Overzicht van den veestapel

In document N E D E R L A N D S C H - I N D I Ë OVER HET JAAR 1937 (pagina 110-113)

D e sterkte van den veestapel van Nederlandsoli-liidië einde 1936 en 1937 was als volgt :

Paardensiapel. D e paardenstapel in de residentie Timor en Onderhoorigheden was als handelsobject vooral van beteekenis t e n aanzien van Soemba en Soembawa, welke eilanden voornamelijk voorzagen in de groote vraag n a a r paarden op J a v a .

Op Soemba werden door een Arabischen paardenhandelaar in 1937 4 Austra-lische hengsten en 37 merries ingevoerd, waarbij d e doelstelling was oprichting van een volbloed Australische stoeterij.

Runderstapel. Niettegenstaande den vrij grootcn uitvoer van runderen uit de provincie Oost-Java naar Midden- en W e s t - J a v a , benevens de bijzonder groote runderslacht, onderging in eerstgenoemde provincie de sterkte van den runder-stapel geen noemenswaardige wijziging.

Op Bali en Lombok bleef de runderfokkerij voor d e n export van groote beteekenis.

I n d e residentie Timor en Onderhoorigheden en op Celebes n a m de animo voor de runderfokkerij gestadig toe.

Buffelstapel. Uitgezonderd op de Kleine Soenda-eilanden is de buffelstapel in geheel Nederlandsch-Indië in 1937 in sterkte achteruitgegaan.

I n do Buitengewesten, m e e r in h e t bijzonder in de residentie Timor _ en Onderhoorigheden, bleven buffels voor grondbewerking, als slacht- en lastdier, zoomede als handelsobject voor den uitvoer van groote beteekenis.

Kleinveestapel. De belangstelling v a n de inheemsche bevolking voor de gcitenfokkerij, m e d e t e n aanzien v a n de kruising m e t Etawah-geiten, was ook in 1937 zeer groot. D e vraag n a a r E t a w a h - b o k k e n was wederom belangrijk.

V a n belang voor de geitenfokkerij was ook in 1937 de afzet n a a r Singapore.

D e schapenteelt was van minder beteekenis. Op Lombok en in de af deeling Donggala (Celebes) worden voornamelijk v e t s t a a r t s c h a p e n geteeld, die voor de vleeschconsumptie van m e e r w a a r d e zijn.

Varkensstapel. Varkens bleven voor Bali, Lombok en Nias voor den export van groote beteekenis.

VEETEELT

Plvimvecstapel. D e pluimvcestapcl was voor de inheemsche bevolking van belang door den verkoop van slachtkippen en d e eierproductie, waarvan de opbrengst een welkome tegemoetkoming vormde in de kosten voor liet dagelrjksch levensonderhoud. Door E u r o p e a n e n worden hier en d a a r raskippen gefokt, waarbij weinig voordeel wordt behaald.

D e eendenfokkerij en d e productie van eendeneieren is van groot belang voor Bali en Lombok, de Noordkust van J a v a en sommige gebieden van S u m a t r a en Borneo.

Algemeene gezondheidstoestand. De gezondheidstoestand van d e n veestapel liet in 1937 niet t e wenschen over. De voedselvoorziening gaf geen aanleiding t o t moeilijkheden, uitgezonderd in de residentie Timor en Onderhoongheden tijdens den uitgesproken Oostmoesson, toen aldaar in sommige streken voedsel-en watergebrek heerschte, ovvoedsel-enwei zonder d a t tvoedsel-engevolge hiervan zich sterf-gevallen voordeden.

Veehandel De exporthandel van vee m o t h e t buitenland was in 1937 georiënteerd op d e Straits S e t t l e m e n t s . Uit Nederlandsch-Indië werd voor een waarde van f 2 287 845 aan vee uitgevoerd. D e waarde van d e n invoer v a n vee in Nedeiiandsch-Indië u i t h e t buitenland bedroeg f 111 393, zoodat h e t excédent

van den uitvoer f 2 176 452 bedroeg. _ D e volgende s t a a t geeft een nadere specificatie van den veehandel van

Nederlandsch-Indië m e t h e t buitenland.

D i e r s o o r t

Paarden Buffels Runderen

Bokken en geiten Wolvee

V a r k e n s

Pluimvee en ander eetbaar gevogelte Totaal . . . .

"Waarde in guldens van den invoer

61124

8 124 3 586 141 4 964 33 454

111393

den uitvoer

585 34 233 757 262 83 515 2 402 1 312 769

97 079

2 287 845

het uitvoer-overschot 60 539 34 233 749 138 79 929 2 261 - 1 307 805 + 63 625

+ + + +

+ 2 176 452

D e voornaamste van vee afkomstige producten, welke uit Nederlandsch-Indië werden uitgevoerd, waren :

E e t b a r e dierlijke v e t t e n

Bunder- en buffelhuiden, vellen van bokken, geiten on schapen B e e n d e r e n

H o e v e n , klauwen, pezen, t a n d e n (geen ivoor), enz H o r e n s van buffels en runderen

i 8 107 ü 722 817 14 927 3 330 5 972

108 DE ECONOMISCHE TOESTAND

D e binnenlandsche handel bewoog zich voornamelijk van h e t Oosten n a a r h e t W e s t e n , namelijk v a n de Kleine Soenda-eilanden naar J a v a en S u m a t r a en op J a v a van Oost- en Midden-Java n a a r W e s t - J a v a .

Borneo betrok slachtvee van Madoera, B a h , Lombok en Celebes.

V a n de Kleine Soenda-eilanden waren Soemba, Soembawa, Lombok en Bali voor den binnenlandschen veehandel ook in 1937 h e t m e e s t van belang.

D e veehandel is voor zoover betreft den uitvoer hoofdzakelijk in h a n d e n van Arabieren en Chineezen. I n h e t gewest Timor en Onderhoorigheden werd h e t vee ondershands verhandeld; slechts t e B a o e n (op het eiland Timor) werd bij wijze van proef in 1937 een v e e m a r k t geopend.

I n het algemeen was de veehandel in de residentie Timor en Onderhoorigheden in 1937 belangrijker dan in 1936; opmerkelijk was een zeer groote uitvoer van geiten n a a r Singapore.

I n tegenstelling m e t den handel in Timor en Onderhoorigheden, werd, h e t vee in de residentie Bali en Lombok hoofdzakelijk op de veepasars verhandeld.

Tengevolge van den grooteren export was ook in d i t gewest de veehandel in 1937 veel levendiger dan in 1936. Hierdoor waren in het algemeen ook de veeprijzen hooger.

U i t Celebes en Onderhoorigheden werd vee over zee uitgevoerd, namelijk buffels, runderen en varkens, b e s t e m d voor de slacht, van P a r é p a r é n a a r Samarinda en paarden van Makassar n a a r J a v a . De intra-gewestelijke veehandel bleef echter voor Celebes en Onderhoorigheden van grooter belang.

I n de residentie Zuider- en Oosterafdeeling van Borneo was de import van vee belangrijk. Ingevoerd werden runderen, buffels, geiten, schapen, varkens en kippen, welke voor de slacht waren bestemd.

Madoera, en ook h e t Java-gebied van de provincie Oost-Java, leverden belangrijke hoeveelheden slachtvee aan W e s t - J a v a , Borneo en S u m a t r a . De uitvoer u i t Madoera bedroeg in 1937 48 791 runderen, w a a r v a n 35 403 s t u k s voor J a v a waren bestemd. D e belangrijkheid van den veehandel in de provincie Oost-Java moge verder blijken u i t de volgende gegevens. V a n de groote v e e m a r k t Letjes, h e t m i d d e l p u n t van den veehandel in de r e g e n t s c h a p p e n Loemadjang en Probolinggo, werden in 1937 per trein n a a r Soerabaja, B a t a v i a en B a n d o e n g 6313 runderstieren vervoerd. U i t de residentie Madioen en Bodjonegoro werden n a a r Midden- en W e s t - J a v a per Staatsspoor verzonden 1946 runderen en 2764 buffels. L a n g s den weg werden via de v e e m a r k t t e Ngawi (res. M a d i o e n ) , w a a r h e e n de stroom slachtvee uit de residenties Madioen, Kediri en Bodjonegoro wordt geleid, n a a r Sragen (Solo) uitgevoerd 14 060 runderen en 7524 buffels.

I n 1937 werden voor h e t eerst r u n d e r e n per Koninklijke P a k e t v a a r t Maat-schappij uitgevoerd van P a n a r o e k a n (res. Bondowoso) naar Bandjermasin (1091 s t u k s ) .

Verder werden u i t Toeban (res. Bodjonegoro) over zee n a a r Borneo, B a n g k a en Billiton 1045 runderen verzonden.

Te Soerabaja en de Oostelijk hiervan gelegen grootere kustplaatsen worden uit Bali in grooten getale slachtvarkens geïmporteerd.

I n de provincie W e s t - J a v a bleef d e invoer van rundoren en buffels over zee t e Tandjoengpriok en Cheribon vrijwel gelijk aan dien in 1936; de import van paarden n a m echter m e t ruim 150 % toe.

D e uitvoer van vee u i t W e s t - J a v a (Tandjoengpriok, Cheribon, Merak en Bodjonegara) vertoonde in 1937 een belangrijke stijging in vergelijking m e t 1936.

D e overscheep t e Tandjoengpriok n a a r S u m a t r a - en Borneo-havens n a m voor runderen m e t 70 % en voor buffels en geiten m e t 300 % toe, hetgeen wordt toegeschreven aan de economische opleving in de Buitengewesten, vooral in de rubberstreken.

H e t gewest Atjeh en Onderhoorigheden voerde, behalve n a a r de Oostkust vna S u m a t r a , m e d e vee uit n a a r de Straits S e t t l e m e n t s : n a a r P e n a n g werden 1252 runderen, 725 buffels, 9828 geiten en 416 schapen verscheept.

D e uitvoer van varkens van h e t eiland Nias n a a r h e t vasteland van S u m a t r a (Sibolga, Medan en P a d a n g ) bedroeg 7552 stuks.

D e prijzen van vee en veeteeltproducten zijn in 1937 over het algemeen gestegen.

D e volgende s t a a t geeft een overzicht van de vleeschprijzen einde 1937.

Soerabaja . S e m a r a n g . Batavia . . Bandoeng . S o e r a k a r t a . Makassar . Medan . .

Rundvleesch

1 kati f 0,15 à f 0,30 1 „

1 „ 1 kg 1 kati 1 „ 1 .

0,275 0,30 0,30 0,15 0,23 0,55

0,30 0,50 0,45 0,275 0,53 1,65

Buffelvleesch 1 kati f 0,15 à f 0,20 1 „

1 • 1 kg 1 kati 1 . 1 .

0,25 0,25 0,30 0,12 0,105 0,35

0,425 0,45 0,225 0,285 0,40

In document N E D E R L A N D S C H - I N D I Ë OVER HET JAAR 1937 (pagina 110-113)