder- zocht te hebben, dadelijk van zijne bevinding kennis doen geven aan het districtshoofd, terwijl hij tot aan diens komst het lijk zal doen bewaken, opdat alles zoolang onveranderd blijve in den staat waarin het gevonden is; behoudens evenwel het bepaalde bij ar- tikel 19.

(2) Indien het gevonden lijk dat van een onbekende is, zal hij de hoofden der naburige dorpen dadelijk doen kennis dragen van de plaats gehad hebbende ontdekking en van de kenteekenen van het lijk.

18. (1) In afwachting van de komst van het districtshoofd, of van een beambte die hem vervangt, zal het dorpshoofd op de plaats zelve en elders, waar dit met vrucht schijnt te kunnen ge- schieden, alle mogelijke inlichtingen omtrent de toedracht der zaak trachten in te winnen, en zich niet slechts in het bezit stellen van alle voorwerpen, welke dienstig kunnen zijn om de waarheid aan het licht te brengen, maar zich ook verzekeren van de verdacht voorkomende personen, en dezen tot aan de komst van het dis- trictshoofd in dier voege doen bewaken, dat zij niet met elkander noch met andere personen in overleg of verstandhouding kunnen treden.

(2) Het dorpshoofd zal de aidus aangehouden personen on- dervragen aangaande hunne tegenwoordigheid op de plaats des niisdrijfs, en hunne schuld of deelneming daaraan; indien er oog- getuigen ter plaatse aanwezig zijn, zal hij hen aan dezen ter herkenning voorstellen, en wanneer zij hun aanwezen op eene an- dere plaats dan die des misdrijfs, of wel het wettig verkrijgen van de bij hen gevonden verdachte goederen beweren mochten, zai hij reeds aanstonds zooveel mogelijk onderzoek doen naar de waarheid dier opgaven.

(21)

(2) Dalam segala hal tangkapan, maka didalam 24 djam se- soedah orang ditahan, haroeslah mereka menjoeroeh membawa orang tersangka itoe kepada kepala distrik bersama dengan saksi- saksi dan segala barang jang boleh mendjadi keterangan bagi perboeatan itoe.

17. ( i ) Djika terdapat orang mati dan tidak ketahoean atau ada sjak hati tentang sebab kematian orang itoe, maka haroes- lah kepala désa jang bersangkoetan dengan segera pergi ketem- pat majat itoe, dan sesoedah diperiksanja dahoeloe keadaan majat itoe, haroeslah ia dengan segera memberi tahoekan pendapatannja kepada kepala distrik, serta menjoeroeh dja- ga majat itoe sampai kepala distrik datang, soepaja semen- tara itoe segala hal ihwal jang terdapat tiada beroebah; ketjoe- ali dalam hal jang terseboet dalam pasal 19.

(2) Djika majat jang terdapat itoe majat orang jang tidak dikenal, maka kepala désa haroes dengan segera memberi ta- hoekan hal pendapatan itoe dan tanda-tanda majat itoe kepada kepala-kepala désa jang dekat.

18. (1) Sambil menoenggoe kedatangan kepala distrik atau pegawai jang djadi wakilnja, maka kepala désa haroes men- tjahari segala keterangan tentang doedoeknja perkara itoe, baik ditempat kedjadian itoe, baik ditempat lain, kalau roepanja akan berhasil pekerdjaan itoe disitoe; lagi poela boekan sadja haroes ia mengambil segala benda jang boleh dipergoenakan akan menjatakan jang benar, akan tetapi wadjib poela ia me- nahan orang jang boleh disangka, dan menjoeroeh mendjaga orang itoe sampai kepala distrik datang, ja'itoe soepaja mereka ta' dapat berbitjara atau bermoepakat, baik bersama-sama atau- poen dengan orang lain.

(2) Orang jang ditahan demikian itoe hendaklah diperiksa oléh kepala désa tentang adanja pada tempat kedjadian kedja- hatan itoe dan tentang salahnja atau tjampoernja dalam perkara itoe; djikalau ada orang jang melihat sendiri pada tempat itoe, maka hendaklah orang jang tersangka itoe diperlihat- kan oléh kepala désa itoe kepada saksi itoe soepaja dikenal- nja; dan djika orang jang tersangka itoe mengatakan bah- wa mereka ada pada tempat lain dari pada tempat kedjadian ke- djahatan itoe, atau bahwa barang jang tiada dipertjaja,

(22)

(3) Indien de verdachte personen of sommige hunner niet hebben kunnen worden aangehouden, zal het dorpshoofd zijne ambtgenooten in de naburige dorpen onverwijld doen kennis dra- gen van alle omstandigheden, die tot de opsporing van de schul- digen kunnen leiden.

(4) Zoodra het districtshoofd of een ambtenaar van zijnent- wege op de plaats is aangekomen, zal het dorpshoofd zich onder diens bevelen stellen.

19. Indien de mogelijkheid schijnt te bestaan, dat er nog leven is in het zich als levenloos voordoende lichaam, zullen de naar den aard der omstandigheden meest gepaste middelen en voorzorgen worden aangewend, en zoo mogelijk de hulp van een geneeskun- dige dadelijk worden ingeroepen.

20. (1) In het water gevonden menschelijke lihamen zullen daaruit onverwijld worden opgehaald en, wanneer die geene ge- wisse kenteekenen des doods vertoonen, op de voorgeschreven wij- ze behandeld worden.

(2) Tot de aanwending van de ten deze bedoelde middelen en voorzorgen zal terstond worden overgegaan, niettegenstaande er nog geen dorpshoofd of ander politie-beambte op de plaats tegenwoordig zij.

21. (1) Het dorpshoofd is mede verplicht om zich naar de piaats van het gebeurde te begeven, en het districtshoofd daarvan onmiddellijk bericht te doen toekomen, in geval van moord, dood- slag, zware verwonding, brandstichting, roof, diefstal met braak en alle andere misdrijven, welke zichtbare sporen achterlaten.

(2) Het bepaalde bij artikel 18 is in alle die gevallen toe- passelijk.

22. (1) Ook bij het ontstaan van brand, die niet aan kwaad- willigheid is toe te schrijven, zal het dorpshoofd daarvan onver- wijld kennis geven aan het districtshoofd.

(2) In ieder geval zal hij alle middelen aanwenden om den brand meester te worden.

23. (1) De dorpshoofden zullen stiptelijk toezien, dat de be- woners der dorpen geene personen, niet tot hun dorp behooren- de des nachts herbergen zonder hunne voorkennis en toestemming.

(23)

Jang terdapat padanja, diperoleh dengan djalan jang sah,^ maka haroeslah kepala désa dengan segera dan seboléh-boléhnja me- meriksa kebenaran perkataan itoe.

(3) Djikalau orang jang tersangka atau beberapa orang antara mereka itoe tiada dapat ditahan, maka haroeslah kepala désa dengan segera memberi tahoekan kepada kepala-kepala désa jang dekat segala hal ihwal jang bergoena akan mentjahari orang jang salah.

(4) Demi sampai kepala distrik atau wakilnja ketempat itoe, kepala désa haroes menoeroet perintahnja.

19. Djika roepanja boleh djadi masih ada njawa dalam ba- dan jang seroepa tidak bernjawa lagi itoe, maka haroeslah di- djalankan daja oepaja serta pendjagaan jang sepatoet-patoetnja menoeroet keadaan dan haroeslah kalau dapat, diminta perto- longan dokter.

20. (1) Badan manoesia jang terdapat dalam air, hendaklah dengan segera diangkat kedarat dan djika tidak ada tanda-tanda maü jang sah, maka haroeslah diperboeat sebagai terseboet diatas tadi.

(2) Daja oepaja atau pendjagaan jang dimaksoed dalam hal jang demikian, haroeslah didjalankan dengan segera, biarpoen pada tempat itoe beloem hadir kepala désa atau pegawai polisi lain.

21. (1) Kepala désa itoe diwadjibkan djoega akan pergi ketempat kedjadian itoe dan memberi tahoekan hal itoe dengan segera kepada kepala distrik dalam hal pemboenoehan, poekoel mati, loeka parah, penoenoean, rampasan (perampokan), pen- tjoer'ian dengan memetjah dan kedjahatan lain jang meninggalkan bekas jang kelihatan.

(2) Ketentoean pada pasal 18 berlakoe dalam segala hal.itoe.

22. (1) Djika terdjadi kebakaran, jang tiada boleh dikata- kan diperboeat orang dengan maksoed djahat, maka hal itoe haroes poela dengan segera diberi tahoekan oléh kepala désa ke- pada kepala distrik.

(2) Dalam tiap-tiap hal wadjib ia mendjalankan segala daja oepaja akan memadamkan api itoe.

23. (1) Kepala désa haroes mendjaga dengan betoel, soepaja pendoedoek désanja djangan memberi tempat menginap,

(24)

(2) Bij ontdekking, dat zulks heeft plaats gehad, zal hiervan door de dorpshoofden dadelijk worden kennis gegeven aan het districtshoofd.

24. De dorpshoofden zijn gehouden om, daartoe verzocht, de goederen van reizigers onder hunne bewaring te nemen en zijn voor de hun alzoo toevertrouwde goederen aansprakelijk.

25. (1) Zij zullen zich beijveren om onder hunne onder- hoorigen rust en eensgezindheid te bewaren, en alle aanleiding tot oneenigheld en twist uit den weg te ruimen.

(2) Geringe geschillen, blootelijk bijzondere belangen der dorpsbewoners ten onderwerp hebbende, zullen zij zooveel mo- gelijk, met onpartijdigheid en in overleg met de oudsten van het dorp, in der minne trachten bij te leggen.

26. Indien de geschil hebbende personen niet bewogen kun- nen worden om in eene minnelijke schikking te treden, of wan- neer de geschillen van zulk een ernstigen aard zijn, dat de op- legging van eenige straf of vergoeding te pas zoude kunnen ko- men, zullen de dorpshoofden de partijen verwijzen naar het dis- trictshoofd.

27. (1) Zij zullen op een of meer daartoe bestemde registers nauwkeurig aanteekening houden van de namen, het beroep en, zooveel mogelijk, van den ouderdom van alle inwoners die tot hunne dorpen behooren; mitsgaders van de veranderingen in den staat der bevolking ten gevolge van geboorte, huwelijk, overlijden, vertrek en andere oorzaken.

(2) Van deze registers zullen zij op den vastgestelden ver- schijndag een uittreksel, betreffende het sedert de laatste ver- schijning voorgevallene, aan het districtshoofd overhandigen.

28. Indien het dorpshoofd tot het houden van die registers niet in staat is, zorgt hij, dat zulks door den dorpspriester of schrijver gedaan worde.

29. (1) De doprshoofden mogen aan niemand toestaan zich, buiten verlof van het districtshoofd, onder het gebied hunner dorpen neder te zetten, dan wanneer twee der meest gegoede inge- zetenen verklaren degenen die zich onder hen wenschen te ves- tigen, te kennen voor goede en onschadelijke personen.

(25)

dengan tiada setahoenja dan dengan tiada izinnja, kepada orang jang boekan pendoedoek désanja.

(2) Djikalau kedapatan ada kedjadian jang demikian, maka haroeslah kepala désa dengan segera memberi tahoekan hal itoe kepada kepala distrik.

24. Djikalau diminta kepadanja, maka kepala désa wadjib me- njimpan barang orang perdjalanan dan menaggoeng hal ihwal barang jang diserahkan kepadanja itoe.

25. (1) Kepala désa haroes berichtiar, agar soepaja kese- djahteraan dan keroekoenan diantara pendoedoek désanja tiada terganggoe, serta soepaja dapat disingkirkan segala sebab jang boleh menerbitkan perselisihan dan perbantahan.

(2) Perselisihan ketjil-ketjil, jang hanja tentang keperloean pendoedoek désa masing-masing, haroeslah seboléh-boléhnja di- perdamaikan oléhnja dengan 'adil serta semoepakat dengan orang toea-toea désa itoe.

26. Djikalau orang jang berselisih itoe ta' dapat diper- damaikan, atau djika perselisihan itoe amat penting, sehingga patoetlah dikenakan soeatoe hoekoeman atau pengganti keroegian, maka haroeslah kepala désa menjerahkan perkara kedoea belah pihak kepada kepala distrik.

27. (1) Kepala désa haroes menoeliskan dengan saksama dalam seboeah daftar atau lebih, jang dioentoekkan bagi peker- djaan itoe: namanja, pekerdjaannja dan seboléh-boléhnja 'oemoer sekalian orang pendoedoek désanja, demikian poela segala oebah- an dalam keadaan isi negeri karena lahir, kawin, mati, berangkat dan sebab-sebab lain.

(2) Pada hari menghadap jang ditentoekan, haroeslah mere- ka memberi kepada kepala distrik sehelai petikan dari daftar itoe tentang kedjadian sedjak hari menghadap jang kemoedian sekaü.

28. Djika kepala désa sendiri tidak pandai memegang daftar itoe, maka haroes didjaganja soepaja pekerdjaan itoe diperboeat oléh amil (lebai, katib) atau djoeroetoelis désa.

29. (1) Kepala désa tiada boleh meloeloeskan siapa djoega berkedoedoekan, dengan tiada izin kepala distrik, diatas tanah désanja, ketjoeali djika ada doea orang pendoedoek désa- nja jang terlebih hartawan menerangkan, bahwa orang jang

(26)

(2) Van de ter inwoning toegelaten personen zal melding worden gemaakt op de bij artikel 27 omschreven registers.

30. (1) De districtshoofden zullen hebben te waken, dat nie- mand zich buiten den omtrek der dorpen vestige, zonder vooraf daartoe hunne vergunning te hebben bekomen, welke niet zal worden verleend dan nadat het betrokken dorpshoofd door hen zal zijn gehoord.

(2) Indien het nuttig of noodig mocht voorkomen de aldus ontstane gehuchten onder een afzonderlijk bestuur te brengen, zal het districtshoofd, na het betrokken dorpshoofd te hebben gehoord, deswege eene schriftelijke voordracht doen aan den regent, die dit stuk, onder mededeeling van gevoelen, zal doen toekomen aan het hoofd der afdeeling.

31. Daar waar de bepalingen der beide voorgaande artikelen uit hoofde van plaatselijke of andere omstandigheden niet kun- nen worden nageleefd, zal het hoofd der afdeeling de meest ge- paste maatregelen nemen ter voorkoming van de nadeelen, welke Voor het richtige beheer der politie uit het verspreid wonen der in- gezetenen zouden kunnen ontstaan.

32. (1) Ten aanzien van de toelating en nederzetting der Chineezen, Arabieren en andere niet tot de eigenlijk gezegde In- landsche bevolking behoorende personen, zullen de bijzondere daaromtrent bestaande of later uit te vaardigen verordeningen worden in acht genomen.

(2) Hetzelfde geldt met opzicht tot het zich metterwoon ne- derzetten van Inlanders en vreemde Oosterlingen op particuliere landerijen.

33. (1) In de districten waar politie-beambten zijn aange- steld, welke onder het districtshoofd, doch boven de dorpshoofden staan, zullen de laatstgemelden de bevelen van de districtshoofden, en deze de berichten en verslagen, en wat verder volgens de be- palingen van dezen titel aan de districtshoofden moet worden op- gezonden, door tusschenkomst van die beambten ontvangen.

(2) De dorpshoofden blijven in allen gevalle verplicht tot per- soonlijke verschijning voor het districtshoofd ingevolge artikel 8.

(27)

hendak diam diantara mereka itoe dikenalnja sebagai orang baik dan tiada djahat.

(2) Peri hal orang jang diizinkan berkedoedoekan itoe, ha- roes ditoeliskan didalam daftar jang diseboet pada pasal 27.

30. (1) Kepala distrik haroes mendjaga djangan seorang- poen berkedoedoekan diloear djadjahan désa dengan tiada men- dapat izinnja lebih dahoeloe; maka izin itoe tiada akan diberinja sebeloem didengarnja kepala désa jang bersangkoetan.

(2) Djika roepanja baik atau perloe akan memberi pemerin- tahan berasing kepada dokoh (kampoeng) jang demikian terdja- di, maka kepala distrik, sesoedah mendengar kepala désa jang bersangkoetan, haroes menghadapkan hal itoe dengan soerat ke- pada boepati, dan boepati haroes menjampaikan soerat itoe ke- pada kepala afdeeling dengan memberi tahoekan timbangannja.

31. Djika ketentoean pada kedoea pasal jang dimoeka ini ti- ada dapat dilakoekan karena hal ihwal bertempat-tempat atau jang lain, maka haroeslah kepala afdeeling mendjalankan daja oepaja jang sepatoet-patoetnja akan menangkis segala kesoesah- an bagi pendjalankan polisi jang benar, jang boléh terdjadi oléh karena pendoedoek tinggal tjerai-berai.

32. (1) Tentang izin masoek kepada orang bangsa Tiong Hoa, 'Arab dan orang lain, jang boekan bangsa Boemipoe- tera sedjati, begitoepoen izin bertempat doedoek bagi mereka, haroes diperhatikan oendang-oendang istimewa tentang hal itoe jang telah ada atau jang akan diadakan.

(2) Atoeran jang terseboet diatas berlakoe djoega tentang hal bangsa Boemipoetera dan orang bangsa Timoer Asing datang tinggal ditanah partikoelir.

33. (1) Didalam distrik tempat diadakan pegawai polisi jang pangkatnja dibawah kepala distrik akan tetapi diatas kepala désa, maka kepala désa akan menerima perintah kepala distrik, dan pembesar ini akan menerima kabar, pemberi- taan dan lain-lain, jang haroes dikirimkan kepada kepala distrik menoeroet ketentoean dalam bab ini, dengan pertolongan pega- wai polisi itoe.

(2) Soenggoehpoen demikian, tetapi kepala désa masih tetap diwadjibkan akan datang sendiri menghadap kepala distrik me- noeroet pasal 8.

(28)

34. De dorpshoofden zijn in het algemeen verantwoordelijk voor de nadeelige gevolgen der feiten, welke zij ambtshalve had- den behooren te voorkomen of tegen te gaan, voor zoover zij daartoe bij machte zijn geweest.

35. Zij zullen in overleg treden met de oudsten van hunne dor- pen omtrent alle zaken, waarin de Inlandsche zeden en gebruiken zoodanige raadpleging vereischen.

DERDE TITEL

Van de districtshoofden en de aan dezen toegevoegde beambten

36. (1) De districtshoofden zijn, onder het toezicht en de be- velen van den regent, belast met de richtige uitoefening van de politie in hun gebied, en daarvoor verantwoordelijk.

(2) Zij zullen ook de bevelen, die hun door het hoofd der af- deeling, hetzij onmiddellijk, hetzij door tusschenkomst van den regent worden gegeven, stiptelijk nakomen en ten uitvoer brengen.

37. Zij zijn verplicht om, betreffende de geregelde handhaving van de politie, duidelijke en volledige voorschriften en bevelen te geven aan de hun ondergeschikte dorps- en andere politie-hoofden, alsmede om dezen nauwkeurig bekend te maken met, en gedurig te herinneren aan de verplichtingen die ingevolge dit Reglement op hen rusten.

38. Zij zullen zoo vaak doenlijk de verschillende deelen van hunne districten bezoeken, ten einde na te gaan of de hun onder- geschikte beambten, bepaaldelijk ook de dorpshoofden, in allen opzichte aan hun plicht voldoen. De daarin nalatige hoofden zul- len door hen vermaand, of indien het plichtsverzuim van een ern- stigen aard is, bij den regent verklaagd worden.

39. (1) De districtshoofden zorgen voor de behoorlijke plaatsing van wachthuizen, en voor de billijke verdeeling en stipte waarneming van de wachten langs de wegen; alles overeenkomstig de voorschriften, die hun door den regent, in overeenstemming met de bevelen van het hoofd der afdeeling gegeven worden.

(29)

34. Pada 'oemoemnja kepala desa menanggoeng segala kedja- dian jang tiada baik dari pada segala perboeatan jang haroes ditegahnja atau ditjegahnja karena djabatannja, jaïtoe sekadar mereka sanggoep akan itoe.

35. Mereka haroes moesjawarat dengan orang toea-toea da- lam désanja tentang segala perkara, kalau menoeroet 'adat isti- 'adat bangsa Boemipoetera haroes diperboeat demikian.

BAB JANG KETIGA

Tentang kepala distrik dan sekalian pegawai jang dibantoekan kepadanja

36. (1) Dengan pengawasan dan dibawah perintah boepati, maka kepala distrik diwadjibkan mendjalankan dengan betoel dan menanggoeng pekerdjaan polisi didalam djadjahannja.

(2) Mereka itoe haroes poela dengan betoel menoeroet dan melakoekan segala perintah jang diberikan kepadanja oléh ke- pala afdeeling, baik teroes, baik dengan pertolongan boepati.

37. Kepala distrik wadjib memberi atoeran dan perintah jang terang dan tjoekoep kepada kepala désa dan pegawai polisi jang lain, jang dibawah perintahnja, tentang pemeliharaan polisi jang teratoer; demikian poela kepala distrik wadjib menerangkan de- ngan teliti dan selaloe memberi ingat kepada mereka itoe segala kewadjibannja menoeroet Reglemen ini.

38. Seboléh-boléhnja haroeslah kepala distrik mengoendjoengi atjap kali segala bahagian distriknja oentoek menjelidiki, adakah sekalian pegawai jang dibawah perintahnja, teroetama kepala désa, sesoenggoeh-soenggoehnja mentjoekoepi kewadjibannja.

Kepala jang lalai dalam hal itoe hendaklah ditegoernja, atau djika kelalaian itoe amat sangat, hendaklah diadoekan kepada boepati.

39. (1) Kepala distrik haroes mengatoer dengan patoet tempat mendirikan gardoe dan mengatoer pembahagian djaga jang 'adil dan hal mengerdjakan djaga jang betoel didjalan-djalan; semoea hal itoe menoeroet peratoeran jang diberikan kepadanja oléh boepati setoedjoe dengan perintah kepala afdeeling.

(30)

(2) De bepalingen van artikel 12 zijn op de ten deze bedoelde wachten en de door hen gedane aanhoudingen toepasselijk.

40. (1) Zij zullen met den meesten ijver onderzoek doen naar alle misdrijven en overtredingen, die tot hunne kennis komen, de daders trachten op te sporen, en alle verzamelde inlichtingen schriftelijk aan den regent mededeelen.

(2) Een ieder, die als getuige is opgeroepen, is verplicht voor het districtshoofd te verschijnen, ten einde getuigenis der waar- heid af te leggen. Indien de getuige niet verschijnt, kan het dis- trictshoofd hem andermaal oproepen, en daarbij voegen een be- vel tot medebrenging of zoodanig bevel later uitvaardigen.

41. (1) Zoodra het districtshoofd kennis heeft bekomen van het plegen van eenig misdrijf hetwelk zichtbare sporen achterlaat, zal hij, of bij wettige verhindering, het hem in gezag onmiddellijk opvolgend hoofd, zich dadelijk begeven naar de plaats waar zoo- danig misdrijf is gepleegd, en van zijne bevinding relaas opmaken, hetwelk aan den regent zal worden opgezonden.

(2) Met opzicht tot het door hen te bewerkstelligen onder- zoek, zullen de districtshoofden zich gedragen overeenkomstig de voorschriften van den vorigen titel, voor zoover die op hen toe- passelijk kunnen zijn.

42. (1) Bericht ontvangende, dat er een lijk gevonden, of dat iemand een gewelddadigen dood gestorven is, waarvan de oorzaak onbekend is of verdacht voorkomt dan wel dat zware verwondingen zijn toegebracht, zal het districtshoofd, en bij wet- tige verhindering van dezen, het op hem volgend hoofd, zich ter- stond, vergezeld van twee dorpshoofden als getuigen, en zoo mo- gelijk van een geneeskundige, begeven naar de plaats waar het lijk of de gewonde zich bevindt, ten einde met de meeste nauwkeu- righeid onderzoek te doen.

(2) Hij zal van dit onderzoek opmaken en met de getuigen onderteekenen een relaas, waarin zullen worden opgegeven de staat van den gewonde of van het lijk, de wonden en andere be- leedigingen welke zij vertoonen en alle verdere omstandigheden die eenig licht over de oorzaak van den dood of de verwonding verspreiden kunnen. Dit relaas zal, zoo spoedig mogelijk, onder

(31)

(2) Ketentoean pada pasal 12, berlakoe djoega tentang orang djaga jang terseboet diatas ini dan tentang penangkapan jang dilakoekannja.

40. (1) Kepala distrik haroes dengan radjin benar menje- lidiki segala kedjahatan dan pelanggaran jang diketahoeinja, men- tjahari orang jang memboeat itoe serta memberi tahoekan dengan soerat segaia keterangan jang soedah dikoempoeikannja kepada boepati.

(2) Tiap-tiap orang jang dipanggil mendjadi saksi, wadjib menghadap kepada kepala distrik, oentoek memberi kesaksian tentang jang benar. Djika saksi itoe tidak datang, maka kepala distrik boleh memanggil dia sekali lagi, dan pada panggilan itoe boleh poela disertakannja perintah soepaja orang itoe dibawa, ätaupoen akan membawa saksi itoe diperintahkannja kemoedian.

41. (1) Demi kepala distrik mendapat kabar tentang kedja- dian sesoeatoe kedjahatan jang meninggalkan tanda bekas jang kelihatan, maka haroeslah ia, atau kalau ada alangan jang sah, kepala jang berpangkat teroes dibawahnja, dengan segera pergi ketempat kedjadian kedjahatan itoe, dan memboeat berita tentang pendapatannja jang akan dikirimkan kepada boepati.

(2) Tentang pemeriksaan jang akan diperboeatnja, maka ke- pala distrik hendaklah menoeroet peratoeran bab jang dahoeloe:

jang lakoe bagi mereka.

42. (1) Djika kepala distrik mendapat kabar ada majat ter- dapat, atau ada orang mati karena kekerasan dan sebabnja itoe tidak diketahoei atau roepanja tidak boleh dipertjaja, ataupoen ada orang loeka parah, maka haroeslah kepala distrik, atau dji- ka ada alangan jang sah, kepala lain jang pangkatnja teroes di- bawah pangkat kepala distrik, dengan segera pergi ketempat majat atau orang loeka itoe, bersama-sama dengan doea orang kepala désa sebagai saksi, dan kalau dapat bersama-sama dengan dokter, jaïtoe akan mendjalankan pemeriksaan dengan sak- samanja.

(2) Tentang pemeriksaan itoe haroes diperboeatnja soerat pendapatan jang ditanda tangani oléhnja dan oléh saksi-saksi; da- lam soerat pendapatan itoe diseboet keadaan orang loeka itoe atau majat itoe, loekanja dan keroesakan-lain jang tampak pada orang loeka atau majat itoe dan lagi segala hal ihwal lain, jang sekira-

(32)

overlegging van eene schriftelijke, door hem onderteekende op- gave van de door het betrokken dorpshoofd gegeven of van elders bekomen inlichtingen, en met de in beslag genomen stukken van overtuiging, zoo die er zijn, den regent worden toegezonden.

(3) Indien een geneeskundige bij het onderzoek tegenwoordig is geweest, zal deze een afzonderlijk verslag (visum repertum) opmaken en door zijne handteekening bekrachtigen. Dit verslag zal met het relaas van het districtshoofd aan den regent worden ingezonden.

(4) Ieder, die als geneeskundige daartoe wordt opgeroepen, is verplicht zijne diensten aan de politie en aan de justitie te lee- nen.

43. Indien bij het onderzoek reeds voldoende aanwijzing van schuld tegen iemand bestaat, zal het districtshoofd den verdachten persoon in verzekerde bewaring nemen, en hem gelijktijdig met de bij het vorige artikel vermelde stukken aan den regent opzenden.

44. Buiten het geval bij het vorige artikel voorzien, en in het algemeen van ontdekking op heeterdaad, en behoudens het be- paalde bij het volgende artikel, mogen de districtshoofden nie- mand op eigen gezag in hechtenis nemen, doch zullen zij onver- wijld, onder overlegging van de tot de zaak betrekkelijke relazen en andere stukken, een nauwkeurig verslag aan den regent doen toekomen en diens bevelen vragen en inwachten.

45. Wanneer eenig misdrijf is gepleegd, en er reden is om te vreezen, dat de als daders of medeplichtigen verdachte personen, op vrije voeten blijvende, ontvluchten zouden, zullen zij die per- sonen kunnen in bewaring nemen en voor den regent doen ge- leiden. De districtshoofden zullen in het gebruik maken van deze bevoegdheid met omzichtigheid moeten te werk gaan.

46. De districtshoofden, van het boven hen gesteld gezag een schriftelijk bevel ontvangende tot het doen van eene inhechtenis- neming, zullen daaraan zonder verwijl gevolg geven.

47. Tot het vatten van de in hechtenis te nemen personen kunnen zij zich bedienen van de tusschenkomst van de dorpshoof- den en, zoo noodig, den bijstand vorderen van de inwoners van

(33)

nja boléh menjatakan sebab loeka atau kematian itoe. Soerat pendapatan itoe haroes selekas-lekasnja dikirimkan kepada boepati bersama-sama dengan soerat pemberi tahoean, jang ditanda ta- nganinja, tentang keterangan jang diberikan oléh kepala désa jang bersangkoetan atau jang didapatinja dari orang lain dan lagi ber- sama-sama dengan tanda boekti jang dirampasnja, kalau ada.

(3) Djika hadir seorang dokter pada pemeriksaan itoe, maka haroeslah ia memboeat satoe soerat pendapatan (visum repertum) jang berasing, jang ditanda tanganinja. Soerat itoe haroes dikirim- kan kepada boepati bersama-sama dengan soerat pendapatan ke- pala distrik.

(4) Tiap-tiap orang jang dipanggil sebagai dokter, wadjib memberi pertolongan kepada polisi dan djoestisi.

43. Djika pada pemeriksaan itoe telah ada tjoekoep isjarat (pe- noendjoekan) tentang kesalahan seorang orang, maka haroeslah kepala distrik menangkap orang jang tersangka itoe dan mengirim orang itoe kepada boepati bersama-sama dengan soerat-soerat jang terseboet pada pasal dimoeka ini.

44. Ketjoeali dalam hal jang terseboet pada pasal diatas dan pada 'oemoemnja dalam hal kedapatan tengah dikerdjakan dan ketjoeali jang ditentoekan pada pasal jang berikoet, maka kepala distrik tidak boléh menangkap orang dengan koeasanja sendiri, akan tetapi haroeslah mereka mengirimkan dengan segera soe- atoe berita jang saksama, bersama-sama dengan soerat pendapatan tentang perkara itoe dan soerat lain kepada boepati serta memin- ta dan menoenggoe perintahnja.

45. Djika terdjadi soeatoe kedjahatan dan ada sebab akan takoet, bahwa orang jang tersangka sebagai si pemboeat atau sebagai sekoetoe akan lari djika mereka lepas sadja, maka bo- lehlah kepala distrik menahan dan menjoeroeh mengantar orang itoe kepada boepati. Dalam hal memakai koeasa ini, ha- roeslah kepala distrik bekerdja hati-hati.

46. Djika kepala distrik mendapat perintah dengan soerat dari koeasa jang diatasnja akan menangkap orang, maka haroeslah ia dengan segera melakoekan perintah itoe.

47. Oentoek menangkap orang jang akan ditangkap itoe ke- pala distrik boléh memakai pertolongan kepala désa, dan djika

(34)

het dorp, binnen welks omtrek of in welks nabijheid de aanhou- ding moet geschieden.

48. (1) De districtshoofden zullen bij elke gevangenneming, daarvan een relaas opmaken, en aanteekening houden van den naam en de woonplaats der personen, die in de zaak als getuigen kunnen dienen, en van den zakelijken inhoud hunner verklaringen.

(2) Dat relaas en die aanteekening zullen door hen met den gevangene aan den regent worden opgezonden, aan wien zij te- vens, wanneer de opzending daarvan niet reeds vroeger heeft plaats gehad, zullen doen toekomen de bij hen ingekomen en de door hen opgemaakte relazen benevens alle voorwerpen, die tot bewijs van het misdrijf kunnen dienen, zooals gestolen en geroof- de goederen, wapenen en dergelijke.

(3) Wanneer het belang der justitie zulks vordert, zullen de districtshoofden de voorloopig door hen ondervraagde getuigen, gelijktijdig met den gevangene, voor den regent kunnen doen ver- schijnen.

(4) De aldus opgezonden getuigen hebben recht op reis- en verblijfkosten, ingevolge het deswege bestaande of nader vast te stellen tarief.

49. Wanneer het district van waar een gevangene moet wor- den opgezonden, niet grenst aan het district waarin de woonplaats van den regent gelegen is, zal de gevangene ter verdere opzending aan den regent, worden overgegeven aan het hoofd van het naast- bij gelegen district, en zoo vervolgens, totdat hij de hoofdplaats van het regentschap bereik zal hebben.

50. Geen gevangene mag langer dan driemaal vier en twintig uren door het districtshoofd worden aangehouden alvorens te wor- den opgezonden, dan alleen in geval van ziekte of onmogelijk- heid van vervoer.

51. (1) Bij ontdekking op heeterdaad en daarop gevolgde aanhouding ter zake van een der in de artikelen 351 eerste en tweede lid, 353, eerste lid, 362, 372, 374 en 378 van het Wetboek van Strafrecht omschreven misdrijven dan wel ter zake van me- deplichtigheid daaraan of poging daartoe, wordt de verdachte in afwijking van hetgeen daaromtrent in artikel 50 bepaald is, ter-

(35)

perloe, minta pertolongan pendoedoek desa jang dalam djadjah- annja atau dekatnja akan didjalankan tangkapan itoe.

48. (1) Pada tiap-tiap penangkapan kepala distrik haroes memboeat soerat pendapatannja dan mentjatat nama dan tempat tinggal orang jang boleh mendjadi saksi dalam perkara itoe serta isi jang singkat Jari keterangan orang itoe.

(2) Soerat pendapatan dan tjatatan itoe bersama-sama orang tangkapannja hendaklah dikirimkan kepada boepati dan diika beloem dikirimkan lebih dahoeloe, maka haroeslah dikirimkan poela kepada pembesar itoe segala soerat pendapatan jang dite- rimanja dan jang diperboeatnja sendiri bersama-sama dengan segala benda jang boleh mendjadi keterangan dalam kedjahatan itoe, seperti barang-barang jang ditjoeri atau dirampas, sendjata dan sebagainja.

(3) Djika perloe bagi djoestisi, maka bolehlah kepala distrik menghadapkan kepada boepati sekalian saksi, jang telah diperik- sanja dahoeloe, bersama-sama dengan orang tangkapan itoe.

(4) Saksi jang dikirim itoe berhak mendapat belandja per- djalanan dan toempangan, menoeroet tarip jang telah ada atau jang akan ditetapkan tentang hal itoe.

49. Djikalau seorang tangkapan haroes dikirim dari soeatoe distrik jang tidak berbatas dengan distrik tempat kediaman boepati, maka orang tangkapan itoe diserahkan 'kepada kepala distrik jang terdekat, soepaja dikirim kepada boepati, dan demi- kian diperboeat seteroesnja, sehingga orang itoe sampai keibce kota kaboepatén.

50. Orang tangkapan itoe tidak boleh ditahan oléh kepala distrik lebih lama dari tiga kali doea poeloeh empat djam sebe- loem dikirimnja, ketjoeali dalam hal orang itoe sakit atau se- kali-kali tiada dapat dibawa.

51. (1) Dalam hal kedapatan tengah memboeat dan teroes ditahan karena salah soeatoe kedjahatan jang terseboet pada pasal 351 ajat kesatoe dan kedoea, 353 ajat kesatoe, 362, 372, 374 dan 378 Kitab Oendang-oendang Hoekoeman, atau ka- rena sekoetoe atau pertjobaan dalam perkara itoe, maka haroes- lah jang tersangka, dengan menjimpang dari pada ketentoean

Reglemen Boemipoetera. 3

(36)

stond nadat hij door het districtshoofd in verhoor genomen is, met de getuigen en al wat tot bewijs van het gepleeg- de feit kan dienen, rechtstreeks aan het hoofd der afdeeling ge- zonden, tenzij aan het districtshoofd blijkt, dat er geen voldoende grond is om hem van het plegen van het feit te verdenken, in welk geval de aangehoudene zonder verwijl in vrijheid gesteld wordt.

(2) Het districtshoofd geeft van hetgeen hij krachtens dit ar- tikel verricht, kennis aan den regent.

(3) Het eerste lid van dit artikel wordt buiten toepassing ge- laten als het feit gepleegd is op een der buiten Java of Madoera gelegen, daartoe behoorende eilanden.

(4) Het hoofd der afdeeling kan in buitengewone gevallen het districtshoofd gelasten het eerste lid van dit artikel buiten toepassing te laten, en.zal zulks doen, wanneer de voorzitter van.

den landraad hem tijdig kennis heeft gegeven, dat hij verhinderd is op de vastgestelde dagen zitting te nemen.

(5) Hetgeen bij dit artikel en de artikelen 333, 334 en 335 is bepaald omtrent het hoofd der afdeeling, is toepasselijk op den Europeeschen ambtenaar, die volgens artikel 83 bevoegd is hem ten aanzien van de daar bedoelde werkzaamheden en verrichtingen te vertegenwoordigen.

52. De districtshoofden zullen nimmer op eigen gezag een gevangene ontslaan, maar de redenen van ontslag, onder opzen- ding van den gevangene, aan den regent moeten voordragen.

53. (1) Zij zijn verplicht ééns in de veertien dagen, op een daartoe gestelden dag, voor den regent te verschijnen, ten einde diens bevelen te ontvangen, en hem verslag te doen van al het voorgevallene in de twee laatstverloopen weken, voor zoover dit betrekking heeft op het beheer van de politie, en daarvan niet reeds vroeger, overeenkomstig de bepalingen van dezen titel, aan den regent is kennis gegeven.

(2) Indien de afgelegenheid van enkele districten de geregelde persoonlijke verschijning van de hoofden daarvan te bezwarend mocht doen zijn, zal de regent, met voorkennis en bewilliging van het hoofd der afdeeling, aan zoodanige districtshoofden kun- nen vergunnen om het veertiendaagsch verslag schriftelijk in te zenden.

(37)

tentang hal itoe pada pasal 50, dengan segera sesoedah di- periksa oléh kepala distrik, dikirim teroes kepada kepala afdee- ling bersama-sama dengan saksi dan segala apa jang dapat mendjadi keterangan dalam perkara itoe, ketjoeali kalau njata ke- pada kepala distrik, bahwa tiada tjoekoep alasan akan menjang- ka orang itoe melakoekan perboeatan itoe; maka dalam hal jang demikian haroeslah orang jang tertahan itoe dengan segera di- lepaskan.

(2) Kepala distrik memberi tahoekan dengan segera kepada boepati segala pekerdjaannja menoeroet pasal ini.

(3) Ajat pertama dari pasal ini tiada lakoe, kalau perboeatan itoe terdjadi disalah satoe poelau diloear tanah Djawa atau Ma- doera jang masoek bilangannja.

(4) Dalam hal jang loear biasa kepala afdeeling boleh meme- rintahkan kepala distrik, soepaja ajat pertama pasal ini djangan dipakai, dan perintah itoe haroes diberikannja, djika voorzitter landraad memberi tahoekan kepadanja pada waktoe jang baik, bahwa ia pada hari jang telah ditentoekan tidak dapat doedoek bersidang, sebab acia alangan.

(5) Jang ditentoekan pada pasal ini dan pada pasal 333, 334 dan 335 tentang kepala afdeeling, lakoe djoega bagi amtenar Eropah, jang menoeroet pasal 83 berhak mendjadi gantinja dalam pekerdjaan dan perboeatan jang terseboet pada segala pasal itoe.

52. Kepala distrik sekali-kali tidak boleh melepaskan orang tangkapan dengan koeasanja sendiri, akan tetapi haroeslah ia mengirim orang itoe kepada boepati dengan menjatakan sebab oentoek melepaskan orang itoe.

53. (1) Sekali dalam empat belas hari, pada hari jang di- tentoekan, haroeslah mereka menghadap boepati oentoek meneri- ma segala perintahnja dan memberi tahoekan kepadanja segala kedjadian didalam doea minggoe jang baroe laloe tentang peme- liharaan polisi, djika hal ihwal itoe beloem diberi tahoekan ke- pada boepati menoeroet ketentoean dalam bab ini.

(2) Djika karena djaoeh letaknja beberapa distrik mendjadi amat berat bagi kepala distrik itoe akan selaloe menghadap sen- diri, maka dengan setahoe dan izin kepala afdeeling, bolehlah boepati mengizinkan kepada kepala distrik jang demikian akan mengirimkan pemberitaan tiap2 empat belas hari dengan soerat.

(38)

54. Zij zullen de opgaven, welke hun, ingevolge de artikelen 27 en 28, door de dorpshoofden aangaande den staat der be- volking v/orden gedaan, zorgvuldig verzamelen, daaruit voor elk afgeloopen jaar een algemeenen staat voor hun district opmaken, en dien binnen de eerste drie maanden van het ingetreden jaat aan den regent toezenden.

55. (1) Onverminderd de verantwoordelijkheid der districts- hoofden voor de richtige uitoefening van de politie in het geheele district worden de werkzaamheden en bevoegdheden betreffende de justitie bij dezen titel en den eersten en tweeden titel aan het districtshoofd opgedragen, in de gedeelten van het district waar onderdistrictshoofden zijn aangesteld, door dezen uitgeoefend, die ook alles wat aan het districtshoofd zou moeten worden opgezon- den, voor zoover tot die werkzaamheden en bevoegdheden be- trekkelijk, in ontvangst nemen en behandelen.

(2) De controleurs, de wedana's en de assistent-wedana's voor de politie, alsook de mantri's politie, kunnen mede de hoo- gergenoemde werkzaamheden verrichten en de voormelde be- voegdheden uitoefenen.

VIERDE TITEL

Van de Inlandsche officieren van justitie (hoofddjaksa's en djaksa's)

56. (1) In elk regentschap, en waar geene regentschappen bestaan, bij eiken landraad, zal een Inlandsch officier van justitie worden aangesteld.

(2) Deze ambtenaren voeren den titel van hoofddjaksa of dien van djaksa.

(3) De Gouverneur-Generaal bepaalt, op welke plaatsen hoofddjaksa's en waar djaksa's gevestigd zijn.

(4) Aan de hoofddjaksa's en djaksa's kunnen adjuncten wor- den toegevoegd, die alsdan bevoegd zijn om hen in alle hunne ambtsverrichtingen te vertegenwoordigen.

(5) In de residentie Jogjakarta kan aan de adjuncten door het hoofd van gewestelijk bestuur eene standplaats buiten de residentie van den landraad doch binnen diens ressort aangewe-

(39)

54. Keterangan, jang menoeroet pasal 27 dan 28 diberikan oléh kepala désa kepada mereka tentang keadaan orang isi negeri (tjatjah djiwa), haroes dikoempoelkan dengan tjermat oentoek pertélaan (berita) tahoenan bagi distriknja; maka pertélaan (daf- tar koempoelan) itoe haroes dikirimkan kepada boepati didalam tiga boelan jang pertama dari tahoen jang baroe.

55. (1) Dengan tidak mengoerangkan tanggoengan kepala distrik tentang hal mendjalankan polisi setjara mestinja diseloeroeh distriknja, maka segala pekerdjaan dan koeasa tentang djoes- tisi (hoekoem) jang diserahkan dalam bab ini, bab jang pertama dan jang kedoea kepada kepala distrik, dibahagian distrik tempat diadakan kepaja onderdistrik, dilakoekan oléh ke- pala onderdistrik; amtenar itoe menerima dan mengerdjakan djoe- ga segala jang haroes dikirimkan kepada kepala distrik, sekadar berhoeboeng dengan pekerdjaan dan kewadjiban jang terseboet tadi.

(2) Kontelir, wedana dan asistén-wedana polisi, demikian djoega menteri polisi, boleh poela melakoekan segala pekerdjaan dan koeasa jang terseboet diatas tadi.

BAB JANG KEEMPAT

Tentang opsir djoestisi Boemipoetera (hoofddjaksa dan djaksa)

56. (1) Dalam tiap-tiap kaboepatén, atau djika tidak ada ka- boepatén, pada tiap-tiap landraad, diadakan seorang opsir djoes- tisi Boemipoetera.

(2) Amtenar itoe memakai gelar hoofddjaksa atau gelar djaksa.

(3) Toean Besar Goebernoer Djenderal menentoekan ditem- pat mana doedoek hoofddjaksa dan dimana doedoek djaksa.

(4) Pada hoofddjaksa dan djaksa boleh dibantoekan bebera- pa adjoeng, jang berkoeasa djadi wakilnja didalam segala peker- djaannja.

(5) Dalam keresidenan Djokjakarta bolehlah Kepala peme- rintahan gewest menoendjoekkan kedoedoekan bagi adjoeng itoe diloear tempat kedoedoekan landraad, tetapi masih dalam dja-

(40)

zen worden ter hoofdplaats eener afdeeling, ten einde onder de bevelen van het hoofd der afdeeling de functiën van Inlandsch of- ficier van justitie uit te oefenen.

57. De hoofddjaksa's en djaksa's zijn, behoudens het hooger gezag van het hoofd der afdeeling, ondergeschikt aan de regenten, en verplicht de bevelen na te komen welke hun door laatstgenoemden, hetzij uit eigen hoofde, hetzij op last van het afdeelingshoofd gegeven worden.

58. De hoofddjaksa of djaksa zal, binnen de vier en twintig uren, nadat een beklaagde te zijner standplaats gevankelijk is overgebracht, hem verhooren en daarvan een schriftelijk verbaal opmaken; te dien einde zal de regent hem onmiddellijk van de aankomst van den gevangene verwittigen, en hem de tot diens zaak betrekkelijke stukken in handen geven.

59. (1) Bij dit verhoor zal aan den gevangene worden afge- vraagd, of hij getuigen tot zijne ontlasting wenscht te doen hooren, en zoo ja, welke die zijn.

(2) Van deze vraag en het daarop gegeven antwoord wordt door den hoofddjaksa of djaksa aanteekening gehouden in het proces-verbaal.

(3) De verklaringen der met den gevangene opgezonden ge- tuigen zullen mede onverwijld door hem worden ingenomen en in geschrifte gebracht.

(4) Indien de gevangene zich tot zijne verdediging beroept op zijn aanwezen elders ten tijde dat het misdrijf is gepleegd ge- worden, of beweert, dat hij de in zijn bezit gevonden verdachte voorwerpen op eene wettige wijze heeft verkregen, zal hij be- paaldelijk worden uitgenoodigd om de getuigen op te geven, die zijne opgaven zouden kunnen staven, en zal naar de gegrondheid dier opgaven het vereischte onderzoek gedaan worden.

60. Na het bij het vorige artikel bedoelde verhoor zullen de stukken van het voorloopig onderzoek door tusschenkomst van den regent worden ingediend aan het hoofd der afdeeling, en zal, bij diens eerstkomende in artikel 74 vermelde zitting, de gevan- gene voor hem gebracht worden.

(41)

djahan landraad itoe, ja'i'toe diiboe negeri soeatoe afdeeling, soe- paja meréka mendjalankan pekerdjaan opsir djoestisi Boemipoe- tera dibawah perintah kepala afdeeling itoe.

57. Dengan mengingat koeasa kepala afdeeling jang lebih tinggi, maka hoofddjaksa dan djaksa ada dibawah perintah boe- pati dan wadjib menoeroet perintah jang diberikan oléh boepati itoe, baik karena koeasanja sendiri, baik karena disoeroeh kepala afdeeling.

58. Didalam doea poeloeh empat djam sesoedah orang jang ditoedoeh dan ditangkap sampai ketempat kedoedoekannja, ma- ka teroeslah hoofddjaksa atau djaksa memeriksa dia serta mem- boeat soerat pemeriksaannja; soepaja dapat ditjoekoepi kewadjib- an itoe, maka haroeslah boepati dengan segera memberi tahoekan kepada hoofddjaksa atau djaksa hal datangnja orang jang ter- tangkap itoe serta menjerahkan kepadanja soerat tentang perkara orang itoe.

59. (1) Pada waktoe memeriksa itoe haroes ditanjakan ke- pada orang jang ditangkap itoe, adakah saksi jang dimintanja akan diperiksa soepaja melepaskan dirinja, dan djika ada, siapa saksi itoe.

(2) Pertanjaan itoe dan djawabnja haroes oléh hoofddjaksa atau djaksa ditoeliskan dalam proces-verbaal.

(3) Keterangan saksi jang dikirimkan bersama-sama dengan orang jang tertangkap itoe haroes djoega dengan segera diminta- nja serta ditoeliskannja.

(4) Djika orang jang tertangkap itoe menerangkan oentoek pertahanannja, bahwa ketika kedjahatan itoe terdjadi ia ada di- tempat lain atau djika ia mengatakan, bahwa barang jang tiada dipertjaja jang kedapatan padanja diperoléhnja dengan djalan jang sah, maka haroeslah diminta dengan soenggoeh kepadanja akan menoendjoekkan saksi jang sekiranja dapat menegoehkan keterangan itoe, serta haroeslah diperboeat pemeriksaan jang per- loe tentang benarnja keterangannja itoe.

60. Sesoedah habis pemeriksaan jang terseboet pada pasal dimoeka ini, maka soerat pemeriksaan dahoeloe diatoerkan de- ngan pertolongan boepati kepada kepala afdeeling, dan orang jang tertangkap itoe haroeslah dihadapkan kepadanja pada per- sidangan jang pertama, jang terseboet pada pasal 74.

(42)

61. (1) Onverminderd de verplichtingen te dien aanzien rus- tende op de overige politie-beambten, zijn de hoofddjaksa's en djaksa's mede bevoegd en verplicht tot de nasporing van alle misdrijven en overtredingen, voor zoover die gepleegd zijn in de plaatsen, waar die officieren gevestigd zijn.

(2) Zij zijn bovendien verplicht om zich, tot het bewerkstel- ligen van een gerechtelijk onderzoek, buiten de plaats, waar zij gevestigd zijn, te begeven, indien hun daartoe door den regent de last wordt opgedragen.

VIJFDE TITEL

Van de regenten en patihs

62. (1) De regenten zijn, onder de bevelen van het hoofd der afdeeling, belast met de zorg voor de handhaving van de politie in hunne regentschappen, en met het toezicht over de districtshoofden en verdere ondergeschikte beambten.

(2) Zij zullen dienvolgens nauwkeurig nagaan of de politie in hun regentschap behoorlijk werkt, en of de hun ondergeschikte beambten zich in allen deele van hun plicht kwijten.

63. (1) Zij ontvangen alle aan hen ingediende verzoekschrif- ten en klachten.

(2) Alle bezwaren der ingezetenen over onrechtmatige of eigendunkelijke handelingen der politie-hoofden, worden bij hen ingebracht en door hen onderzocht; inzonderheid zullen zij zorg- vuldig hebben toe te zien, dat in geen geval eenige bekentenis door dwangmiddelen worde afgeperst.

(3) Naar gelang van zaken nemen zij dadelijk de vereischte voorzieningen, of doen zij de noodige voorstellen aan het hoofd der afdeeling, aan wien zij van alles behoorlijk verslag geven.

64. (1) Zij ontvangen alle rapporten en relazen van de dis- trictshoofden, en zenden die, behoudens het bepaalde bij het vol- gende artikel, zonder vertraging aan het hoofd der afdeeling.

(43)

61. (1) Dengan tiada mengoerangkan kewadjiban pegawai polisi lain dalam hal itoe, maka hoofddjaksa dan djaksa berkoe- asa serta wadjib djoega akan menjelidiki segala kedjahatan dan pelanggaran jang terdjadi ditempat kedoedoekannja itoe.

(2) Tambahan lagi mereka itoe wadjib djoega akan pergi ke- loear tempat kedoedoekannja oentoek melakoekan pemeriksaan hakim, djika oentoek hal itoe mereka mendapat perintah dari boepati.

BAB JANG KELIMA Tentang boepati dan patih

62. (1) Dibawah perintah kepala afdeeling, maka boepati diwadjibkan akan memelihara polisi didalam kaboepaténnja dan mengawasi pekerdjaan kepala distrik dan pegawai lain jang diba- wah perintahnja.

(2) Oléh karena itoe haroeslah boepati memeriksa dengan saksama, adakah polisi berlakoe benar didalam kaboepaténnja, dan adakah pegawai jang dibawah perintahnja mentjoekoepi be- nar segala kewadjibännja.

63. (1) Boepati itoe menerima segala soerat permohonan dan pengadoean jang dikirimkan kepadanja.

(2) Keberatan pendoedoek atas kelakoean kepala polisi, jang tidak 'adil atau jang djemawa, haroes dikirimkan kepada boe- pati dan diperiksanja; istimewa hendaklah didjaganja baik-baik, soepaja djangan terdapat sesoeatoe pengakoean dengan paksa.

(3) Menoeroet keadaan perkara haroeslah mereka dengan segera mengadakan oeroesan jang perloe, atau memberi pertim- bangan jang bergoena kepada kepala afdeeling; haroes poela me- reka memberitakan segala hal dengan patoet kepada kepala af- deeling.

64. (1) Boepati itoe menerima segala pemberitaan dan soe- rat pendapatan dari kepala distrik dan mengirimkan soerat itoe dengan segera kepada kepala afdeeling, ketjoeali didalam ha!

jang akan dibitjarakan pada pasal jang berikoet ini.

(44)

(2) In het geval, voorzien bij artikel 44, doen zij onverwijld aan de districtshoofden de noodige bevelen toekomen, doch in belangrijke zaken vragen zij vooraf de instructiën van het hoofd der afdeeling.

65. (1) Bij aankomst van een gevangene ter hoofdplaats van het regentschap, geeft de regent daarvan kennis aan den hoofd- djaksa of djaksa, met gelijktijdige toezending van de stukken, welke tot de zaak betrekking hebben, opdat daarvan worde ge- bruik gemaakt bij het verhoor, in artikel 58 vermeld.

(2) De regenten zijn verplicht de na afloop van het in het vorige lid bedoeld verhoor door den hoofddjaksa of djaksa over- eenkomstig het bepaalde in artikel 60 ingediende stukken van het voorloopig onderzoek, vergezeld van hun schriftelijk bericht en advies, dadelijk aan het hoofd der afdeeling op te zenden.

(3) De niet ter hoofdplaats eener afdeeling gevestigde regen- ten zijn mede verplicht om de vóór hen gebracht wordende gevan- genen zoo spoedig mogelijk op te zenden aan het hoofd der af- deeling.

66. De staten, welke de regenten ingevolge artikel 54 van de districtshoofden ontvangen, worden door hen, zooveel noodig van hunne bedenkingen voorzien, aan het hoofd der afdeeling inge- zonden.

67. De regenten worden in alle hunne dienstverrichtingen, over het geheele regentschap, vertegenwoordigd door hunne pa- tihs, welke verplicht zijn, namens de regenten, alle zoodanige werkzaamheden op zich te nemen, als hun door laatstgenoemden worden opgedragen.

ZESDE TITEL

Van de residenten, alsmede van de assistent-residenten buiten het gebied der provincies

68. (1) De resident staat aan het hoofd van de politie in zijne residentie, en is bevoegd om tot handhaving daarvan den bijstand der gewapende macht te vorderen.

(2) De residenten zijn elkander te dien aanzien wederkeerig hulp en bijstand schuldig.

Referenties

GERELATEERDE DOCUMENTEN

sudah sampai pada kamx, dxsertax perLxm- bangan2 jang konkrit dari Inspeksi.. Membantu dan mengawasi

dan pada djalan jang akan ditoeroet djoega, djikalau tijada meninggal orang itoe, dan boleh diwadjibken atasnja denda oewang dengan rampasan itoe. Pada hal atjara itoe telah

(-) Deugen tiada pentjeharijan — tiada ada jang di makan = zonder midde- len van bestaan.. Djikaloe dia di tangkep di loewar tempat roemahnja, maka dia di hoekoem kerdja paksa

ft en cur en on en OMI on ast ensiencurast en asn 2 Ti amastenc&i on. «sn enctJienaJi asn on ash art am oen cun \ oen on asn en oen

Ini soerat pepriksa-an mait sebrapa bole misti lekas di kirim kapada kandjeng boepati bersama-sama satoe soerat jang di tanda tangan oleh kepala district, dalem soerat mana

Atas hal setoedjoenja saorang dengan sa'orang oepamanja di dalem perkara ada 2 orang saksi, maka keterangan doea saksi itoe berlainnan sekali hingga tiada tjotjok satoe sama lain,

ad a jang menghormati agam:a daripada orang tua mereka ( misalnja : agama Kristen, Agama Jahudi'{ AgamaShin to,dll) tetapi kebanjakkan mau beladjar tentang agama

Sebaiknja tractor2 dikirim sadja dengan truck atau D.K.A., adapun pengembaliannja truck dapat diaiibil dengan memba^wa pengemu- di jang mempunjai rijbewijs B,dan BPUo