4 UITWERKING ALGEMENE AFSPRAKEN

5.4 Uitvoering van de ingroeistappen

Op een vastgestelde termijn voor de datum waarop tot aanscherping van de streefnorm, en dus tot opheffing van parkeerplaatsen, wordt overgegaan stellen de betrokkenen de bedrijven hiervan in kennis. In de kennisgeving kan bijvoorbeeld worden aangegeven:

I I I

7 *\~ ïf $•'•?';

I I I I I

I I I I I I I I I I I I I I I

-29-het aantal nu beschikbare parkeerplaatsen per bedrijf;

het gebruik van vervoermiddelen naar de locatie op dit moment en de verwachting van dat gebruik ni uitvoering van de ingroeistap;

de mate waarin de ontwikkeling van de bereikbaarheid conform het vervoerwijze-scenario verloopt;

de realisatie van bereikbaarheidsmaatregelen die aan de mijlpaal zijn verbonden;

de vermindering van het aantal parkeerplaatsen per bedrijf;

de vaststelling dat voldaan is aan de in de afspraak opgenomen voorwaarden voor opheffing van de parkeerplaatsen en dus het voornemen tot opheffing op de vastgestelde datum over te gaan.

I I I I I I I I I I I I I I I I I I

Algemene karakteristiek

Geschikt voor gebieden met meerdere functies. Te denken valt aan stadscentra die naast de kantoorfunctie een belangrijke woon- en winkelfunctie hebben. Voorwaarde is dat er in die gebieden op termijn een toenemende vraag is naar parkeervoorzieningen voor de niet-werkfuncties. Die toenemende vraag kan ontstaan door groei van die alternatieve functies, maar ook doordat bijvoorbeeld in de binnenstad straatparkeerplaatsen worden opgeheven. Het surplus aan werkers-parkeerplaatsen dat te zijner tijd ontstaat door bijvoorbeeld openbaar vervoer verbeteringen wordt dan toegedeeld aan die andere functies.

6.1 Verwachte ontwikkeling BVO per fase

De exploitant van de gebouwde parkeervoorziening zal zekerheden willen hebben dat bij het verdwijnen van het werkersparkeren er andere functies in de omgeving zijn die voldoende parkeervraag genereren.

In het multifunctionele model kan de verdere ontwikkeling van de werklocatie en de daaruit voortkomende parkeerbehoefte verdisconteerd worden in het aantal parkeerplaatsen dat naar een andere gebruikersgroep gaat. De verwachte ontwikkeling wordt daarom bij voorkeur in het contract opgenomen.

6.2 Aard van de parkeervoorzieningen

Waar tijdelijk 'teveel' parkeerplaatsen worden gerealiseerd zal het type parkeervoorziening en de situering ervan een belangrijk onderdeel van de afspraak kunnen zijn. Een ten opzichte van de kantoren èn de toekomstige bestemming goed gelegen parkeerterrein/parkeergarage biedt goede mogelijkheden. Vooral bij gebouwde parkeervoorzieningen zal er in het ontwerp rekening gehouden moeten worden met de alternatieve inzetbaarheid:

de voorziening moet aantrekkelijk gesitueerde uitgangen hebben (kunnen krijgen) naar die andere bestemmingen;

I I I I I I I I I I I I I I I I I I I I

-31-in de maatvoer-31-ing en lay-out moet reken-31-ing worden gehouden met wensen van toekomstige parkeerders (winkel parkeerplaatsen worden doorgaans ruimer bemeten dan werkersparkeer-plaatsen, en aan de uitgangspartij moeten soms extra eisen gesteld worden indien een garage later een belangrijke functie voor winkelparkeren krijgt.

6.3 Beheer en exploitatie

In het contract kan een passage opgenomen worden over beheer en exploitatie van de parkeerplaat-sen, die te zijner tijd van functie veranderen.

Sterk afhankelijk van de ligging ten opzichte van het winkelapparaat kan een professionele

parkeergarage-exploitant4 een rol vervullen. Ligt de voorziening aantrekkelijk ten opzichte van het kern winkelgebied van een stad dan is deze vorm heel geschikt. De exploitant verhuurt bijvoor-beeld eerst een belangrijk deel van de parkeerplaatsen aan de bedrijven op de (A-)locatie,

geleidelijk bouwt de exploitant een klantenbinding op onder de centrumbezoekers -die het aanbod aan openbare plaatsen elders zien verminderen- en verhuurt in dezelfde mate minder plaatsen aan de bedrijven. Vanaf het begin zal het in principe mogelijk zijn de parkeervoorziening op koop-avonden en zaterdagen in te zetten voor winkelbezoekers.

Bij een minder goede ligging of bij de noodzaak eerst geruime tijd alle parkeerplaatsen aan bedrijven te verhuren zal het vinden van een exploitant moeilijker zijn. Tarieven die bedrijven in Nederland willen betalen voor parkeerplaatsen voor hun werknemers liggen daarvoor meestal nog te laag. Die tarieven dekken doorgaans alleen de kapitaalslasten. De exploitant zal in veel gevallen de onrendabele top niet willen overnemen.

Bij toekomstige uitwisseling met andere functies (wonen/P+R) zal een parkeergarage over het algemeen niet rendabel te exploiteren zijn. Dat ligt anders als in de bouwkosten van de woningen de voorziening deels is opgenomen of indien er belangrijke bijdragen van de rijksoverheid verwacht mogen worden (bijdrageregeling p+r/transferium). Beheer en exploitatie van parkeer-voorzieningen met dubbelgebruik wonen/werken zijn soms bij gemeenten ondergebracht. In

Rotterdam-Brainpark heeft een ontwikkelaar voorgesteld een parkeergarage te exploiteren die naast

4 In sommige gemeenten vervult het parkeerbedrijf of de parkeerdienst deze functie.

I I I I I I I I I I I I I I I I I I

herbergen (transferium).

6.4 Verdeling van de parkeervoorzieningen

Bij de verdeling van parkeervoorzieningen bij dubbelgebruik werken en wonen dient er rekening mee worden gehouden dat circa 50% van de bewonersparkeerplaatsen door bewoners bezet blijft tijdens kantooruren. Nadere regulering is niet nodig. Bij ander vormen van dubbelgebruik (wer-ken/winkelen werken/p+r) zal het aantal parkeerplaatsen voor beide functies bij voorkeur wèl veilig gesteld worden.

6.5 Uitvoering van de ingroeistappen

Op een vastgestelde termijn voor de datum waarop tot aanscherping van de streefnorm, en dus tot functieverandering van parkeerplaatsen, wordt overgegaan kunnen de betrokkenen de bedrijven hiervan in kennis stellen. In de kennisgeving wordt bijvoorbeeld aangegeven:

het aantal beschikbare parkeerplaatsen per bedrijf;

het feitelijk gebruik van vervoermiddelen naar de werklocatie;

de eventuele realisatie van maatregelen ter verbetering van de bereikbaarheid die aan de mijlpaal zijn verbonden;

de vermindering van het aantal parkeerplaatsen per bedrijf;

de extra behoefte aan parkeerplaatsen voor andere functies;

de vaststelling dat voldaan is aan de in het contract opgenomen voorwaarden voor functiever-andering van de parkeerplaatsen en dus het voornemen tot onttrekking op de vastgestelde datum over te gaan.

I I I I I I I I I I I I I I I I I I I I

In document Z30-e33. bureau goudappel cofteng bv I I I I I. Ingroeimodellen parkeerbeleid op A- en B-locaties. i I I I I I I I I (pagina 40-46)