Diabetes Mellitus. Definities. Definities. Polyurie: veel moeten urineren Polydipsie: veel moeten drinken Ischemie: zuurstoftekort

Hele tekst

(1)

Diabetes Mellitus

Definities

• Glycemie: bloedglucosewaarde (wordt gemeten via klassieke bloedafname of vingerprik)

• Glucosurie: glucose in de urine (glucosurie is altijd pathologisch)

• Proteïnurie: eiwit in de urine (kan soms ook onschuldig zijn: bij adolescenten in de groeispurt)

Definities

• Polyurie: veel moeten urineren

• Polydipsie: veel moeten drinken

• Ischemie: zuurstoftekort

(2)

• Herhaling anatomie cf. cursus 1ste jaar

• Eilandjes van Langerhans

– α-cellen: glucagon – β-cellen: insuline

Insuline

• Peptide

Proinsuline

Insuline + C-Peptide

• Wordt gesecreteerd als glycemie stijgt

Proinsuline

(3)

Glucosetransport naar intracellulair

Via Carriers

• Glut1 Rode bloedcel – endotheel

• Glut2 Lever

• Glut3 Neuronen

• Glut4 Spier - vet

Insulinereceptor

• Verschillende types

• Transmembraan receptor

• Geeft signaal om vesikels met de glut 4 receptor naar het celmembraan te brengen

• Glucose komt de cel binnen

Effecten van Insuline

• Toename snelheid van glucosetransport naar de cel

• Toename snelheid van glucoseverbruik

• Toename omzetting van glucose in glycogeen

• Toename vetsynthese

• Toename aminozuuropname en eiwitsynthese

(4)

Glucagon

• Peptide

• 59 aminozuren

• Wordt gesecreteerd als glycemie daalt

Effecten van glucagon

• Verhoogde afgifte van glucose

• Gluconeogenese

• Toename afbraak van glycogeen tot glucose

• Verhoogde afbraak van vetten

• Proteolyse

C-peptide

• Is afsplitsingsproduct van het proces proinsuline → insuline

• Kan gemeten worden in het bloed

• Aanwezigheid van C-peptide bewijst insulinesecretie

• Zou een beschermende werking hebben t.h.v. het zenuwweefsel en de

microcirculatie

(5)

Diabetes

• Ziekte die gekenmerkt wordt door herhaaldelijk verhoogde

bloedglucosewaarden

• Relatief of absoluut gebrek aan insuline

• België: 500.000 patiënten (de helft niet gediagnosticeerd)

• Wereldwijd 195 miljoen, waarvan 95% in de geïndustrialiseerde landen

• Type I: meestal op jonge leeftijd

• Type II: ouder dan 40 jaar

NB: leeftijdsgrens voor type II is aan het dalen

Pathogenese type I

• Erfelijkheid

• Auto-immuun; antistoffen tegen – Insuline

– Membraaneiwitten van β-cel

• Verband met virale kinderziekten (mazelen, bof, coxsackie B)

• β-cellen worden vernietigd → geen insuline productie meer

(6)

Pathogenese type II

• Eveneens erfelijk

• Glucoseresistentie: verminderd vermogen van de β-cel om insuline af te geven in respons op glucose

• Insulineresistentie: verminderde gevoeligheid voor insuline in de doelorganen

• Centrale rol van obesitas

Andere vormen

• Pancreasoperaties

• Pancreatitisletsels (alcoholisme)

Klinische verschijnselen

• Polyurie

– Vanaf 200 mg/dl: glucosurie

– Trekt water aan in de niertubulus (osmose) – Osmotische diurese

• Dorst en polydipsie

• Vermagering door suikerverlies

(7)

• Visusstoornissen (verschil in osmolariteit tussen oogbolvocht en de rest van het lichaam → refractiestoornis)

• Verhoogde infectieneiging – Door verminderde immuniteit – Kwetsbaarder door glucosurie

(blaasontsteking, vaginitis)

Levensbedreigende complicaties Type I

Spieren schakelen over op vetverbranding

Ontstaan van ketonen als afvalstof

Verzuren het bloed

↓ Keto-acidose

Levensbedreigende complicaties Type II

Hyperglycemie

Polyurie met onvoldoende substitutie

Hyperosmolariteit in bloed

Verminderd bewustzijn

Hyperosmolair coma

(8)

• Hyperosmolair coma: vooral bij ouderen en bij verminderd bewustzijn

• Soms uitlokkende factor: infectie, uitzonderlijk warm weer

Late complicaties

Algemeen

• Micro-angiopathie – Retinopathie – nefropathie

• Macro-angiopathie – Coronaire ziekten

– Cerebrovasculaire accidenten

– Ischemie van de ledematen / claudicatio

• Neuropathie

Retinopathie

• Na 10-15 jaar

• Anoxie van de retina →

bloedvatnieuwvorming (proliferatieve retinopathie) → BLINDHEID

• Behandeling

– Strikte glycemiecontrole – Laser

– Frequente oftalmologische controle

(9)

Nefropathie

• Herhaling anatomie en fysiologie cf. eerste jaar

Verhoogde bloeddruk in de glomerulus

↓ Beschadiging

Nierinsufficiëntie

Nefropathie

• Eerste teken: proteïnurie

• Behandeling:

– ACE inhibitoren

– Angiotensine receptor blockers

Neuropathie

Oorzaak: multifactorieel, maar o.a. micro- angiopathie van de zenuwbevloeiing

• Sensorisch – Gevoelsverlies

– Nachtelijke pijnscheuten – Tintelingen

– Gevoel op watten te lopen

• Motorisch

– Weinig voorkomend

(10)

Neuropathie

• Autonoom – Diarree

– Vertraagde maaglediging – Urineretentie

Diagnose van diabetes

• Nuchtere glycemie van ≥ 126 mg/dl

• Glycemie van ≥ 200 mg/dl tout court

• OGTT: zelden

• Dagcurve: niet voor diagnose, enkel om de insulinenood in te schatten (→

behandeling evalueren)

Behandeling

• Streven naar normoglycemie

• Nadeel: hypo’s: indien patiënt vergeet te eten, aktiever geweest is dan

gewoonlijk,… → glycemie zakt onder de 60 mg/dl

• Hersenen kunnen niet zonder suiker!!

(11)

Behandeling

+++

+ -

300 - 400

+++

+++

-

>400

++

- +

200 - 300

+ ++

+++

100 - 200

Nevenwerkingen lange termijn Nevenwerkingen korte

termijn Inspanning die patiënt

moet doen Glycemie

streefwaarde

Hypo

Indien een behandelde diabetespatiënt plots – Zweet

– Bleek wordt

– Neurologische tekens vertoont: beven, hoofdpijn, duizeligheid, verwardheid, bewustzijnsverlies

→ glycemie meten en glucose geven

Glycemiemeting

(12)

Glycemiemeting

Glycemiemeting

• Nadeel: hoge kostprijs – Metertje: ongeveer 100 euro – Strips: 70 cent / meting

– 4 metingen per dag = 1000 euro / jaar

Behandeling

• Educatie voor type II

• Dieet kan dit al vol-

• Lichaamsbeweging doende zijn!

• Medicatie

(13)

Educatie

• Is multidisciplinair

• Staat onder leiding van huisarts en/of endocrinoloog

• Ook taak van dietist(e)

Dieet

• Cf. Cursus Mevr. Van Den Broecke

Sport en beweging

• Wordt later in extenso behandeld

• Meer lichaamsbeweging leidt tot verlaging van de bloeddruk, vermindert obesitas en

hypercholesterolemie, en verbruikt al een deel van de overtollige suiker

• Volgens recente studies worden, na een sport- en bewegingskuur, meer glut4 carriers in de spieren aangemaakt → gunstige invloed op glucose opname in spiercel, ook in rust

(14)

Medicatie – per os

Cf. ook cursus farmacologie

• Biguaniden (Metformine)

– Bevordert de perifere insulinewerking – Geen hypo’s

– Geen invloed op gewicht

– Eerste keuze preparaat – meest gebruikt

• Sulfamiden

– Stimuleren de residuele insulinesecretie – Risico op hypo’s

– Gewichtstoename

Medicatie – per os

• Gliniden

– Zelfde werking als sulfamiden, maar sneller

• Glitazonen

– Worden zelden gebruikt omwille van de vele nevenwerkingen

• Acarbose – idem

Insulines

• Biosynthetisch

• Verschillende types => andere werkingsduur omwille van resorptietijd

• Langere werkingsduur wordt ook

verkregen door toevoegen van zink of te fixeren op protamine

• Cf cursus farmacologie

(15)

Insulines

• Ultrasnelwerkende insulines (vb.

Novorapid)

• Snelwerkende insulines (vb. Actrapid)

• Intermediaire werkingsduur (vb.

Insulatard)

• Langwerkende insulines (vb. Lantus)

• Combinaties (vb. Mixtard 30 = 30%

actrapid, 70% insulatard)

Insulines

Voorbeelden van schema’s

• Schema 4 injecties: 3 keer per dag Actrapid voor de maaltijd, 1 maal per dag insulatard voor het slapengaan

• Schema 2 injecties: Mixtard 30 voor ontbijt en voor avondeten

• Hoeveelheid van de doses wordt bepaald aan de hand van de glycemiemeting

“De Conventie”

• Terugbetaling van zelfcontrole

• Patiënten meten zelf de glycemie

• Drie categorieën

– I minstens drie inspuitingen per dag, 4 metingen per dag terugbetaald

– II minstens drie inspuitingen per dag, 2 metingen per dag terugbetaald

– III minstens twee inspuitingen per dag, 1 meting per dag terugbetaald

(16)

Diabetespas

• Door Vlaamse Diabetes Vereniging VZW

• Handig boekje

• Tips

• Planning

• Elke diabetespatiënt kan een diabetespas aanvragen

Insulinepomp

Somogyi effect

• Bij wie ‘s nachts in zijn slaap hypo’s doet

• Reflectoir zal er een verhoogde glucagon, cortisol en adrenalinesecretie doorheen de rest van de nacht zijn

• Patiënt wordt wakker met hoofpijn, moeheid en bij meting is er een hyperglycemie

(17)

Evaluatie van de behandeling

HbA1C: ontstaat door versuikering van Hemoglobine A, en kan gemeten worden in het bloed. Het is een maat om te weten of een diabeticus zijn behandeling goed volgt. Bij niet-diabeten is het HbA1C- gehalte tussen de 4 en de 6%. Bij diabetici zonder behandeling is het HbA1C

beduidend hoger, tot meer dan 10%. We kunnen zeggen dat een diabeticus zich goed verzorgd als hij minder dan 8% haalt.

Zwangerschapsdiabetes

• Vergelijkbaar met type II

• Meestal bij dames die voor de zwangerschap al aan obesitas leden

• Verdwijnt meestal na de bevalling, maar er is een sterk verhoogde kans om later type II diabetes te krijgen

Afbeelding

Updating...

Referenties

Updating...

Gerelateerde onderwerpen :