5 SSlloottbbeesscch hoou uw wiin ngg

In document Polarisatie, conflict en vrede (pagina 37-45)

Polarisatie, conflict en vrede: Geweldloos omgaan met tegenstellingen en spanningen

ervaren samen met ingrijpende maatschappelijke crisissen en transformaties.118 Zoals Van Drunen en collega’s opmerken, gaan crisissen zoals de economische recessie van 2008 en de vluchtelingencrisis van 2015 meestal gepaard met vertogen die scherpe

wij-zij-tegenstellingen centraal plaatsen.119 De coronacrisis lijkt die dynamiek opnieuw geïntensifieerd te hebben.

In onze hypermoderne samenlevingen lijken veel zaken vluchtig of vloeibaar te zijn geworden.120 In een zoektocht naar houvast grijpen sommigen naar oude ‘solides’, terwijl anderen de vloeibaarheid verwelkomen of hun soelaas zoeken in nieuwe solides. Dit alles lijkt samen te gaan met een verharding van de standpunten over een hele reeks thema’s die vandaag tot controverse leiden zoals identiteit, migratie en dekolonisering. In lijn met de verharding van de standpunten nemen ook de tegenstellingen en spanningen, de polarisatie en de conflicten toe. Hoe gaan we daar best mee om? Hoe zoeken we naar verbinding, terwijl we de ruimte voor meerstemmigheid en meningsverschil zo open mogelijk houden, en schadelijke polarisatie en conflicten voorkomen of ontmijnen? De inzet van deze vragen is groot: hoe willen we op een democratische en geweldloze manier samenleven?

Slotbeschouwing

Eindnoten

1 Om na te gaan hoe polarisatie in de Vlaamse pers gekaderd wordt, verzamelden we bij wijze van proef van 1 tot 31 maart 2021 via gopress.be alle artikels en berichten waarin de termen ‘polarisatie’, ‘polarisering’ of ‘polariseren’ voorkwamen. Dat leverde 116 vermeldingen op, waarbij één artikel soms meerdere vermeldingen opleverde, bijvoorbeeld wanneer zowel een journalist als een geïnterviewde persoon het begrip gebruikte. Ten eerste gingen we na hoe het begrip conceptueel geduid wordt: zonder of met adjectief (bijvoorbeeld een adjectief als ‘politieke’ polarisatie); zonder of met verdere toelichting (bijvoorbeeld ‘polarisatie is…’); en of er een onderscheid gemaakt wordt tussen verschillende vormen van polarisatie (bijvoorbeeld tussen ‘ideologische’ en ‘sociale’ polarisatie). Van de 116 keer dat de term polarisatie (of polarisering of polariseren) gebruikt werd, gebeurde dat in zeven gevallen met een adjectief (bijvoorbeeld ‘politieke’ of ‘maatschappelijke’

polarisatie), terwijl in één geval een nadere toelichting gegeven werd (“Polarisatie zorgt ervoor dat we de andere groep snel als categorie definiëren en op een negatieve manier wegzetten”). Dat betekent dat in meer dan 90% van de geanalyseerde gevallen het begrip polarisatie gebruikt werd zonder adjectief of verdere toelichting. Ten tweede gingen we na hoe polarisatie gekaderd wordt: als een negatief, positief of ambivalent fenomeen. In twee gevallen werd polarisatie beschreven als een mogelijk positief fenomeen, terwijl in twintig gevallen het begrip vermeld werd zonder dat er een expliciet normatief of waarde-geladen oordeel aan verbonden werd. In ongeveer 80% van de vermeldingen werd polarisatie als een negatief maatschappelijk fenomeen gekaderd. Met dank aan Simon Thijs.

2 Sommige onderzoekers geven daarom aan dat de manier waarop we over polarisatie praten ertoe doet. Volgens filosoof Uwe Peters zou het bijvoorbeeld kunnen dat ook beschrijvende claims over toenemende polarisatie leiden tot meer polarisatie. In het licht van zo’n claims zouden mensen hun denken en gedrag namelijk zo kunnen gaan vormgeven dat de maatschappelijke verdeeldheid alleen maar toeneemt. Hij plaatst ook de kanttekening dat sommige studies suggereren dat mensen soms meer polarisatie percipiëren dan er effectief is. Zie U. Peters (2021), How (Many) Descriptive Claims About Political Polarization Exacerbate Polarization, Journal of Social and Political Psychology, 9(1), p. 25, 30 en 32.

3 Zie N. Charkaoui (2020), De ene polarisering is de andere niet, MO Magazine, 30 december 2020.

4 Zie over dit onderscheid B. Brandsma (2016), Polarisatie. Inzicht in de dynamiek van wij-zij denken, BB in Media, p. 45 e.v..

5 Zie R. Fletcher, A. Cornia & R.K. Nielsen (2020), How Polarized Are Online and Offline News Audiences? A Comparative Analysis of Twelve Countries, The International Journal of Press/Politics, 25(2), pp. 169–195.

6 C.R. Sunstein (2009), Going to extremes: how like minds unite and divide, Oxford & New York: Oxford University Press; H.

Lamm & D.G. Myers (1978), Group-Induced Polarization of Attitudes and Behavior, Advances in Experimental Social Psychology, 11, pp. 145-195; K. Strandberg, S. Himmelroos & K. Grönlund (2019), Do Discussions in Like-Minded Groups Necessarily Lead to More Extreme Opinions? Deliberative Democracy and Group Polarization, International Political Science Review, 40(1), pp. 41-57.

7 C.R. Sunstein (2009), Going to extremes: how like minds unite and divide, Oxford & New York: Oxford University Press.

8 C.R. Sunstein (2009), Going to extremes: how like minds unite and divide, Oxford & New York: Oxford University Press; S.

Moscovici (1992), The Discovery of Group Polarization, in: D. Granberg & G. Sarup (Eds.), Social Judgment and Intergroup Relations (pp. 107 – 127), New York: Springer; H. Lamm & D.G. Myers (1978), Group-Induced Polarization of Attitudes and Behavior, Advances in Experimental Social Psychology, 11, pp. 145-195.

9 M. Brauer, C.M. Judd & M.D. Gliner (1995), The Effects of Repeated Expressions on Attitude Polarization during Group Discussions, Journal of Personality and Social Psychology, 68, pp. 1014-1029.

10 Zie bijvoorbeeld A. Abramowitz (2018), The Great Alignment. Race, Party Transformation, and the Rise of Donald Trump, New Haven & London, Yale University Press; A. Abramowitz (2010), The Disappearing Center: Engaged Citizens, Polarization, and American Democracy, New Haven, CT: Yale University Press; en M.J. Hetherington (2009), Review Article: Putting Polarization in Perspective, British Journal of Political Science, 39(2), pp. 413-448. Hoe ideologisch gepolariseerd de brede publieke opinie in de VS is, is onder Amerikaanse onderzoekers al lang voorwerp van debat. Antwoorden lijken af te hangen van wat onderzoekers meten en bij wie ze meten: bij de brede opinie of bij ‘partisans’, het geëngageerde electoraat of de mensen die zich bekennen tot een van de twee grote politieke partijen, de Democraten en de Republikeinen. Bij die partisans ziet Alan Abramowitz (2010) bijvoorbeeld dat ze er sinds enkele decennia steeds consistentere standpunten op nahouden ten aanzien van verschillende thema’s, zoals vraagstukken inzake culturele, economische en sociale zaken, en nationale veiligheid. Hoe consistenter deze ideologische posities, aldus Abramowitz, hoe sterker hun voorkeur voor een bepaalde politieke partij. Het gevolg is volgens hem dat Democratische kiezers in de loop van de laatste halve eeuw steeds meer geclusterd zijn geraakt aan de linkerzijde van het ideologische spectrum, en Republikeinen aan de rechterzijde van dat spectrum. Deze clustering en toegenomen ideologische consistentie hangen nauw samen met een fenomeen dat onderzoekers party sorting noemen. Tot in de jaren vijftig van de 20e eeuw vielen ideologie en partij-identificatie niet helemaal samen in Amerika. In beide partijen waren zowel progressieven (liberals) als conservatieven te vinden. Na de jaren zestig zette zich echter een diepgaande transformatie door die tot gevolg had dat ideologie en partijvoorkeur steeds meer gingen samenvallen: de Democraten zijn nu de partij van de progressieven, de Republikeinen van de conservatieven (Abramowitz (2018), p. 19-42). Hoewel het mogelijk is dat party sorting en ideologische clustering niet tot polarisatie leiden (in de zin van steeds toenemende afstand), is dat volgens Abramowitz in Amerika wel het geval: partisans groeien volgens hem steeds verder uit elkaar (Abramowitz (2018), p. 101-102).

11 A. Abramowitz (2018), The Great Alignment. Race, Party Transformation, and the Rise of Donald Trump, New Haven & London, Yale University Press, p. 8, 15 en 58.

12 L. Mason (2018), Uncivil Agreement. How Politics Became Our Identity, Chicago & London: Chicago University Press, p. 7-8; S.J.

Westwood, S. Iyengar, S. Walgrave, R.L. Leonisio, L. Miller & O. Strijbis (2018), The tie that divides: Cross-national evidence of

Eindnoten

Polarisatie, conflict en vrede: Geweldloos omgaan met tegenstellingen en spanningen the primacy of partyism, European Journal of Political Research, 57(2), pp. 333-354; J. McCoy & M. Somer (2019), Toward a

Theory of Pernicious Polarization and How It Harms Democracies: Comparative Evidence and Possible Remedies, The ANNALS of the American Academy of Political and Social Science, 681(1), pp. 234-271; en M. Somer & J. McCoy (2018), Déjà vu?

Polarization and Endangered Democracies in the 21st Century, American Behavorial Scientist, 62(1), pp. 3-15.

13 S. Iyengar, Y. Lelkes, M. Levendusky, N. Malhotra & S.J. Westwood (2019). The Origins and Consequences of Affective Polarization in the United States. Annual Review of Political Science, 22, p. 129-146.

14 B. Van Gorp, J. Van Hove, M. Figoureux & B. Vyncke (2020), Anders communiceren over migratie en vluchtelingen. Aan de slag met frames en counterframes, Leuven: KUL Institute for Media Studies, p. 10.

15 A.M. Enders & M.T. Armaly (2019), The Differential Effects of Actual and Perceived Polarization, Political Behavior, 41, p 815–

839.

16 A. Reiljan (2020), ‘Fear and loathing across party lines’ (also) in Europe: Affective polarisation in European party systems, European Journal of Political Research, 59(2), p. 376-396; en M. Wagner (2021), Affective polarization in multiparty systems, Electoral Studies, vol. 69.

17 Zie bijvoorbeeld S. Iyengar, Y. Lelkes, M. Levendusky, N. Malhotra & S.J. Westwood (2019). The Origins and Consequences of Affective Polarization in the United States. Annual Review of Political Science, 22, p. 129-146; en S.L. Moore-Berg, B.

Hameiri & E. Bruneau (2020), The prime psychological suspects of toxic political polarization, Current Opinion in Behavioral Sciences, 34, p. 199-200.

18 M. Somer & J. McCoy (2019), Transformations through Polarizations and Global Threats to Democracy, The ANNALS of the American Academy of Political and Social Science, 681(1), p. 13-14. Zie ook het denkkader van Bart Brandsma, dat deze dynamieken vat in drie wetmatigheden en vijf rollen (B. Brandsma (2016), Polarisatie. Inzicht in de dynamiek van wij-zij denken, BB in Media).

19 L. Mason (2018), Uncivil Agreement. How Politics Became Our Identity, Chicago & London: Chicago University Press, p. 4-6, 14;

en M. Motyl (2016), Liberals and Conservatives are (Geographically) Dividing, in: P. Valdesolo & J. Graham (Eds.), Social Psychology of Political Polarization (pp. 7-37), Londen & New York: Routledge.

20 Zie bijvoorbeeld J. Haidt (2013), The Righteous Mind. Why Good People are Divided by Politics and Religion, London: Penguin Books; en A. Waytz, R. Iyer, L. Young & J. Graham (2016), Ideological Differences in the Expanse of Empathy, in: P. Valdesolo

& J. Graham (Eds.), Social Psychology of Political Polarization (pp. 61-77), London & New York: Routledge.

21 Voor voorbeelden zie E. Klein (2020), Why We’re Polarized, London: Profile Books, p. 43-48.

22 J.W. Jackson (1993), Realistic Group Conflict Theory: A Review and Evaluation of the Theoretical and Empirical Literature, Psychological Record, 43, pp. 395-405.

23 H. Tajfel & J. Turner (1979), An integrative theory of intergroup conflict, in: W.G. Austin, & S. Worchel (Eds.), The social psychology of intergroup relations (pp. 33-47). Monterey: Brooks/Cole. Zie ook A. Al Ramiah, M. Hewstone & K. Schmid (2011).

Social Identity and Intergroup Conflict, Psychological Studies, 56, pp. 44 – 52.

24 M. Hewstone, M. Rubin & H. Willis (2002), Intergroup Bias, Annual Revue of Psychology, 53, pp. 575 – 604. Zie ook M. Motyl (2016), Liberals and Conservatives are (Geographically) Dividing, in: P. Valdesolo & J. Graham (Eds.), Social Psychology of Political Polarization, Londen & New York: Routledge, p. 19.

25 A. Al Ramiah, M. Hewstone & K. Schmid (2011). Social Identity and Intergroup Conflict, Psychological Studies, 56, pp. 44 – 52.

26 J. Greene (2014), Moral Tribes. Emotion, Reason, and the Gap Between Us and Them, New York: Penguin Books, p. 23, 26, 99, 293-94.

27 J. Haidt (2013), The Righteous Mind. Why Good People are Divided by Politics and Religion, London: Penguin Books, p. 61-108.

28 J.W. Jackson (1993), Realistic Group Conflict Theory: A Review and Evaluation of the Theoretical and Empirical Literature, Psychological Record, 43, pp. 395-405.

29 Voor een theoretisch schema over de verschillende escalatiefases van conflicten zie bijvoorbeeld F. Glasl (2015), Handboek Conflictmanagement, SWP, p. 193-304.

30 H. Tajfel & J. Turner (1979), An integrative theory of intergroup conflict, in: W.G. Austin, & S. Worchel (Eds.), The social psychology of intergroup relations (pp. 33-47). Monterey: Brooks/Cole.

31 M.B. Brewer (2001), Ingroup Identification and Intergroup conflict: When Does Ingroup Love Become Outgroup Hate?, in:

R.D. Ashmore, L. Jussim, & D. Wilder (Eds.), Social Identity, Intergroup Conflict and Conflict Reduction (pp. 17-41). Oxford: Oxford University Press. Zie ook M. Hewstone, M. Rubin & H. Willis (2002), Intergroup Bias, Annual Revue of Psychology, 53, pp. 575 – 604.

32 Danzell, Yeh & Pfannenstiel stellen bijvoorbeeld vast dat etnische polarisatie de waarschijnlijkheid van terroristisch geweld vergroot, maar dat dit verband vooral sterk is in contexten waar het economisch slecht gaat (O.E. Danzell, Y.-Y. Yeh & M.

Pfannenstiel (2016), Determinants of Domestic Terrorism: An Examination of Ethnic Polarization and Economic Development, Terrorism and Political Violence, pp. 536-558.

33 Zie bijvoorbeeld de tien stappen naar genocide van Gregory H. Stanton (2016): http://genocidewatch.net/genocide-2/8-stages-of-genocide/.

34 S.L. Moore-Berg, B. Hameiri & E. Bruneau (2020), The prime psychological suspects of toxic political polarization, Current Opinion in Behavioral Sciences, 34, p. 199-204. Zie ook J. McCoy & M. Somer (2019), Toward a Theory of Pernicious Polarization and How It Harms Democracies: Comparative Evidence and Possible Remedies, The ANNALS of the American Academy of Political and Social Science, 681(1), p. 245.

35 Zie B. Brandsma (2016), Polarisatie. Inzicht in de dynamiek van wij-zij denken, BB in Media.

Slotbeschouwing

36 Voor deze wisselwerking in een context van hardnekkige conflicten zie T. Orian Harel, I. Maoz & E. Halperin (2020), A conflict within a conflict: intragroup ideological polarization and intergroup intractable conflict, Current Opinion in Behavioral Sciences, 34, p. 52–57.

37 B. Spruyt, F. Van Droogenbroeck & J. van Noord (2018), Conflict thinking: Exploring the social basis of perceiving the world through the lens of social conflict, Social Science Research, 74, p. 17-18.

38 Y. van Drunen, B. Spruyt & F. Van Droogenbroeck (2021), The Salience of Perceived Societal Conflict in Europe: A 27 Country Study on the Development of a Measure for Generalized Conflict Thinking, Social Indicators Research, online.

39 B. Spruyt, F. Van Droogenbroeck & J. van Noord (2018), Conflict thinking: Exploring the social basis of perceiving the world through the lens of social conflict, Social Science Research, 74, p. 17-18.

40 M. Wagner (2021), Affective polarization in multiparty systems, Electoral Studies, vol. 69; en A. Reiljan (2020), ‘Fear and loathing across party lines’ (also) in Europe: Affective polarisation in European party systems, European Journal of Political Research, 59(2), pp. 376-396.

41 T. De Smedt, P. Voué, S. Jaki, M. Röttcher & G. De Pauw (2020), Profanity & Offensive Words (POW). Multilingual fine-grained lexicons for hate speech, Textgain technical reports TGTR3 en G. De Pauw, T. De Smedt en G. Van Beek (2020), Studierapport voortschrijdende polarisering in Nederlandstalige (Vlaamse) onlineberichten, Textgain.

42 R. Moernaut, J. Mast, M. Temmerman & M. Broersma (2020), Hot weather, hot topic. Polarization and sceptical framing in the climate debate on Twitter, Information, Communication & Society.

43 B. Van Gorp, J. Van Hove, M. Figoureux & B. Vyncke (2020), Anders communiceren over migratie en vluchtelingen. Aan de slag met frames en counterframes, Leuven: KUL Institute for Media Studies, p. 11.

44 B. Van Gorp, J. Van Hove, M. Figoureux & B. Vyncke (2020), Anders communiceren over migratie en vluchtelingen. Aan de slag met frames en counterframes, Leuven: KUL Institute for Media Studies, p. 61-62.

45 Zie de resultaten van ‘De Stemming’, een onderzoek in opdracht van VRT NWS en De Standaard uitgevoerd bij zo'n 2.000 Vlamingen door de universiteiten van Brussel en Antwerpen, onder leiding van Stefaan Walgrave (UA) en Jonas Lefevere (VUB): Fabian Lefevere, Mag uw dochter of zoon trouwen met iemand van andere partij? Velen zeggen: "Liever niet", zo blijkt uit

"De Stemming", vrt nws 24 mei 2021 (https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2021/05/21/mag-uw-dochter-of-zoon-trouwen-met-iemand-van-andere-partij-lie/).

46 M. De Waele (2020), Bevraging Radicalisering & Polarisering 2020, VVSG: Brussel, p. 15-19.

47 Er zijn verschillende definities en opvattingen mogelijk over wat democratie of democratisch betekenen. Wanneer we in het kader van deze nota spreken over ‘democratie’ of ‘democratisch’, dan hebben we het over een democratische rechtsorde waarin vrijheid, gelijkheid, pluralisme en de rechtstaat centraal staan.

48 Zie L. Mason (2018), Uncivil Agreement. How Politics Became Our Identity, Chicago & London: Chicago University Press, p. 6, 7, 15 en 101; en U. Peters (2021), How (Many) Descriptive Claims About Political Polarization Exacerbate Polarization, Journal of Social and Political Psychology, 9(1), p. 26.

49 J. McCoy & M. Somer (2019), Toward a Theory of Pernicious Polarization and How It Harms Democracies: Comparative Evidence and Possible Remedies, The ANNALS of the American Academy of Political and Social Science, 681(1), p. 236, 244; en M. Somer & J. McCoy (2018), Déjà vu? Polarization and Endangered Democracies in the 21st Century, American Behavorial Scientist, 62(1), p. 8.

50 RMO (2009) (red.), Polarisatie. Bedreigend en verrijkend, Amsterdam: SWP. De RMO werd per 1 januari 2015 opgeheven en is opgegaan in de Nederlandse Raad voor Volksgezondheid en Samenleving. Zie www.raadrvs.nl.

51 RMO (2009), Polariseren binnen onze grenzen.

52 K. Grönlund, K. Herne & M. Setälä (2015), Does Enclave Deliberation Polarize Opinions?, Political Behavior, 37(4), pp. 995-1020.

53 C.R. Sunstein (2009), Going to extremes: how like minds unite and divide, Oxford & New York: Oxford University Press.

54 A. Abramowitz (2010), The Disappearing Center: Engaged Citizens, Polarization, and American Democracy, New Haven, CT:

Yale University Press, p. 5.

55 M. Wagner (2021), Affective polarization in multiparty systems, Electoral Studies, vol. 69; en A. Reiljan (2020), ‘Fear and loathing across party lines’ (also) in Europe: Affective polarisation in European party systems, European Journal of Political Research, 59(2), p. 376-396; S. Iyengar, Y. Lelkes, M. Levendusky, N. Malhotra & S.J. Westwood (2019). The Origins and Consequences of Affective Polarization in the United States. Annual Review of Political Science, 22, p. 129-146. Zie ook A.

Roblain & E.G.T. Green (2021), From perceived polarization of immigration attitudes to collective action, International Journal of Intercultural Relations, 80, p. 119 die aangeven dat ook gepercipieerde polarisatie (in dit geval over migratie) samenhangt met politieke participatie en activisme.

56 M. Wagner (2021), Affective polarization in multiparty systems, Electoral Studies, vol. 69; en A. Reiljan (2020), ‘Fear and loathing across party lines’ (also) in Europe: Affective polarisation in European party systems, European Journal of Political Research, 59(2), p. 376-396.

57 S. Iyengar, Y. Lelkes, M. Levendusky, N. Malhotra & S.J. Westwood (2019). The Origins and Consequences of Affective Polarization in the United States. Annual Review of Political Science, 22, p. 129-146.

58 Hoewel ze de mogelijk positieve aspecten van polarisatie erkennen, gaan McCoy en Somer in hun werk vooral in op schadelijke polarisatie (M. Somer & J. McCoy (2018), Déjà vu? Polarization and Endangered Democracies in the 21st Century, American Behavorial Scientist, 62(1), p. 7-9; M. Somer & J. McCoy (2019), Transformations through Polarizations and Global Threats to Democracy, The ANNALS of the American Academy of Political and Social Science, 681(1), p. 10-11; J. McCoy & M.

Eindnoten

Polarisatie, conflict en vrede: Geweldloos omgaan met tegenstellingen en spanningen Somer (2019), Toward a Theory of Pernicious Polarization and How It Harms Democracies: Comparative Evidence and

Possible Remedies, The ANNALS of the American Academy of Political and Social Science, 681(1), p. 235).

59 Zie bijvoorbeeld FARO (2021), Het agonistische museum, Brussel: FARO.

60 Zie bijvoorbeeld A.C. Bull & H.L. Hansen (2016), ‘On agonistic memory’, Memory Studies, 9(4), p. 390–404.

61 Zie bijvoorbeeld C.W. Ruitenberg (2009), Educating Political Adversaries: Chantal Mouffe and Radical Democratic Citizenship Education, Studies in Philosophy and Education, 28(3), pp. 269-281.

62 C. Mouffe (2013), Agonistics: Thinking the World Politically, London & New York: Verso en C. Mouffe (1999), Deliberative Democracy or Agonistic Pluralism, Social Research, 66(3), pp. 745-758. In de literatuur blijft er een kritisch debat bestaan over agonistische benaderingen van democratische politiek; zie bijvoorbeeld E. Erman (2009), What is wrong with agonistic pluralism?: Reflections on conflict in democratic theory, Philosophy & Social Criticism, 35(9), p. 1039-1062.

63 Zie bijvoorbeeld J. Butler (2020), The Force of Nonviolence. An Ethico-Political Bind, London & New York: Verso.

64 L. Strömbom (2020), Exploring analytical avenues for agonistic peace, Journal of International Relations and Development, 23, pp. 1–23. Zie ook M. Lehti (2016), From Antagonism to Agonistic Peace: Rethinking Identities and Dialogic Transformation, Paper presented at the 57th ISA annual convention, Atlanta, Georgia.

65 Zie bijvoorbeeld de workshop Bringing Peacebuilding Home op het Stockholm Forum on Peace and Development, 4 mei 2021.

66 J.P. Lederach (2003), The Little Book of Conflict Transformation, New York: Good Books, p. 11.

67 J.P. Lederach (2003), The Little Book of Conflict Transformation, New York: Good Books, p. 3-4, 7, 15.

68 O. Ramsbotham (2010), Transforming Violent Conflict. Radical Disagreement, Dialogue and Survival, London & New York:

Routledge, p. 53.

69 J.P. Lederach (2003), The Little Book of Conflict Transformation, New York: Good Books, p. 3-4, 7, 15

70 K. Bickmore (2007), Taking Risks, Building Peace: Teaching Conflict Strategies and Skills to Students Aged 6 to 16+, in: H.

Claire & C. Holden (Eds.), The Challenge of Teaching Controversial Issues, Stoke on Trent (pp. 131 – 145), UK & Sterling, VA:

Trentham Books.

71 J. Verloove, R. van Wonderen & H. Felten (2020), Theorieën en aanpakken van polarisatie, Utrecht: Kennisplatform Integratie

& Samenleving.

72 Zie bijvoorbeeld B. Brandsma (2016), Polarisatie. Inzicht in de dynamiek van wij-zij denken, BB in Media en B. Van Gorp, J. Van Hove, M. Figoureux & B. Vyncke (2020), Anders communiceren over migratie en vluchtelingen. Aan de slag met frames en counterframes, Leuven: KUL Institute for Media Studies, p. 12.

73 U. Peters (2021), How (Many) Descriptive Claims About Political Polarization Exacerbate Polarization, Journal of Social and Political Psychology, 9(1), p. 31.

74 S. Iyengar, Y. Lelkes, M. Levendusky, N. Malhotra & S.J. Westwood (2019), The Origins and Consequences of Affective Polarization in the United States, Annual Review of Political Science, 22, p. 129-146.

75 In het kader van de contact- en categorisatietheorie wordt aangegeven dat het zoeken naar een overkoepelende identiteit die groepen kunnen delen, doeltreffend kan zijn, maar dat die in sommige gevallen ook van korte duur kan zijn,

bijvoorbeeld wanneer etnische categorisaties bijzonder sterk zijn of wanneer de tegenstellingen tussen groepen blijven polariseren. Zie N. Tausch, K. Schmid & M. Hewstone (2014), The Social Psychology of Intergroup Relations, in: G. Salomon &

E. Cairns (Eds.), Handbook on Peace Education (pp. 75-86). New York & Hove: Psychology Press; A. Al Ramiah, M. Hewstone &

K. Schmid (2011). Social Identity and Intergroup Conflict, Psychological Studies, 56, pp. 44 – 52; en E. Cuhadar & B. Dayton (2011), The Social Psychology of Identity and Inter-group Conflict: From Theory to Practice: Identity and Inter-group Conflict, International Studies Perspectives, 12, pp. 273 – 293.

76 Zie RMO (2009), Polariseren binnen onze grenzen, p. 54.

77 Zie RMO (2009), Polariseren binnen onze grenzen, p. 56.

78 Zie hierover bijvoorbeeld M. Temmerman, R. Coesemans & R. Harder (2020), Berichten in het grensgebied tussen opinie en haat: Een analyse van de communicatie van Vlaamse accounts op sociale media, Brussel: VUB, p. 7-8.

79 T. De Smedt, P. Voué, S. Jaki, M. Röttcher & G. De Pauw (2020), Profanity & Offensive Words (POW). Multilingual fine-grained lexicons for hate speech, Textgain technical reports TGTR3 en G. De Pauw, T. De Smedt en G. Van Beek (2020). Studierapport voortschrijdende polarisering in Nederlandstalige (Vlaamse) onlineberichten, Textgain.

80 M. Somer & J. McCoy (2019), Transformations through Polarizations and Global Threats to Democracy, The ANNALS of the American Academy of Political and Social Science, 681(1); J. McCoy & M. Somer (2019), Toward a Theory of Pernicious Polarization and How It Harms Democracies: Comparative Evidence and Possible Remedies, The ANNALS of the American Academy of Political and Social Science, 681(1).

81 M.B. Brewer (2001), Ingroup Identification and Intergroup conflict: When Does Ingroup Love Become Outgroup Hate?, in:

R.D. Ashmore, L. Jussim, & D. Wilder (Eds.), Social Identity, Intergroup Conflict and Conflict Reduction (pp. 17-41). Oxford: Oxford University Press.

82 Voor een conceptuele uiteenzetting over gewelddadige radicalisering en extremisme en een bespreking van de literatuur

82 Voor een conceptuele uiteenzetting over gewelddadige radicalisering en extremisme en een bespreking van de literatuur

In document Polarisatie, conflict en vrede (pagina 37-45)